Nieuwsuur

Gemeenten worstelen met groei lucratieve én schadelijke geitenstallen

Aangepast op
ANP

Een petitie, een handtekeningenactie en een protest voor het stadhuis. Het Noord-Brabantse dorp Bavel protesteert massaal tegen een megastal met geiten. "Niet vooruit met de geit, maar d'r uit met de geit!", luidt de slogan.

Op nog geen twee kilometer van het dorpscentrum staat een varkensstal die mogelijk wordt omgebouwd naar een stal voor 2700 geiten. Bewoners maken zich zorgen over hun gezondheid.

Het RIVM concludeert na onderzoek dat bewoners rondom pluimveebedrijven meer kans hebben op klachten aan de luchtwegen. Een vervolgonderzoek wijst uit dat dit ook geldt voor geitenbedrijven. Omwonenden van geitenstallen hebben meer kans op een longontsteking. Waar dat aan ligt, is onduidelijk.

Geen risico

Het zou aan de mest kunnen liggen, of de manier waarop die wordt opgeslagen. "We moeten de mest verplicht dertig dagen opslaan voordat we het uit mogen rijden. Daarmee zou de bacterie die Q-koorts veroorzaakt worden gedood. Maar we weten niet of die manier van opslaan de kans op andere bacteriën en schimmels verhoogt", zegt Jeanette van de Ven van de Geitenhoudersvakbond.

Nederland telt in totaal bijna 350.000 geiten, waarvan 150.000 in Brabant.

Van de Ven heeft al twintig jaar een geitenhouderij. Haar stal telt 1600 geiten. Ze wil geen risico vormen voor haar omgeving. "Dat kan ik niet maken tegenover mijn buren, mijn kinderen of mijn personeel. Dat wil ik niet, maar ik weet niet wat ik moet doen om het risico te verminderen."

Ook de bewoners van Bavel willen op zijn minst dat de gemeente geen besluit neemt over de nieuwe megastal zolang onduidelijk is hoe de geiten longontstekingen veroorzaken.

Het is een dringende oproep aan de overheid: we moeten op zoek naar de bron.

Jeanette van de Ven

Staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken noemt de resultaten van het onderzoek "zorgelijk" en dringt in een brief aan de Kamer aan op vervolgonderzoek. Ook roept hij gemeenten en provincies op bij het verlenen van vergunningen rekening te houden met de conclusies van het RIVM.

Maar gemeenten kunnen weinig met die oproep. Zo moet wethouder Paul de Beer nu beslissen of er een vergunning komt voor de mega-geitenstal in Bavel. "De brief van de staatssecretaris geeft de gemeente Breda geen juridische haak om 'nee' te kunnen zeggen."

"Het Rijk legt de bal nu bij gemeenten. Maar wij hebben een helder advies nodig dat ons een helder kader geeft", aldus De Beer.

'We hebben advies van de overheid nodig'

Staatssecretaris Van Dam laat Nieuwsuur vandaag desgevraagd weten dat er in Nederland een overbelasting is van de leefomgeving door de omvang van de veehouderijen. "En dat is zeker aan de hand in Brabant. Daarom heeft het kabinet nu een wetsvoorstel gemaakt waarmee provincies meer bevoegdheden gaan krijgen om grenzen te stellen aan de omvang van veehouderijen. Momenteel wordt er ook gewerkt aan een handreiking die provincies, gemeenten en omgevingsdiensten kunnen gebruiken bij vergunningaanvragen."

Bavel is niet enige plaats waar het probleem speelt. Er is steeds meer vraag naar geitenmelk, dat het heel goed doet in de wereld. "Geitenkaas in Noordwest-Europa, babypoeder op basis van geitenmelk in Aziatische landen. Het is booming business", zegt Van de Ven.

Op meerdere plaatsen in Nederland liggen dan ook aanvragen voor een nieuw geitenbedrijf of een uitbreiding. Van de Ven zegt dat de sector graag wil meewerken aan het onderzoek, en het ook wil meefinancieren. "Het is een dringende oproep aan de overheid: we moeten op zoek naar de bron. Dan kunnen we maatregelen nemen."

Gemeenten worstelen met groei lucratieve én schadelijke geitenstallen

Volgens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) blijkt dat bewoners in de buurt van geitenhouderijen meer kans hebben op een longontsteking. Ook hebben mensen in de buurt van een veehouderij meer luchtwegklachten, zoals hoesten en een piepende adem. De longfunctie van omwonenden in een gebied met intensieve veeteelt neemt met 2 tot 5 procent af. Dat bleek vorig jaar uit een driejarig onderzoek dat door de aanvullende studies van het RIVM nu wordt bevestigd.