Net aangekomen asielzoekers op weg naar het aanmeldcentrum Ter Apel ANP
Nieuwsuur

De 'aanwijzing' die demissionair staatssecretaris Ankie Broekers-Knol van Justitie heeft gegeven aan een aantal gemeenten om verplicht noodopvang voor asielzoekers te faciliteren is een 'paardenmiddel'. Het is niet de manier waarop het Rijk moet omgaan met gemeenten. Dat zegt burgemeester Theo Weterings van Tilburg namens de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) in Nieuwsuur.

De inzet van dit middel kan de verhoudingen tussen het Rijk en de gemeenten onder druk zetten, denken deskundigen. Zij vragen zich ook af of de juridische onderbouwing van deze aanwijzing voldoende is en of gemeenten wel gehoor moeten geven aan de aanwijzing.

In Gorinchem zijn vandaag de eerste asielzoekers aangekomen in de tijdelijke noodopvanglocatie. Ze zijn daar omdat de staatssecretaris Gorinchem, net als Venray, Enschede en de regio Rotterdam, een brief heeft gestuurd waarin ze die gemeenten de opdracht geeft om asielzoekers te huisvesten.

Geerten Boogaard, hoogleraar decentrale overheden aan de Universiteit Leiden zegt dat een bestuurlijke aanwijzing een uitzonderlijk middel is dat niet vaak wordt ingezet. Nu is dat wel het geval, maar de vraag is of het terecht is ingezet. "Er is een aanwijzing, maar niemand weet of de staatssecretaris wel bevoegd is om die te geven. Want er is onvoldoende onderbouwing. Dus de vraag is of dit geen gesuggereerde bevoegdheid is."

Slechte verhoudingen

Als er sprake is van een gesuggereerde bevoegdheid, is dat volgens Boogaard schadelijk voor de interbestuurlijke verhoudingen. Dat de brief de verhoudingen op scherp heeft gezet blijkt ook uit de reactie van de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb. Hij noemde de aanwijzing een "bot en grof middel". Daarnaast noemde hij de argumenten van de staatssecretaris 'ondeugdelijk'.

Ook hoogleraar staatsrecht Wim Voermans denk niet dat dit een goed middel is om lokale overheden mee over de streep te trekken. "Ik denk dat het Rijk zo niet met gemeenten moet omgaan. Leg geen verplichting op, maar ga met ze in gesprek."

Theo Weterings, commissievoorzitter Bestuur en Veiligheid van de VNG, spreekt de hoop uit dat het kabinet dit niet vaker gaat doen. Hij hoopt dan ook dat het voornemen om dat wel te doen, wordt geschrapt uit het coalitieakkoord. "Het is echt een aanfluiting. Dit is niet de manier hoe de Rijksoverheid moet omgaan met gemeenten. Een aanwijzing is echt een paardenmiddel."

Je kunt zeggen: kijk, dit werkt. Maar je neemt wel een hypotheek op interbestuurlijke verhoudingen.

Geerten Boogaard, hoogleraar decentrale overheden aan de Universiteit Leiden

Weterings werd niet verrast door de brief, maar zegt dat deze niet nodig geweest was als het kabinet had uitgevoerd wat was afgesproken. Volgens hem was de afspraak dat er vanuit het Rijk tijdig zou worden gemeld in welke regio's opvang moet komen. Dat is nu niet gebeurd, zegt hij.

Bovendien zou hij graag zien dat er een meer structurele oplossing komt. "Wat het Rijk steeds doet: locaties afbreken als de stroom afneemt en dan weer versneld willen opbouwen bij een nieuwe toestroom. Dat jojobeleid moet stoppen."

Theo Weterings zou liever zien dat de leegstaande locaties worden gebruikt voor andere doeleinden. Bijvoorbeeld voor het huisvesten van spoedzoekers, studenten of arbeidsmigranten. "Dat zou de oplossing zijn. Dat hebben we in 2019 ook al met het kabinet afgesproken. Maar het lukt maar niet om tot een goede planning te komen."

Weterings benadrukt dat de bereidheid om te helpen er wel degelijk is bij gemeenten. Geerten Boogaard ziet dat ook, gemeenten geven gehoor aan de oproep van Broekers-Knol. "Je kunt zeggen: dit werkt. De gemeenten die deze brief hebben gekregen zijn in actie gekomen. Maar anderzijds: je gaat er met gestrekt been in en neemt wel een hypotheek op interbestuurlijke verhoudingen."

Juridische strijd?

Als gemeenten deze aanwijzing niet willen opvolgen, is het volgens Boogaard nog maar de vraag of het Rijk middelen heeft om navolging toch af te dwingen. "Zolang het niet duidelijk is dat het een bindende aanwijzing is, is er geen enkele grond om iets te doen als gemeenten het niet opvolgen."

Weterings kan nog niet zeggen of gemeenten naar de rechter stappen. "Ik ben ook van mening dat er weinig juridische onderbouwing is." Toch benadrukt hij vooral dat gemeenten tijdiger moeten weten hoeveel plekken nodig zijn, dan hoeven ze geen juridische strijd aan te gaan. "Maar ik begrijp dat er naar gekeken wordt en het gaat ook vast gebeuren."

STER reclame