NOS Nieuws Binnenland

Terughalen twee achtergebleven IS-kinderen lijkt 'juridisch mijnenveld'

Nadat vorig weekend twee Nederlandse weeskinderen uit Syrië werden opgehaald, groeide de hoop bij de familie R. uit Den Haag. Ook hun neefjes, van drie jaar en drie maanden, zijn aan hun lot overgelaten in een vluchtelingenkamp in Noord-Syrië. Toch lijkt de kans klein dat ook deze kinderen binnenkort naar Nederland komen.

Hatim R., de vader van de twee kinderen, zit gevangen in Noord-Syrië nadat hij als een van de laatsten IS-enclave Baghouz had verlaten. De moeder van de kinderen overleed in maart. Sindsdien zitten de twee overgebleven kinderen zonder ouders in het kamp Al Hol in Noord-Syrië. De familie van Hatim R. wil dat de kinderen naar Nederland komen.

Een verslaggever van Zembla reisde vorige week naar het kamp en zocht de twee kinderen op. De Nederlandse jihadiste Angela B. vertelde aan de journalist dat verschillende vrouwen zich al over de kinderen hebben ontfermd en een Turkmeense vrouw nu voor de kinderen zorgt:

'Niemand is hier bereid om voor deze kinderen te zorgen'

Voor zover bekend zijn de jongetjes, na het vertrek van de twee weeskinderen, de enige kinderen van een Nederlandse familie die zonder ouders in een vluchtelingkamp in Noord-Syrië verblijven. Maar de zaak is volgens Florimond Wassenaar, een van de advocaten van Hatim R., complexer dan de zaak van de weeskinderen.

Zo kunnen de kinderen op dit moment geen aansprak maken op de Nederlandse nationaliteit. De moeder van de kinderen kwam uit Litouwen. Hatim R., verloor in 2017 de Nederlandse nationaliteit omdat hij aangesloten was bij een terroristische organisatie en volgens het kabinet ook de Marokkaanse nationaliteit bezit.

Binnenkort zou daar verandering in kunnen komen. In april oordeelde de Raad van State dat twee Syriëgangers die het Nederlanderschap verloren hun Nederlandse nationaliteit terug moeten krijgen. Volgens advocaat Wassenaar is het daarom slechts een kwestie van tijd voordat ook Hatim R. het Nederlanderschap weer terugkrijgt.

Mijnenveld

Maar zelfs als dat geregeld is, is het altijd nog een "juridisch mijnenveld", stelt Wassenaar. "Allereerst moet met een dna-test worden vastgesteld dat het ook echt de kinderen van Hatim zijn. Dan is de bloedband helder, maar dat is nog niet hetzelfde als een juridische band."

Volgens de advocaat moet er uiteindelijk iemand namens de overleden Litouwse moeder toestemming geven dat de kinderen worden erkend als kinderen van een Nederlander, waardoor ze de Nederlandse nationaliteit krijgen. Een 'bijzonder curator' zou dat besluit moeten nemen in het belang van de kinderen. "Maar moet dat iemand uit Litouwen zijn, of uit Nederland? Die vraag is niet eenvoudig te beantwoorden", aldus Wassenaar, die daarmee aan wil geven hoe ingewikkeld de zaak is.

Voogdij

Mocht het uiteindelijk lukken de kinderen de Nederlandse nationaliteit te geven, dan kan de Kinderbescherming bij de rechter een voorlopig voogdijschap aanvragen. Net als bij de twee weeskinderen wordt de Nederlandse staat dan formeel verantwoordelijk voor de kinderen en zou het kabinet de kinderen naar Nederland kunnen halen, zodat ze onder toezicht van de aangewezen voogd kunnen komen.

Dat kan alleen als Hatim R. afstand doet van zijn kind of onomstotelijk vast staat dat hij op lange termijn niet voor het kind kan zorgen. Los van de vraag of de rechter daarin meegaat, is dat een traject dat maanden kan duren.

De familie van de overleden moeder in Litouwen zou ook kunnen proberen de kinderen naar Litouwen te halen. Omdat het verkrijgen van de Litouwse nationaliteit voor de kinderen eenvoudiger is, zal dat mogelijk sneller gaan dan het complexe traject waar de Nederlandse familie mee te maken krijgt.

STER reclame