Een bus met daarin Afghaanse evacués wordt in augustus begroet bij aankomst in Heumensoord ANP

Noodopvanglocaties zijn "volstrekt ongeschikt", op andere locaties lopen de spanningen op en zicht op een woning is er niet. Maanden geleden kwamen de eerste Afghaanse vluchtelingen aan in Nederland, na de machtsovername van de Taliban in hun land. Velen hebben nog geen idee hoe hun directe toekomst in Nederland eruitziet. "Mensen staan hier op instorten."

Waisuddin Akhondzada arriveerde eind augustus, drie maanden geleden dus, als een van de eerste Afghaanse evacués in Nederland. Hij verblijft nu bijna twee maanden in het opvangcentrum in Heumensoord, nabij Nijmegen. Daarvoor zat hij in het militaire complex in Harskamp. Hij mist in Heumensoord vooral de geluiddempende, stenen muren van de kazerne en plafonds, zegt hij. Slapen is namelijk haast ondoenlijk, vooral als de doeken van de paviljoens klapperen door de wind.

"Iedereen is er hier inmiddels aan gewend om een slaappil te nemen", zegt Akhondzada. "En ook de kinderen slapen niet goed. Ze vallen vaak in slaap op school. In het begin kregen we daar veel klachten over van de leraren, maar inmiddels weten ze wat er aan de hand is."

Akhondzada, die voor Nederland werkte bij de politiemissie in Afghanistan, benadrukt allereerst Nederland vooral dankbaar te zijn voor zijn evacuatie. Tegelijk hunkert hij naar perspectief in een situatie die momenteel vooral uitzichtloos lijkt.

Hetzelfde geldt voor Sayed Ahmad Sadat, die eind vorige maand vanuit Afghanistan naar Nederland kwam en nu twintig dagen in de kazerne in Harskamp zit. Hij is tevreden over zijn opvangplek, maar vreest vooral wat komen gaat. Vandaag herhaalde de burgemeester van Ede dat de opvanglocatie op 1 december definitief wordt gesloten, na meerdere keren langer te zijn opengehouden.

Sadat hoorde van anderen alarmerende verhalen, bijvoorbeeld over de opvang in Leeuwarden. Daar slapen gezinnen in dezelfde hal als alleenstaande jonge mannen, wat tot gespannen situaties leidt. "Sommigen zeggen zelfs dat ze terug willen naar Afghanistan", zegt Sadat. "Ze voelen zich niet veilig, er is geen privacy. Hier heeft een familie gezegd onder geen beding naar Leeuwarden te willen. Ze vrezen voor de veiligheid van hun moeders en dochters."

"Ze schreeuwen, voetballen en vloeken tot vier uur 's ochtends", zeggen Afghaanse evacués in onderstaande video over de spanningen met andere asielzoekers in Leeuwarden:

'Ze schreeuwen, voetballen en vloeken tot vier uur 's ochtends'

Hij heeft ook contact met Afghanen die naar andere landen zijn geëvacueerd. "Zij zitten in betere omstandigheden, bijvoorbeeld in hotels. Dat hoeven wij niet hoor, maar we willen in ieder geval op een veilige plek zitten, waar we vredig kunnen leven en studeren. Ik zou graag de taal leren, zodat ik snel iets kan bijdragen aan de maatschappij. Dat kan hier nu niet."

UNHCR-verslag

De opvanglocaties in Heumensoord, Harskamp, Zeist en Zoutkamp werden in september en oktober bezocht door afgevaardigden van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR. Vorige week publiceerde de organisatie een verslag van dat bezoek. De UNHCR was onder de indruk van de inspanningen van onder meer het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), die de asielverzoeken van de Afghanen versneld behandelt.

De UNHCR-medewerkers maakten zich wel zorgen over de situatie van de Afghaanse vluchtelingen. Ze schrokken met name van de situatie in Heumensoord. "Die zou onzes inziens zo snel mogelijk moeten worden gesloten, of alleen worden ingezet voor kortdurende opvang", schreef de VN-organisatie.

Zo is er in de paviljoens onvoldoende privacy, zijn ze te gehorig en zijn ze ongeschikt voor de winter. Eerder deze maand noemden de voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens, Jacobine Geel, en de Nationale ombudsman, Reinier van Zutphen, Heumensoord al "volstrekt ongeschikt" voor een verblijf langer dan een paar weken.

Het is natuurlijk niet zo dat het COA denkt: leuk, we gaan mensen opvangen in paviljoens.

Woordvoerder van het COA

Een woordvoerder van het COA zegt bekend te zijn met de soms schrijnende verhalen vanuit de opvangcentra en erkent dat er "enorme verschillen" zijn tussen locaties. Een snelle oplossing is er alleen niet, zegt ze, omdat de problematiek uiterst complex is.

Daarbij wijst ze op de "optelsom" van vele factoren die bij de opvangproblematiek een rol spelen, zoals de aanhoudend hoge instroom, de beperkte uitstroom vanwege de krapte op de woningmarkt en de tal van betrokken organisaties en ministeries. "Het is makkelijk als een probleem een schuldige heeft, maar dat is hier niet het geval."

Het COA heeft verder vaak geen keus als het gaat om noodopvanglocaties, benadrukt ze, omdat er weinig aanbod is en ze vaak tijdelijk zijn. Daardoor staat er onophoudelijk druk op het systeem; begin deze maand was ruim 80 procent van de nieuwe locaties tijdelijk.

"We willen mensen op z'n minst een bed, veiligheid en medische faciliteiten bieden en dan kies je maar voor wat we nu bijvoorbeeld in Leeuwarden hebben. Dat is een hal en blijft een hal, hoe je het ook inricht. We kunnen het niet mooier maken dan het is, want het is natuurlijk niet zo dat het COA denkt: leuk, we gaan mensen opvangen in paviljoens. Wij staan ervoor om mensen binnen onze mogelijkheden de best mogelijke opvang te bieden, en dat doen we."

Voor de lange termijn legde het COA deze maand bij de kabinetsformateurs plannen voor een nieuw, "stabiel" opvangsysteem op tafel. Het zijn plannen waar de huidige 2000 Afghaanse evacués in opvangcentra mogelijk weinig aan zullen hebben.

'Als we maar een datum hebben'

De verantwoordelijke bewindspersonen binnen het huidige demissionaire kabinet, minister Ollongren (Binnenlandse Zaken) en staatssecretaris Broekers-Knol (Justitie en Veiligheid), schreven vorige week in een Kamerbrief dat tot in ieder geval eind dit jaar de "kwantiteit en de kwaliteit" van de opvang "zorgwekkend" blijft.

Daarbij kondigden ze wel aan afspraken te hebben gemaakt met gemeenten en provincies om de achterstand van de zogenoemde taakstelling, oftewel de verplichting om vluchtelingen met verblijfstatus op te nemen, nog voor het eind van dit jaar terug te brengen met 1500.

Dat zou een uitweg kunnen zijn voor onder anderen Waisuddin Akhondzada in Heumensoord, die net als veel landgenoten in Heumensoord maanden geleden al een verblijfsstatus voor vijf jaar heeft gekregen. Het is vooral de uitzichtloosheid van zijn situatie die aan hem begint te knagen. "Ik zie steeds meer mensen hier die op het punt staan om in te storten", zegt hij.

Zo kampt zijn vrouw inmiddels met hypertensie en paniekaanvallen. "En als je dan iemand vraagt hoelang het nog gaat duren, heeft niemand een antwoord. Als we maar een datum hebben. Dan hebben we in ieder geval iets."

STER reclame