AFP

De Amerikaanse president Obama sprak van een rode lijn in Syrië. Trump heeft het nu over een hoge prijs voor het 'beest Assad'. Maar alle ferme taal ten spijt worden chemische aanvallen in het land nauwelijks bestraft.

Bij de aanval van zaterdag in Douma kwamen volgens berichten uit het gebied zeker veertig mensen om het leven, sommige bronnen hebben het over meer dan zeventig doden. Zo'n 500 mensen hadden medische hulp nodig nadat ze in aanraking waren gekomen met een onbekende stof, mogelijk chloor.

Het is ongebruikelijk dat er zoveel slachtoffers vallen, maar chemische aanvallen komen vaker voor in Syrië en halen niet altijd het nieuws. Volgens de VN werden er alleen sinds het aantreden van Donald Trump, 20 januari vorig jaar, zeker zeven keer chemische wapens ingezet, elke keer door het Syrische regime. In totaal vielen daarbij tientallen doden en honderden gewonden.

In het verleden weet Trump de aanhoudende aanvallen aan de besluiteloosheid van Obama. "Als Obama zijn Rode Lijn In Het Zand over was gegaan, was deze Syrische ramp allang afgelopen. Het beest Assad zou verleden tijd zijn geweest", twitterde hij gisteren nog eens.

Obama trok die rode lijn in een persconferentie in 2012, waar hij werd gevraagd wanneer hij het leger zou inzetten in Syrië. "Chemische en biologische wapens mogen niet in de verkeerde handen vallen", zei de president toen. "Als die worden ingezet, verandert dat de zaak."

Een jaar later volgde een cruciaal moment: de eerste gifgasaanval van de burgeroorlog. In de buurt van Damascus kwamen ruim duizend mensen om het leven door raketten met zenuwgas sarin. De wereld wachtte af of Obama zijn belofte zou waarmaken.

Het Amerikaanse Congres had echter geen zin Amerikaanse levens en dollars op het spel te zetten. Rusland bleef achter bondgenoot Syrië staan, dus een VN-missie kon op een veto in de Veiligheidsraad rekenen. De druk op de president nam toe om een compromis te zoeken.

Ook Trump, destijds nog slechts een vastgoedmagnaat/realityster was in de ene na de andere tweet uitgesproken tegen. "Wat heeft de VS te winnen?", vroeg hij zich in kapitalen af.

Na maanden spanning kozen Obama en Assad eieren voor hun geld: er werd afgesproken dat Syrië zijn chemische wapens zou opgeven. Onder internationaal toezicht, geleid door de huidige minister Kaag, werden wapeninstallaties ontmanteld, 1300 ton chemicaliën onschadelijk gemaakt en sensoren geïnstalleerd om herhaling te voorkomen. Kaag noemde de missie ongeëvenaard.

Syrië hield zich enkele jaren koest. Vanaf mei 2015 waren er echter weer berichten over de inzet van chemische wapens. Het ging vooral om aanvallen met chloorgas, wat niet onder de VN-afspraken valt omdat het ook civiele toepassingen kent. Om de paar weken vielen er hier en daar in het land kleine aantallen doden en gewonden.

Het was allemaal nauwelijks voldoende om de aandacht van de wereld te krijgen, laat staan dat ingrijpen werd geëist. Bovendien is de situatie in het land zo onoverzichtelijk dat het verzamelen van bewijsmateriaal en het snel bepalen van een dader schier onmogelijk is.

Tomahawks

Dat veranderde een jaar geleden, toen er op 4 april een aanval werd uitgevoerd op Khan Sheikhoun. Het was de eerste keer dat president Trump te maken kreeg met de rode lijn van zijn voorganger. Zo'n honderd mensen kwamen om, beelden van slachtoffers in doodsangst gingen de wereld over.

Trump besloot ruim vijftig Tomahawk-raketten af te vuren op de luchtmachtbasis die was gebruikt voor de chemische aanval. De boodschap was duidelijk: Trump wilde daadkrachtiger optreden dan zijn voorganger, maar nog altijd zijn handen niet vuil maken aan een grondoorlog.

De vraag is of Trump inmiddels tot een andere conclusie is gekomen. Zijn tweets over een "hoge prijs" die Syrië, Rusland en Iran moeten betalen voor de gifgasaanval lijken haaks te staan op zijn wens de Amerikaanse aanwezigheid in het land te verminderen. Er zijn momenteel zo'n 2000 Amerikaanse militairen in het land.

"Ik ben er altijd tegen geweest", herhaalde hij nog geen week geleden zijn standpunt over militair ingrijpen in Syrië. "We schoppen IS er nu verrot, we zullen Syrië snel verlaten. Echt snel. Laten anderen het nu maar eens oppakken."

Lichamen na de aanval in Douma AFP

Hoe hoog de prijs is die Syrië moet betalen, en wat Trump bereid is daarvoor op het spel te zetten, is aan de Amerikaanse president. Zal hij de tegenwerking van Rusland, een cruciale bondgenoot van Assad, in de VN omzeilen? Er zijn al speculaties dat Israël, misschien met stilzwijgend goedkeuren van de VS, achter de nieuwe aanval op Syrië zit.

Het Syrische volk wacht af of zijn antwoord echt verlichting kan brengen. Gezien het verleden, zal hun verwachting niet hoog zijn.

STER reclame