Groot aantal nieuwe dure geneesmiddelen op komst

Strensiq (Asfotase alfa), het duurste nieuwe medicijn dat eraan komt Alexion
Geschreven door
Rinke van den Brink
Redacteur gezondheidszorg

Er is een groot aantal nieuwe dure geneesmiddelen op komst. Tegelijk zijn er veel nieuwe toepassingen aangevraagd voor dure geneesmiddelen die al op de markt zijn. Dat blijkt uit een overzicht van het Zorginstituut Nederland (ZIN).

De komst van de nieuwe middelen en de uitbreiding van bestaande indicaties gaat leiden tot een forse stijging van de uitgaven aan dure geneesmiddelen. Het zou in de komende paar jaar om honderden miljoenen euro's kunnen gaan. Precieze bedragen zijn niet te noemen.

Dat hangt er bijvoorbeeld van af hoe snel het Zorginstituut de dossiers afhandelt, waarmee de aanvraag wordt gedaan voor de opname van medicijnen in de basisverzekering. Maar ook de beslissing over toelating van nieuwe middelen of nieuwe indicaties voor bestaande middelen speelt mee. In veel gevallen gaat het bij de nieuwe middelen om medicijnen waarvoor geen alternatief bestaat.

Geheime onderhandelingen

Nu al staat vast dat sommige middelen zo duur zijn dat het Zorginstituut de minister zal adviseren om ze niet toe te laten, voordat in geheime onderhandelingen een fikse prijsverlaging bewerkstelligd wordt. Of daarbij echt kortingen gegeven worden of dat fabrikanten rekening houden met de onderhandelingen en hun prijzen eerst verhogen, zodat ze vervolgens korting kunnen geven, is trouwens niet duidelijk.

Bij het Zorginstituut is de afgelopen tijd de irritatie toegenomen over het gebrek aan openheid vanuit de farmaceutische industrie over de totstandkoming van de prijzen van geneesmiddelen.

De industrie verklaart de hoge prijzen van medicijnen die op de markt komen met een verwijzing naar de talrijke middelen waarvan de ontwikkeling mislukt, terwijl er veel geld in is gestoken.

Het Zorginstituut beoordeelt of een middel wel of niet te duur is aan de hand van de prijs van een zogeheten QALY, dat is een extra levensjaar in goede gezondheid voor een patiënt. Die prijs wordt niet alleen bepaald door de prijs van een geneesmiddel. Ook de kosten van de behandeling die de patiënt krijgt - bijvoorbeeld ziekenhuisopnames of MRI-scans - tellen daarbij mee.

Kankermiddelen

Vooral nieuwe middelen tegen kanker en uitbreiding van de toepassing van een aantal kankergeneesmiddelen die al in de basisverzekering zitten, gaan effect hebben op de uitgaven aan geneesmiddelen.

Voor het middel atezoluzimab, dat de werking van eiwitten remt waardoor het eigen immuunsysteem weer tumoren kan aanvallen, zijn zeven nieuwe indicaties aangevraagd. Als die allemaal worden toegekend én de vergoeding ervan in de basisverzekering komt, kost dat jaarlijks meer dan honderd miljoen euro extra.

Voor een zelfde type middel, pembrolizumab, gaat het om veertien nieuwe indicaties en totale kosten die kunnen oplopen tot een slordige 250 miljoen per jaar.

De kosten van medicijnen die kankerpatiënten krijgen lopen extra op, omdat steeds vaker gebruikgemaakt wordt van combinatietherapieën waarbij patiënten twee dure middelen krijgen.

Spierziekten

Ook middelen tegen spierziekten zijn vaak duur. Een nieuwe gentherapie voor een klein aantal patiënten met een bepaalde variant van de spierziekte SMA kan op jaarbasis in totaal een kleine veertig miljoen euro gaan kosten. Het middel pegvaliase tegen een zeldzame erfelijke stofwisselingsziekte kost voor alle patiënten samen 16 miljoen euro per jaar.

Het overzicht van het Zorginstituut bevat in totaal 150 zogenoemde weesgeneesmiddelen, medicijnen om heel zeldzame ziekten te behandelen.

Tegenover alle nieuwe dure geneesmiddelen die erbij komen, loopt elk jaar van een aantal andere het patent af, zodat veel goedkopere generieke varianten op de markt kunnen komen. Maar voor middelen die zijn bedoeld voor heel kleine patiëntengroepen, vaak weesgeneesmiddelen, komen er in veel gevallen geen goedkopere alternatieven op de markt.

STER Reclame