ANP

De begeleiders van een overleden undercoveragent kunnen volgens het Openbaar Ministerie niet worden verhoord in de strafzaak tegen een verdachte van cocaïnehandel. Ze zouden daar mentaal niet toe in staat zijn.

De politie zette langere tijd een infiltrant in voor het onderzoek naar een vermoedelijke drugshandelaar uit Zevenbergschen Hoek. De agent beroofde zich gedurende deze undercoveroperatie van het leven, wat leidde tot een zeer kritisch rapport over de werkwijze van de politie.

Een maand geleden werd de rechtszaak tegen de verdachte uitgesteld om de begeleiders van de undercoveragent te kunnen ondervragen. Zij zouden mogelijk kunnen vertellen in hoeverre er sturing is gegeven aan het undercovertraject.

Eerder werden al drie leidinggevenden gehoord, maar die bleken geen flauw idee te hebben van het verloop van de undercoveractie. Daarom gaf de rechtbank opdracht om deze week de drie directe begeleiders van de infiltrant te horen.

Te zwaar

Volgens het OM is dat voor hen te zwaar. Zij hebben nog altijd veel last van de gebeurtenis en een getuigenverhoor zou daarom te belastend te zijn. De officieren van justitie hebben gevraagd om de getuigenverhoren om gezondheidsredenen te schrappen.

Maar de rechter vindt dat twee van de drie begeleiders wel degelijk ondervraagd kunnen worden. Alleen een begeleider die kort betrokken was bij de zaak hoeft niet te getuigen.

De advocaten in de zaak stellen dat het OM op alle mogelijke manieren probeert om het verloop van de undercoveractie in de doofpot te houden. De verdediging heeft felle kritiek op het undercovertraject omdat er regels zouden zijn overtreden. Daarom gaat wat hen betreft de hele strafzaak van tafel.

De Brabantse drugszaak draait om de invoer van zo'n 1300 kilo cocaïne. De politie kocht het huis naast de verdachte en plaatste daar meer dan een jaar een infiltrant om corruptie in de haven te achterhalen. Uiteindelijk werd de druk van het werk hem te veel.

STER reclame