Hulpgoederen worden uitgeladen op het vliegveld van Palu Reuters

Indonesië wil wel buitenlandse hulp, maar geen buitenlandse hulpverleners

time icon
Geschreven door
Jurjen Boekraad
redacteur Online

Buitenlandse hulpverleners moeten op last van de Indonesische overheid de rampplek op Sulawesi verlaten. Terwijl een kleine twee weken na de aardbeving en tsunami nog dagelijks lichamen worden gevonden en tienduizenden mensen ontheemd zijn, zegt de regering dat hulporganisaties (ngo's) uit het buitenland niet op eigen houtje naar het rampgebied mogen.

"Buitenlanders mogen helemaal niets doen op de rampplekken", twittert de nationale rampenbestrijdingsdienst BNPB, die acht regels voor ngo's heeft opgesteld.

Sutopo Purwo Nugroho
@Sutopo_PN
Regulations for International NGOs qim to provide assistance in Central Sulawesi Province.
6 maanden geleden

"Het is heel duidelijk dat president Joko Widodo vindt dat Indonesië het zelf wel kan", reageert correspondent Michel Maas vanuit Sulawesi. "Als hier allemaal buitenlanders gaan rondlopen met hun logo's, vlaggen en tenten, dan ziet het eruit alsof het land ze nodig heeft. Dat mag van de president niet zo lijken."

Dat Indonesië geen buitenlandse hulporganisaties toelaat, is niet nieuw. Ook na de aardbevingen op Lombok van afgelopen zomer was dat het geval. Maar nu leek het erop dat het land ngo's juist graag ontving.

"Er werd gezegd: alle hulp is welkom", zegt Maas. "Maar nu zijn er dus die strikte regels van het ministerie van Veiligheid en is het duidelijk dat ze niet op buitenlanders zitten te wachten." Hij denkt dat ook de presidentsverkiezingen van komend voorjaar een rol spelen. De president laat zich graag voorstaan op zijn nationalistische inborst.

Maas merkte vandaag zelf wat het nieuwe beleid betekent. Bij aankomst op het vliegveld van de zwaar getroffen stad Palu werden hij en andere buitenlanders er meteen uitgepikt. "We moesten ons eerst melden voor registratie. Zogenaamd voor onze eigen veiligheid. Ik kon laten zien dat ik correspondent ben, maar het is duidelijk dat de buitenlanders in de gaten worden gehouden."

Je moet je voorstellen dat we in een rampgebied zitten, dus soms is het allemaal wat lastiger.

Iris van Deinse, Rode Kruis

De overheid stelt dat alle buitenlandse hulp moet worden verdeeld in samenwerking met lokale Indonesische organisaties. Dat kan bijvoorbeeld via het Palang Merah, het Indonesische Rode Kruis.

Dat is dan ook precies wat de samenwerkende hulporganisaties doen, zegt woordvoerder Rob van Ooijen. "Wij werken met lokale hulporganisaties, waar we overigens al langere tijd mee samenwerken. Van de negen organisaties die meedoen met de actie Nederland helpt Sulawesi, waren er zeven al actief op het eiland."

Juist vanwege die al bestaande relatie voorziet hij geen problemen bij het uitdelen van de hulp, hoewel er nauwelijks Nederlandse hulpverleners op het eiland zijn. "Ze rapporteren aan ons wat ze doen, zo kunnen we het in de gaten houden."

'Gebrek aan coördinatie'

Toch loopt de hulpverlening, die inmiddels alle delen van Sulawesi heeft bereikt, niet overal goed, merkte verslaggever Jeroen de Jager. Hij ging mee met Iris van Deinse, die woordvoerder is van het Nederlandse Rode Kruis. Zij is onderdeel van een team van het Internationale Rode Kruis en kan er blijven werken.

Iris van Deinse (Rode Kruis) vertelt over haar werk op Sulawesi

Het is een hele operatie om noodhulp na een aardbeving en tsunami goed op gang te krijgen. Helemaal in een afgelegen stad als Palu op Sulawesi. Dat vergt coördinatie en daar ontbreekt het soms aan, merkt verslaggever Jeroen de Jager.

Samen met een groep lokale Rode Kruis-medewerkers gingen ze naar Dongala, op ongeveer een uur van Palu. De man die daar het Rode Kruis-kantoor bestiert, klaagde over een gebrek aan coördinatie. Hulpverleners komen aan en werken maar een paar uur.

Bovendien was er een dag eerder al een hulpteam van een andere organisatie langsgekomen, waardoor sommige bewoners zich afvroegen wat het Rode Kruis nog kwam doen.

"Je moet je voorstellen dat we in een rampgebied zitten, dus soms is het allemaal wat lastiger", reageert Van Deinse. "We doen ons best. Soms kom je op plekken waar misschien even wat minder hulp nodig is. Dan weet je dat en ga je weer verder." Ze benadrukt dat er nog steeds heel veel hulp nodig is, omdat mensen door de slechte hygiëne nu bijvoorbeeld last krijgen van diarree.

Nationale actiedag

Gisteren was er al ruim 5 miljoen euro opgehaald op Giro555. Met het geld hebben de Nederlandse samenwerkende hulporganisaties tot nu toe onder meer 31.000 hygiënepakketten uitgedeeld en 173.000 mensen van schoon drinkwater voorzien. Ook zijn er duizend tenten beschikbaar gesteld en meer dan 5000 dekens uitgedeeld.

Morgen is er een nationale actiedag om geld op te halen voor de slachtoffers van het natuurgeweld. Vanaf 12.00 uur zullen op radio, televisie en internet updates worden gemaakt vanuit museum Beeld en Geluid in Hilversum. Ook publiek is welkom. Aan het einde van de avond wordt bekendgemaakt hoeveel geld Nederland helpt Sulawesi heeft opgeleverd.

STER Reclame