ANP

De Belastingdienst koos er bij de controle op fraude met de kinderopvangtoeslag vooral voor om mensen met een laag inkomen extra te controleren. Dat zegt de fiscus tegen RTL Nieuws en Trouw, nadat beide media er vragen over hadden gesteld. Hogere inkomens werden juist ontzien.

De fiscus gebruikte vanaf april 2013 een zogeheten risicoclassificatiemodel. Op basis van allerlei indicatoren werd bepaald wie extra gecontroleerd zou worden bij de aanvraag van toeslagen en daarvoor werd een zelflerend algoritme gebruikt. Het systeem werd in juli vorig jaar uit de lucht gehaald, na het verschijnen van een kritisch rapport van KPMG.

De Belastingdienst zegt tegen Trouw en RTL Nieuws dat er "een statistisch verband tussen de hoogte van het inkomen en de kans op een (on)juiste aanvraag" was. In ieder geval sinds maart 2016 werd het inkomen van mensen "met variabele grenswaarden" gebruikt. Dat betekent in de praktijk, schrijven beide media, dat lage inkomens als een hoger risico werden gezien dan hogere inkomens.

Volgens de fiscus had het inkomen maar een "klein gewicht" bij het bepalen van de risico's bij de kinderopvangtoeslag. Het was volgens de Belastingdienst vooral de bedoeling om hoge terugvorderingen van toeslagen bij lage inkomens te voorkomen.

Eerder bleek ook al dat de Belastingdienst een andere indicator gebruikte voor aanvragers van kinderopvangtoeslag, waardoor mensen zonder Nederlandse nationaliteit een grotere kans hadden om ten onrechte als fraudeur te worden bestempeld.

SP-Kamerlid Leijten heeft eind vorige maand gevraagd om het hele risicoclassificatiemodel openbaar te maken. Demissionair staatssecretaris Van Huffelen zegt dat er eind deze week een "zorgvuldige inhoudelijke reactie" naar de Tweede Kamer gaat. Eerder uitten onder meer Amnesty International en de Autoriteit Persoonsgegevens felle kritiek op de systemen van de fiscus.

NOS op 3 legt in deze video uit wat het toeslagenschandaal inhoudt:

Toeslagenaffaire. De ellende uitgelegd.

STER reclame