Het regent records op de woningmarkt, maar hoelang nog?

Aangepast
Bart Kamphuis | NOS
Geschreven door
Pien van Engen
redacteur Economie

Al maandenlang regent het records op de woningmarkt: de verkoopprijzen van huizen waren nog nooit zo hoog. Het is de vraag hoelang deze ontwikkeling nog doorzet. Want wie kan het nog betalen?

In een jaar tijd steeg de gemiddelde verkoopprijs fors: van 260.000 naar 284.000 euro. De toekomst voorspellen kunnen we niet, maar de verwachting is dat de huizenprijzen in ieder geval de komende twee jaar nog blijven stijgen.

Het economisch bureau van ING voorspelt voor dit jaar een groei van zo'n 8,5 procent en voor volgend jaar rond de 4,5 procent. De Rabobank voorspelt voor dit jaar ongeveer 8 procent en volgend jaar 7 procent groei.

Gemiddelde verkoopprijs koopwoningen

Daarbij spelen meerdere factoren een rol. Ten eerste het woningtekort. "Dat is op dit moment groter dan 100.000 woningen", zegt woningmarkteconoom Christian Lennartz van de Rabobank. "De verwachting is nu dat dat de komende jaren nog verder gaat oplopen."

De overheid wil dat er jaarlijks 75.000 huizen gebouwd gaan worden om het tekort weg te werken. Vanaf 2021 zal het probleem zich dan oplossen, maar het is nog de vraag of dat gaat lukken, zegt Lennartz. "Als er in plaats daarvan jaarlijks 55.000 huizen bijgebouwd worden, zal het tekort oplopen naar zo'n 150.000 à 200.000."

Het Nibud berekende voor de NOS wat je bruto moet verdienen om een huis van 284.000 euro te kopen (de gemiddelde verkoopprijs)

Voor een hypotheek van 285.000 euro heb je een bruto inkomen van 59.000 euro per jaar nodig. Wil je het huis met z'n tweeën kopen, dan heb je samen wat meer inkomen nodig. De één moet dan minimaal 35.000 euro verdienen en de ander 27.000 euro.

Ben je alleenstaand en verdien je gemiddeld? Dan kun je een hypotheek van ongeveer 150.000 euro krijgen. Ruim onder de gemiddelde verkoopprijs dus.

Belangrijkste oorzaak van het woningtekort is de economische crisis. "Daardoor heeft de bouw jarenlang stilgelegen", zegt woningmarkteconoom Mirjam Bani van ING. "Maar Nederland worstelde voor de crisis ook al met de woningvoorraad. Toen waren er ook al te weinig huizen voor de hoeveelheid huishoudens."

Verschil huizenprijzen en inkomen

Een andere factor die van invloed is op de woningprijzen, is de hoogte van de lonen. De lonen stijgen op dit moment lang niet zo hard als de huizenprijzen.

CBS

Vorige week voorspelde De Nederlandsche Bank echter dat de lonen de komende jaren wel flink gaan stijgen. Dit jaar met 1,9 procent, in 2019 met 3,5 procent en in 2020 met 4 procent. "De verschillen tussen huizenprijzen en inkomens nemen komende jaren naar verwachting dus nog steeds toe, maar wel minder snel dan eerst", zegt Lennartz.

De verwachte stijging van de lonen kan doorwerken op de huizenmarkt. Volgens Lennartz kan het de prijzen nog verder opdrijven als mensen daardoor hogere hypotheken afsluiten en meer gaan bieden.

Maar of dat gebeurt is niet zeker. "Het kan ook zijn dat mensen hun extra inkomsten gebruiken voor andere stijgende levenskosten", zegt Bani.

Lage rente

Dan speelt de hoogte van de hypotheekrente nog een grote rol. Die ligt al jarenlang rond de twee procent. Een hypotheek afsluiten is momenteel dus erg goedkoop. "Dat heeft kopen nog aantrekkelijker gemaakt ten opzichte van huren", zegt Lennartz. "Waardoor de vraag het aanbod nog meer is gaan overstijgen."

President van de Europese Centrale Bank Mario Draghi kondigde vorige week aan dat ze het grootschalige opkoopprogramma gaan afbouwen. Maar toch zal de rente naar verwachting voorlopig onveranderd blijven. "Die zal niet ineens heel hard stijgen en wordt bovendien gecompenseerd door de hogere lonen", zegt Bani. Een hypotheek afsluiten blijft voorlopig dus nog erg voordelig.

Volgens deskundigen heeft het er dus alle schijn van dat de huizenprijzen de komende jaren nog blijven stijgen. "Zeker in de grote en middelgrote steden, waar de vraag het grootst is", zegt Lennartz.

STER Reclame