Nieuwsuur
Nieuwsuur

Zorgverleners hadden in de eerste twee maanden van de uitbraak van het coronavirus veel vaker getest kunnen worden. In maart en april waren er veel meer coronatests beschikbaar dan er werden gebruikt, blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur. Als er vaker was getest had dat volgens betrokkenen veel besmettingen en doden kunnen schelen.

Duizenden tests bleven op de plank liggen. In de afgelopen maanden heeft het kabinet in debatten, briefings en interviews juist steeds herhaald dat er te weinig testcapaciteit was, onder meer door gebrek aan materialen. Nieuwsuur vroeg daarom alle 55 laboratoria die door het RIVM zijn goedgekeurd om te testen op corona, naar hun direct beschikbare capaciteit in maart en april.

Ruim 30 labs reageerden op de vragen en leverden informatie aan. Uit die gegevens blijkt dat in maart maar de helft van de beschikbare tests is gebruikt. In april daalde dit zelfs naar 30 procent.

Bekijk hieronder een reconstructie van de afgelopen maanden en hoe betrokkenen reageren op de beschikbare testcapaciteit:

Arts-microbioloog Edwin Boel bevestigt dat er tests onbenut bleven. Als teamleider van het Landelijk Coördinatieteam Diagnostische Keten coördineert hij de testcapaciteit in Nederland. "Ik heb gezien dat er minder getest is dan er capaciteit was."

"Dat heeft te maken met beleid, volgens mij. De ervaring van een groot aantal laboratoria is voortdurend geweest van 'hé, we hebben eigenlijk nog wel meer capaciteit'."

'Dit is geen wijsheid achteraf'

Zorgbestuurders verbazen zich al maanden over de gebrekkige mogelijkheden om zorgpersoneel en patiënten te testen, terwijl ze van laboratoria horen dat er genoeg capaciteit is. "Dit is geen wijsheid achteraf", zegt Peter Hoppener van de Brabantse zorgorganisatie Vivent. "De capaciteit van de laboratoria is gewoon bekend. Dus dat had geen verrassing moeten zijn."

"En het feit dat corona juist in de verpleeghuizen en in de wijkverpleging voorkomt, was ook al bekend. En die twee dingen samen plus het bewust niet testen van verpleeghuispersoneel, dat vind ik een schande." Voor zijn eigen medewerkers kocht Hoppener uiteindelijk zelf rechtstreeks tests in bij een lab.

In wezen veroordeel je een afdeling tot corona.

Peter Hoppener, zorgorganisatie Vivent

Niet alleen zorgbestuurders volgden de ontwikkelingen met verbazing. Verschillende laboratoria zeggen tegen Nieuwsuur niet te begrijpen waarom ze niet zijn ingezet. "Ik dacht telkens 'gebruik ons nou'", zegt directeur Esther Talboom van het Utrechtse lab Saltro. "Want we zijn er, we doen testen, we hebben een logistiek netwerk met normaal gesproken 200 locaties en we bezoeken mensen aan huis en alle kwetsbare patiënten. Geef ons een rol."

Buikpijn van persconferenties

Haar collega Jeroen Bos van het Rotterdamse lab Star-SHL heeft dezelfde ervaring. "We waren binnen een paar dagen goedgekeurd door het RIVM en konden starten. Maar de aantallen bleven fors achter bij onze verwachting. We konden meer dan het dubbele aantal tests doen dan van ons werd gevraagd."

De persconferenties waarin telkens werd gesproken over capaciteitstekort bekeek Bos "met enige buikpijn". "Bij mij stond iedereen klaar om 24/7 te draaien. Het is dan heel vervelend dat je het werk wat er wel is, niet kunt doen."

Onnodige doden

De gevolgen voor zorgorganisaties zijn groot, zegt Hoppener van Vivent. Doordat weinig werd getest, was vaak niet duidelijk of er besmette patiënten of bewoners waren die geïsoleerd moesten worden. "Als je voldoende testen had gehad, had je de mensen individueel kunnen verplegen. Nu veroordeel je eigenlijk op zo'n moment een afdeling tot corona."

Daarnaast zorgde het gebrek aan tests voor veel stress onder personeel, dat in onzekerheid bleef over de aanwezigheid van het virus op hun afdeling. "Meer testen had besmettingen in onze tehuizen kunnen voorkomen", zegt Hoppener. "En daarmee dus ook doden."

Testcoördinator Edwin Boel zegt nu dat er ook in verpleeghuizen meer getest had kunnen worden. "En of dat georganiseerd had kunnen worden? Waarschijnlijk wel, ja."

'Te stevige conclusies'

Minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid zegt in een reactie dat begin maart de testmogelijkheden beperkt waren, ook voor langere tijd, door grote onzekerheid over levering van voldoende materialen.

Dat er meer doden zijn gevallen omdat er minder werd getest, vindt De Jonge een 'te stevige conclusie'. "Dat zal je echt rustig moeten evalueren als je voldoende afstand hebt ten opzichte van de afgelopen weken. Ik denk dat dit soort conclusies niet te onderbouwen zijn."

Daarnaast adviseerde het Outbreak Management Team volgens De Jonge om terughoudend te testen vanwege materiaalschaarste. Vanaf eind maart werd het testbeleid opgeschaald, zegt de minister, maar het bleef onzeker of er voldoende capaciteit was om sneller uit te breiden.

STER reclame