1. Ga naar het menu
  2. Ga naar de inhoud
ANP
NOS NieuwsAangepast

Vier grote steden blij met verplichte warmtepomp, plaatsen wel kanttekeningen

  • Judith van de Hulsbeek

    redacteur Klimaat en Energie

  • Judith van de Hulsbeek

    redacteur Klimaat en Energie

Een stap in de goede richting, een mooie tussenoplossing: zo omschrijven de wethouders Energietransitie van de vier grote steden het besluit van het kabinet om de hybride warmtepomp vanaf 2026 de standaard te maken. Ze zijn blij met helderheid van de regering, maar wijzen erop dat een warmtepomp voor veel stedelingen niet de juiste weg is. "Een collectieve oplossing zoals aansluiting op een warmtenet blijft het meest haalbaar en betaalbaar", zegt de Rotterdamse wethouder Bas Kurvers (VVD).

Het warmtepompbesluit moet het doel van het kabinet een stap dichterbij brengen: vóór 2030 anderhalf miljoen woningen van het gas. In 2050 moet dat voor alle 7,5 miljoen woningen en 1 miljoen gebouwen gelden. Uit een rondgang van de NOS langs de wethouders Energietransitie van Amsterdam, Utrecht, Rotterdam en Den Haag blijkt dat ze tegen verschillende zaken aanlopen bij het aardgasvrij maken van de woningen in hun steden. Ze komen mensen, middelen en bevoegdheden tekort.

Hard werk

Volgens wethouder Liesbeth van Tongeren (Den Haag, GroenLinks) kan de warmtepomp zeker helpen klimaatdoelen te halen: "Met een hybride warmtepomp kunnen we ook steeds meer gebruikmaken van schone elektriciteit uit de stad en de regio." Ze wijst op het belang huizen en kantoorpanden goed te isoleren en vindt "waar mogelijk een volledige warmtepomp een nog betere oplossing".

Den Haag wil uiteindelijk ongeveer de helft van het woningbestand via warmtenetten van warmte (restwarmte en geothermie) voorzien. De andere helft zou moeten overstappen op een warmtepomp. De gemeente heeft volgens Van Tongeren naar schatting 8 miljard euro nodig om aardgasvrij te worden, maar heeft maar 180 miljoen euro ter beschikking.

Van Tongeren vertelt over haar inspanningen om mensen en bedrijven mee te krijgen in de warmtetransitie. Het is hard werk. "Bijvoorbeeld bij het aanleggen van een warmtenet. Je moet een ondernemer zo gek krijgen om dat te financieren en het risico te dragen, want er is geen voorfinanciering vanuit het Rijk. En je moet bewoners er enthousiast voor weten te krijgen."

Betaalbaarheid grootste vraagstuk

Ook andere steden zeggen dat de energietransitie miljarden gaat kosten en dat een groot deel van de investeringen op dit moment nog niet rendabel te maken is. Daar moet het Rijk volgens de steden bijspringen. "Betaalbaarheid is het grootste vraagstuk", zegt wethouder Lot van Hooijdonk (Utrecht, GroenLinks).

"Bewoners moeten niet meer gaan betalen dan ze zouden betalen als ze nog aardgas zouden hebben. Maar voor veel woningen is er nog geen betaalbaar alternatief." En, zo zegt Van Hooijdonk, gemeenten hebben niet het geld om het verschil bij te leggen.

Energiearmoede

De wethouders maken zich zorgen over de stijgende energiearmoede. Energiebesparende maatregelen zouden echt een verschil kunnen maken, maar die moeten dan wel toegankelijk zijn en afgedwongen kunnen worden. "Je zou bijvoorbeeld enkel glas als een gebrek kunnen aanmerken. Dan moeten verhuurders in actie komen, en dat zorgt ervoor dat veel huurders beter geïsoleerde woningen krijgen", aldus wethouder Marieke van Doorninck (Amsterdam, GroenLinks).

In Amsterdam zijn in de afgelopen regeerperiode 20.000 woningen aardgasvrij gemaakt, meer dan de 12.000 die in eerste instantie waren gepland. De gemeente stopte 150 miljoen euro in een klimaatfonds en kreeg van het Rijk subsidie voor het aanpakken van twee buurten. "Door de inzet van eigen middelen en subsidies hebben we de afgelopen jaren meters kunnen maken, het is echter duidelijk dat de gemeente Amsterdam dit niet langjarig kan volhouden", stelt Van Doorninck.

Hamvraag: wie moet het doen?

Behalve bij de financiering zien de wethouders ook bij de uitvoering nog problemen. Het gebrek aan monteurs en installateurs is alom bekend. Maar het is ook echt lastig om bij de gemeente de mensen te vinden die het beleid moeten uitvoeren, zegt wethouder Van Hooijdonk. Daar zitten in Utrecht nu vijftig man op, dat zouden er honderd moeten zijn. Landelijk ontbreken er volgens van Hooijdonk tussen 2000 en 3000 mensen bij de gemeenten.

De vier wethouders geven aan dat ze graag een deadline willen kunnen stellen wanneer een wijk van het gas moet zijn. Daar heeft het kabinet inmiddels gehoor aan gegeven. Vanaf 2024 moet de wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie gaan gelden. Gemeenten kunnen op basis daarvan wijken of buurten aanwijzen die van het gas af moeten. Acht jaar nadat zo'n wijk of buurt is aangewezen, mag de netbeheerder er geen gas meer leveren.

Dat zou veel investeerders en burgers over de streep kunnen trekken. Maar voordat de wet ingaat, moet er nog wel veel geregeld worden, zegt de Rotterdamse wethouder Kurvers. "We willen pas een einddatum aan het gas verbinden als bewoners een haalbaar en betaalbaar aanbod kunnen krijgen voor een duurzaam alternatief. Financiële middelen zijn echt een harde voorwaarde."

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl