ANP

De Nederlandse bevolking is vorig jaar met naar schatting 132.000 mensen gegroeid tot ruim 17,4 miljoen inwoners. De groei was in 44 jaar nog niet zo hoog, blijkt uit een raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Er kwamen 31.000 mensen meer bij dan een jaar eerder.

De groei komt met name door immigratie. Nog niet alle cijfers zijn verwerkt, maar het CBS verwacht dat 272.000 mensen zich in 2019 in Nederland vestigden, 28.000 meer dan het jaar ervoor. Het aantal mensen dat vertrok blijft vrijwel gelijk: 158.000. Per saldo groeide de bevolking door migratie dus met 114.000 personen.

Daarnaast werden er meer kinderen geboren dan er mensen overleden. Dat saldo is 18.000. De 'natuurlijke aanwas' kwam daarmee 3000 personen hoger uit dan in 2018.

Helft immigranten uit Europa

Van alle mensen uit het buitenland die zich in Nederland vestigden kwam bijna de helft uit Europa, van wie 85 procent uit een EU-land. 18 procent van de immigranten kwam uit Azië, vooral uit India en China.

Het aantal migranten dat hier asiel heeft gekregen kwam op 16.000, bijna 6 procent van de totale immigratie.

Per saldo kwamen er het afgelopen jaar uit alle werelddelen meer mensen naar Nederland dan in 2018. Daarbij zijn ook mensen die in Nederland zijn geboren meegerekend: 34.000 van hen kwamen terug naar ons land, terwijl er 39.000 mensen vertrokken.

Het migratiesaldo is sinds 2015 op recordhoogte, terwijl het geboorteoverschot sindsdien op het laagste niveau is sinds de eeuwwisseling.

De groei van afgelopen jaar is sinds 1975 niet zo hoog geweest. Onder meer door de onafhankelijkheid van Suriname groeide de bevolking toen met 137.251 personen.

Relatief gezien was er ook meer groei in 2000, 1991, 1990, 1980, 1975 en alle jaren daarvoor tot 1950, blijkt uit cijfers van het CBS die dat tot 1950 beschikbaar heeft gesteld. In al die jaren kwamen er per 1000 mensen meer dan 7,7 mensen bij. De relatieve groei komt afgelopen jaar ongeveer uit op 7,6 promille.

STER reclame