Nieuwsuur

Na dertien jaar is er een doorbraak in de moord op Alex Wiegmink: twee verdachten zijn opgepakt, zo werd afgelopen avond bekend. De zogenoemde Posbankmoord is een van de naar schatting duizend onopgeloste moordzaken in Nederland.

Volgens een politiewoordvoerder zijn er momenteel zo'n 1400 openstaande cold cases. Daaronder vallen ook ernstige misdrijven als verkrachtingen en overvallen die nooit zijn opgelost.

De Cold Case Teams van de Nationale Politie hebben er hun handen vol aan. Eerder dit jaar zei hoogleraar Peter van Koppen in Nieuwsuur dat er te weinig rechercheurs voor beschikbaar zijn. Van Koppen geldt als expert op het gebied van het oplossen van oude moordzaken.

"Het is enorm tijdrovend werk", weet forensisch expert Richard Eikelenboom. "Je kunt niet zomaar een straatagent op een cold case-zaak zetten. Er zijn heel goed getrainde specialisten nodig die gedegen dna-onderzoek kunnen doen."

Sinds 1 januari 2015 hebben de tien regionale eenheden van de Nationale Politie verplicht een Cold Case Team. Halverwege dit jaar liep de bezetting van alle Cold Case Teams uiteen van vier tot 23 rechercheurs.

Dna-sporen

"Het is niet zo dat de politie dag en nacht bezig is oude moordzaken op te lossen", legt NOS-justitieredacteur Remco Andringa uit. "De cold case teams pakken oude zaken op als er nieuwe info over binnenkomt. Bijvoorbeeld een tip of nieuwe dna-sporen."   

Een paar rechercheurs die er maar een deel van hun tijd mee bezig zijn, dat werkt niet, zei inspecteur René Bergwerff in juni. Hij geeft leiding aan het Cold Case Team van Rotterdam-Rijnmond.

Bergwerff heeft tien vaste medewerkers die zich fulltime bezighouden met oude zaken. Het team was daar in juni toen nog de enige in. Terwijl zonder een vast team de oude moordzaken amper op te lossen zijn, volgens Bergwerff.

Kralingse Bos, 1993

Het Rotterdamse Cold Case Team lost per jaar twee tot drie moorden op. Een ervan was de dubbele moordzaak in het Kralingse Bos in 1993. Dna-onderzoek leidde een jaar geleden tot een doorbraak. Afgelopen zomer werd een 48-jarige man veroordeeld tot twintig jaar cel voor de moorden.

Het is een van de grote doorbraken in cold case-zaken van de afgelopen jaren. Een aantal andere opvallende moordzaken zijn:

Les Strijder, 2002

In 2015 kregen twee broers een celstraf voor de dodelijke mishandeling van Les Strijder. Hij werd in 2002 dood gevonden op een homo-ontmoetingsplek langs de A27 bij Hilversum. Jarenlang was er geen verdachte in beeld, totdat er een tip binnenkwam. Die leidde naar de twee broers. Van een van hen werd dna gevonden onder de nagels van Strijder.

Nicole van den Hurk, 1995

Ruim 19 jaar na de moord op de 15-jarige Nicole van der Hurk in Brabant kwam er een doorbraak in de zaak. Dankzij verbeterd dna-onderzoek werd sperma en een haar herleid tot Jos de G. Vorige maand werd tegen hem 14 jaar cel geëist.

Marianne Vaatstra, 1999

De 16-jarige Marianne Vaatstra werd in 1999 dood gevonden in een weiland. Dertien jaar later wordt Jasper S. opgespoord. Via dna-verwantschapsonderzoek probeert de recherche de dader te vinden. Deze onderzoekstechniek is pas sinds dat jaar toegestaan. Jasper S. blijkt zelf mee te hebben gedaan aan het onderzoek.

STER reclame