Minister: opmars buitenlandse student nog geen groot probleem

time icon Aangepast
ANP

Minister Van Engelshoven ziet geen aanleiding om hard in te grijpen om de opmars van Engels en buitenlandse studenten in het mbo en hoger onderwijs te stoppen. In een brief aan de Kamer schrijft ze dat er geen sprake is van verdringing van Nederlandse studenten. Ook benadrukt ze dat internationalisering een belangrijke meerwaarde heeft.

Tegelijkertijd erkent de onderwijsminister de risico's en daarom wil ze de wet aanpassen om in te kunnen grijpen als de balans zoek dreigt te raken in de verhouding Nederlandse en buitenlandse studenten. Maar "het beeld dat Nederlandse studenten op grote schaal niet meer kunnen studeren waar ze willen door een enorme toestroom van internationale studenten klopt dus niet", schrijft de minister.

Volgens haar moet Nederland als klein land over de grenzen durven kijken. "We moeten ons niet bang laten maken over verhalen dat internationalisering iets negatiefs is dat over ons wordt uitgestort." In een toelichting zegt ze tegen de NOS dat de Nederlandse kenniseconomie internationale studenten hard nodig heeft.

Ze noemt daarbij bedrijven als chipmachinefabrikant ASML, die "zitten te springen om hooggekwalificeerde werknemers". Met het oog op de vergrijzing heeft Van Engelshoven de hoop dat internationale studenten in de toekomst gaten kunnen vullen op de arbeidsmarkt.

Keuze voor Engels verantwoorden

Wel wil ze voorkomen dat Nederlands als taal in de wetenschap in de toekomst verdrongen wordt. Daarom moeten onderwijsinstellingen gaan onderbouwen waarom Engels een meerwaarde heeft.

Ze gaat daarbij bekijken of het in het belang is van de Nederlandse arbeidsmarkt en van de Nederlandse student, en of er nog een Nederlandstalige opleiding overblijft. "Ik wil instrumenten om daarin te sturen. Die heb ik nu te weinig en daarom wil ik de wet aanpassen." De Inspectie van het Onderwijs moet toezien op naleving ervan.

Cijfers: verdubbeling buitenlanders

In het collegejaar 2017-2018 waren er ruim 75.000 internationale studenten in Nederland: 48.513 bij universiteiten, 27.926 bij hogescholen. Over de afgelopen tien jaar is sprake van een verdubbeling, mede door het toenemende aantal opleidingen dat wordt aangeboden in het Engels. De meeste buitenlandse studenten zijn te vinden bij universitaire masters (23 procent). In de bachelorfase van universiteiten is dat percentage 14 procent. In het hbo-onderwijs zijn de percentages buitenlandse studenten in de bachelor- en masterfase respectievelijk 6 en 17.

Steenkolenengels

De afgelopen jaren klinkt steeds meer kritiek op de opmars van buitenlandse studenten in het Nederlandse onderwijs, en op de invoering van Engels als voertaal. De Landelijke Studentenbond LSVb bepleitte eerder een tijdelijke stop. Volgens de bond dreigen buitenlandse studenten Nederlanders te verdrukken bij studies met een maximumaantal studenten. Ook vraagt de LSVb zich af waarom een studie in het Engels moet zijn als studenten uiteindelijk in het Nederlands hun vak gaan uitoefenen. Bijkomend probleem is het "steenkolenengels" van sommige docenten, aldus de studentenbond.

Universiteiten en hogescholen zeiden aanvankelijk niets te voelen voor zo'n stop, maar vorige maand vroegen ze om de mogelijkheid te krijgen de instroom van buitenlandse studenten te reguleren. Dat kan onder meer door een numerus fixus (verloting van een beperkt aantal plaatsen) in te stellen voor Engelstalige opleidingen. Op die manier blijft meer plek over voor Nederlandse studenten. Ook stelden ze zich ten doel dat er altijd voldoende Nederlandstalige opleidingen blijven en moeten docenten hun Engels opkrikken tot minimaal taalniveau C1.

Niet iedereen is er gerust op dat instellingen het probleem serieus nemen. De vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) maakte vorige maand bekend de Universiteit Maastricht, de Universiteit Twente en de Inspectie van het Onderwijs voor de rechter te dagen. BON stelt dat er zonder goede reden in het Engels college wordt gegeven; de inspectie zou onvoldoende handhaven.

Opleidingstaal in percentages, uitgesplitst naar bachelor en master

Minister Van Engelshoven meent dat het wel meevalt met de opmars van Engels. De universitaire masters vormen volgens haar een uitzondering (15 procent daarvan is in het Nederlands). Het beeld dat veel Nederlandse studenten niet meer kunnen studeren waar ze willen is volgens haar onjuist. Om dat te onderstrepen zegt Van Engelshoven dat ze ervoor zal zorgen dat "er altijd plek is in het hoger onderwijs voor iedere Nederlandse student, en dat er voldoende opleidingen in het Nederlands worden aangeboden".

STER Reclame