Een aantal portretten van slachtoffers van mensenhandel in een tentoonstelling op het Museumplein in Amsterdam ANP

In de jaren 2018 en 2019 telde Nederland naar schatting 5000 slachtoffers van mensenhandel. Dat zijn er bijna vier keer zoveel als het aantal meldingen van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Koninklijke Marechaussee en andere melders.

Dat zegt het WODC, het kennisinstituut voor het ministerie van Justitie en Veiligheid, dat de universiteiten van Tilburg en Utrecht onderzoek liet doen naar mensenhandel.

De bovenste lijn geeft de schatting van de onderzoekers weer, de onderste het aantal meldingen WODC

Volgens de onderzoekers waren er in 2010 ook al zo'n 5000 vermoedelijke slachtoffers van mensenhandel. Ze zien wel een verschuiving van seksuele uitbuiting naar arbeidsuitbuiting.

In 2012 telde Nederland meer dan 8000 slachtoffers van mensenhandel, van wie 6500 slachtoffers van seksuele uitbuiting. Daarna daalde het aantal slachtoffers van mensenhandel. Het aantal slachtoffers van seksuele uitbuiting nam het sterkst af, naar ongeveer 2000.

In die periode nam het aantal gevallen van arbeidsuitbuiting juist toe en zijn er nu ongeveer evenveel slachtoffers van seksuele uitbuiting als van niet-seksuele uitbuiting. De verdeling over mannen en vrouwen is nu ongeveer in evenwicht.

Daarnaast worden naar schatting zo'n duizend mensen uitgebuit in de criminele sector. Dat zijn vaak minderjarigen, bijvoorbeeld kinderen die als drugskoerier worden ingezet of Roma-kinderen die op straat moeten bedelen.

Minder zichtbaar

Onderzoeker Jan van Dijk van Tilburg University zei op NPO Radio 1 dat de overheid meer zou moeten investeren in het opsporen van arbeidsuitbuiting en criminele uitbuiting.

"De seksuele uitbuiting heeft de politie wel redelijk zicht op en de hulpverlening ook, maar juist die arbeidsuitbuiting, dat speelt zich helemaal in het verborgene af."

STER reclame