ANP

Voluit heet het voorstel 'Tijdelijke bepalingen in verband met maatregelen ter bestrijding van de epidemie van covid-19 voor de langere termijn'. Al iets handzamer is de naam 'Tijdelijke wet maatregelen covid-19', maar in de volksmond is het de coronawet of gewoon de spoedwet.

Op twee plekken in Den Haag ging het voorstel vandaag over de tong. Op het Malieveld werd ertegen gedemonstreerd door honderden mensen die de wet te ver vinden gaan. Nog geen kilometer verderop in de Tweede Kamer uitten experts hun bezwaren. In een hoorzitting konden Kamerleden vragen stellen over het wetsvoorstel.

Een van de bezwaren (ook van de demonstranten overigens) is het gebrek aan democratische controle. Er zou te veel macht naar het kabinet gaan en te weinig naar de volksvertegenwoordiging. Hoogleraar staatsrecht Wim Voermans, een van de luidste criticasters, stelde dat de wet ingaat tegen de grondwet. "Vrijheidsbeperking moet met instemming van het parlement, dat kan je niet overlaten aan de minister."

Moties

In de spoedwet is geregeld dat de minister van Volksgezondheid met zogenoemde ministeriële regelingen maatregelen kan opleggen, bijvoorbeeld over groepsvorming en afstand houden. Het parlement kan die maatregel daarna bespreken en er moties over indienen. Met een motie kan de Kamer vragen om iets aan te passen, maar het kabinet kan dat naast zich neerleggen. Dus zelfs als de Tweede Kamer het er niet mee eens is, kan het doorgaan.

Voermans pleitte dan ook voor het recht van bekrachtiging. "Het parlement moet dan bijeenkomen om een maatregel te bekrachtigen. Gebeurt dat niet, dan vervalt de maatregel. Een minister kijkt dan wel uit voordat hij iets invoert", was Voermans' stelling.

Zijn collega-hoogleraar Geerten Bogaard benadrukte ook het belang van Kamerleden en op gemeenteniveau van raadsleden. "Het moet zichtbaar zijn dat het niet alleen gaat om een persconferentie van de uitvoerende macht", refereerde hij aan Rutte en De Jonge die met enige regelmaat samen op een podium staan. "De volksvertegenwoordigers moeten hun rol pakken."

Noodrechtspecialist Adriaan Wierenga stelde later in de hoorzitting dat er eigenlijk twee smaken zijn voor 'Den Haag'. "De eerste optie is simpelweg stoppen met de huidige coronamaatregelen. Maar als u wilt doorgaan, dan moet deze wet er komen."

Hij noemde de huidige constructie met noodverordeningen "op heel veel punten het meest onwenselijk". Grondrechten (bijvoorbeeld gaan waar je wil, met zoveel mensen als je wil) mogen slechts kort worden ingeperkt met noodverordeningen, zegt Wierenga. "En alleen bij levensbedreigende situaties."

Gesteggeld

Dat noodverordeningen geen goed middel zijn, vindt het kabinet overigens ook. Al snel na het uitbreken van de coronacrisis rezen er twijfels over de juridische houdbaarheid en de beperkte democratische controle. Eind april, twee maanden na de eerste besmetting in Nederland, werd bekend dat er een spoedwet in de maak was. In de tussentijd is er veel over gesteggeld.

Wierenga en zijn collega Jan Brouwer, hoogleraar rechtswetenschap, bleken beiden vooral kritisch op een bepaald artikel uit het wetsvoorstel, 58 S, ook wel de Vangnetbepaling. "Hiermee wordt carte blanche gegeven aan de minister", zei Brouwer.

Volgens het artikel kan het kabinet verder ingrijpen "indien zich een omstandigheid voordoet waarvoor de krachtens dit hoofdstuk geldende maatregelen niet toereikend zijn". Dat gaat te ver omdat niet is vastgelegd welke grondrechten dan mogen worden ingeperkt en in welke mate, zeiden de twee experts.

Verplicht maanpak

De wet is überhaupt te ruim geformuleerd, stelde Brouwer. Het kabinet kan bijvoorbeeld regels maken over "uitoefening van beroepen" of "hygiënemaatregelen", maar specifieker dan dat is de wetstekst niet. "Als u vindt dat daar te veel onder kan vallen, zoals een verplicht maanpak, dan moet u dat preciezer maken", tipte hij de Kamerleden.

Een ander punt van kritiek van de rechtsgeleerden was de duur van de wet. In een eerste versie was dat een jaar, na kritiek van onder andere de Raad van State werd dat een half jaar. "De Kamer kan ook zeggen: we willen elke maand of elke twee maanden vaststellen dat er nog voldoende steun is", zei Brouwer. "Dat zou de democratische controle vergroten. En het is goed voor het draagvlak in de maatschappij."

Spoedwet = meer democratie

SGP-fractieleider Kees van der Staaij vroeg zich af of het goed zou komen met het draagvlak als de Kamer een grotere rol zou krijgen. "Ik zag iemand met een bordje 'spoedwet = dictatuur', zouden we dan bordjes met 'spoedwet = meer democratie' krijgen?"

Op het Malieveld leek van een dergelijke verandering van mening vandaag in ieder geval geen sprake. De sfeer werd zelfs nog even grimmig toen een groep richting het centrum van Den Haag wilde lopen. Dat was tegen de afspraak en daarom greep de politie in.

De Tweede Kamer debatteert ergens de komende weken, naar verwachting na Prinsjesdag, over de wet. Kamerleden kunnen dan ook nog voorstellen indienen om de tekst aan te passen.

STER reclame