Nieuwsuur

​Syriërs in Turkije: tussen hoop en wanhoop

Nieuwsuur
Geschreven door
Lucas Waagmeester
correspondent Turkije

Achter prikkeldraad in de haven van Dikili hangt een groepje mensen rond. Op plastic stoeltjes, of zittend op de grond. Ze zijn de afgelopen nacht van zee gehaald door een schip van de Turkse kustwacht. Het zijn allemaal Syriërs. Hun oversteek naar Lesbos is mislukt. Maar hun poging is tekenend: de wens om Europa te bereiken, leeft nog altijd.

Overeenkomst

De Turkse stad Izmir was in 2014 en 2015 de springplank voor vluchtelingen en economische migranten, voor de oversteek naar Griekenland. Totdat de Europese Unie anderhalf jaar geleden een overeenkomst sloot met Turkije om vooral de doorvoer van vluchtelingen uit Syrië naar Europa in te dammen.

Met als resultaat dat nu meer dan 3,2 miljoen Syrische oorlogsvluchtelingen in Turkije verblijven. Een paar honderdduizend in kampen, de overgrote meerderheid in de steden verspreid over het land.

​Syriërs in Turkije: tussen hoop en wanhoop

Lucas Waagmeester ging terug naar de twee Turkse grenzen die een hoofdrol speelden in de vluchtelingencrisis. De grens met Syrië, waar de vluchtelingen binnenkwamen. En de westelijke kust tegenover de Griekse eilanden.

De afgelopen twee maanden is een duidelijke stijging te zien in het aantal mensen dat oversteekt van Turkije naar de Griekse eilanden. In augustus en september 2017 kwamen 3500 mensen aan land in Griekenland. Sinds de vluchtelingendeal in maart 2016 werd gesloten, is dat een record.

Op 21 augustus kwamen 513 mensen aan. Dat is de piek van 2017, maar nog altijd niet te vergelijken met de aantallen in 2015, toen op 20 oktober meer dan tienduizend mensen op één dag overstaken. Van de aankomsten deze zomer is nog altijd verreweg de grootste groep vluchteling van de oorlog in Syrië. Daarnaast zijn er veel economische migranten die oversteken; uit Afrikaanse of Aziatische landen. Dit verhaal gaat alleen over Syrische vluchtelingen.

Sommigen van hen bouwen met succes door aan hun toekomst, anderen zijn vervallen in armoede en wachten op betere tijden. Maar aan beide kanten van het spectrum is er anderhalf jaar na de vluchtelingendeal kritiek en teleurstelling over Europa.

Wachttorens

Turkije legde afgelopen maand langs z'n grens met Syrië de laatste hand aan een 600 kilometer lange muur. Compleet met prikkeldraad, camera's, warmtesensoren en wachttorens vormt die de nieuwste barrière tussen de voortwoekerende oorlog in Syrië en het Turkse Zuid-Oosten.

Turkije kreeg lang het verwijt dat het een toegangspoort was voor vluchtelingen, strijders en smokkelaars. De bouw van de muur is onderdeel van een project van de Turkse overheid om dat onder controle te krijgen. Ook op de grens met Irak en Iran wordt gewerkt aan een grensmuur.

Het idee van medemenselijkheid - die visies waar Europa op is gebouwd - viel in duigen toen ze hun deuren dichtgooiden.

Yahia, Syrische student in Turkije

Nadin vluchtte weg uit Syrië nadat haar broer omkwam. Het was een teken dat blijven niet meer ging. Ze stond op het punt om af te studeren aan de Universiteit van Aleppo. De dag nadat haar broer overleed had ze twee belangrijke tentamens. "Ik kon me niet concentreren, ik huilde alleen maar. Toen heb ik besloten hierheen te gaan."

De 23-jarige biologie-studente is een van de tweeduizend Syriërs die op de Universiteit van Gaziantep in Zuid-Turkije de kans krijgen hun studie te vervolgen. Het is een gezamenlijke inspanning van de universiteit, die de verblijfskosten van de studenten voor z'n rekening neemt, en het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken, dat voor een deel van de studenten het collegegeld financiert.

Desondanks hebben de studenten geen positieve gevoelens over Europa. "Geld geven is fijn, ik ben daar heel erg dankbaar voor. Maar toch voelt het alsof we op afstand worden gehouden", zegt Yahia, student Engelse literatuur in Gaziantep. "Het idee van medemenselijkheid, die visies waar Europa op is gebouwd, viel in duigen toen ze hun deuren dichtgooiden."

Nadin: Ik voel me in de steek gelaten door Europa

Nadin voelt dat ook zo. "Turkije is grenzeloos gastvrij, maar Europese landen willen de aantallen beperken en alleen bepaalde elitegroepen huisvesten", zegt ze. Volgens haar vriendin Walaa, die architectuur studeert, voelen Syriërs in Turkije zich afgewezen door Europa. "Alsof we niet geaccepteerd worden. Terwijl wij een bijdrage kunnen leveren."

Basmane

Aan de andere kant van Turkije, in de westelijke havenstad Izmir, is het beeld heel anders. De naar schatting driehonderdduizend Syriërs die hier zijn neergestreken, kwamen overwegend met het plan om Griekenland te bereiken. Deze groep bleef hier steken. Omdat het geld op was of omdat Europa de grens dicht gooide.

"Het is hier totaal veranderd", vertelt hulpverlener Yalcin Yanik, wandelend door de oude stadswijk Basmane. "De huizen zijn in waarde gestegen. Zelfs in de bouwvallen, de slechtste huizen, zitten nu mensen." Hij wijst op de dicht op elkaar gebouwde, gare panden, geen elektriciteit, geen water, maar er wonen wel Syriërs.

Het is nogal triest dat jullie het een op akkoordje hebben gegooid met Turkije over mensen en over menselijkheid.

Mustafa Tosun, burgemeester Dikili

Volgens Yanik is voor veel Syriërs in Izmir een goede woning nog altijd de eerste zorg. En werk is een probleem. "Veel mensen werken wel, maar ze zijn zeer gevoelig voor uitbuiting", vertelt Yanik. En dat gebeurt dus ook op grote schaal. "Mensen werken zonder papieren, er is kinderarbeid."

Basmane was in 2014 en 2015 de plek in Izmir waar de overtocht naar Lesbos, Chios of Samos gekocht kon worden. Het wemelde van de smokkelaars, werkplaatsjes waar rubberboten gemaakt werden en winkels voor reddingsvesten. Die miljoenenhandel is nu minder zichtbaar, maar niet verdwenen.

Drama

Dat blijkt uit cijfers van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR: in augustus en september maakten weer gemiddeld tweehonderd mensen per dag de oversteek. Tegen zo'n vijftig per dag in de maanden ervoor. Dat komt overeen met het beeld in Dikili, een kustplaatsje boven Izmir. "Vanuit hier is Lesbos het dichtstbij, de aantallen nemen weer toe", zegt burgemeester Mustafa Tosun.

De burgemeester zag in de afgelopen jaren het hele drama aan zich voorbij trekken. Zijn regering doet veel, zegt hij, "maar dit probleem is te groot voor Turkije". "Veel mensen zijn niet geregistreerd en leven op straat. Het is onbekend of ze allemaal onderwijs krijgen", zegt hij.

"Europeanen zijn nogal gevoelig over mensenrechten. Dan is het nogal triest dat jullie het op een akkoordje hebben gegooid met Turkije over mensen en over menselijkheid."