Nieuwsuur
Nieuwsuur

Servië heeft sinds enkele jaren een nieuwe, sterke bondgenoot: China. De Chinezen investeren tientallen miljoenen in het land op de Balkan. Op die manier proberen ze invloed te krijgen midden in Europa. De Serviërs nemen veel spullen, zoals massa's corona-vaccins, gretig af. Maar niet alle inwoners zijn blij met de komst van de weinig democratische bondgenoot.

Het ontvangstcomité op het vliegveld van Belgrado mocht er zijn, afgelopen donderdag: zowel de Servische premier als de Chinese ambassadeur in Belgrado stonden het toestel uit Peking op te wachten. Het betrof een feestelijk onthaal van de zestigste en voorlopig laatste corona-hulpvlucht uit China.

Vorig jaar brachten ze vooral mondkapjes, het afgelopen half jaar arriveerden de vaccins. Mede daardoor kon Servië al in december als eerste land in de regio beginnen met vaccineren. Tijdens een bezoek aan Peking meldde minister Selakovic van Buitenlandse Zaken afgelopen weekend dat Servië sinds december vier miljoen Chinese vaccins - Sinopharm en Sinovac - had gekocht. Daarnaast had Peking 200.000 doses cadeau gedaan aan het Servische leger.

IJzeren vriendschap

De coronadiplomatie heeft de toch al nauwe banden tussen Servië en China verder verstevigd. Al jaren geldt het Balkanland als het Chinese bruggenhoofd in Europa. Een "ijzeren vriendschap", ging het heten. Er kwam een staalfabriek in Smederevo, een kopermijn in Bor, de Chinezen gingen werken aan de spoorlijn tussen Belgrado en Boedapest. Servië, ongeduldig in de wachtkamer van EU-lidmaatschap, haalde de Chinese investeringen maar al te graag binnen.

Onderzoeksjournalist Mila Djurdjevic van Radio Free Europe verdiept zich al jaren in de contracten die China in Servië afsluit. Althans, voor zover mogelijk: de meeste contracten zijn niet openbaar of alleen via een ingewikkelde omweg te achterhalen. "Vaak is niet duidelijk welke staatsbedrijven precies partij zijn. Ook kunnen we niet achterhalen of de beloofde investeringen ook echt gedaan zijn, en welk deel van de investeringen leningen betreffen, en tegen welke rente."

Wat wel duidelijk is: de Servische overheid knijpt een oogje dicht als het om regelgeving gaat, met name op milieugebied. Een uur ten noorden van Belgrado ligt de provinciestad Zrenjanin, waar de Chinese bandengigant Linglong (sinds twee jaar ook de naamgever van de Servische voetbalcompetitie, de Linglong Tire Superliga) een immense fabriek bouwt. Jaarlijks moeten hier straks 46 miljoen autobanden geproduceerd worden, bestemd voor heel Europa. Het regiobestuur, door de Chinezen lekker gemaakt met het vooruitzicht van 1200 nieuwe banen en naamsbekendheid buiten de landsgrenzen, schonk het bedrijf 100 hectare grond.

Maar omwonenden maken zich zorgen over hun leefgebied. Ivan Zhivkov, lid van het bewonerscomité: "Dagelijks rijden hier straks 400 zware vrachtwagens door natuurgebied. Er broeden hier vogels, daarnaast is deze grond belangrijk voor onze voedselvoorziening. Maar er is niet naar ons geluisterd. Servië heeft van dit project een prioriteit gemaakt." Volgens omwonenden zijn er na veel aandringen wel inspraakavonden gehouden, maar tijd en plaats werden bewust op het allerlaatste moment bekendgemaakt, zodat een serieuze opkomst uitbleef.

Journalisten niet welkom

"Ik heb verschillende ministeries gevraagd om milieueffectrapportages, voor allerlei Chinese projecten", zegt journaliste Djurdjevic. "Ik heb ze gevraagd of de Chinese bedrijven zelf investeren in milieuonderzoek, zoals gebruikelijk is. Uiteindelijk was het antwoord: dat soort onderzoeken is er niet." Rond de steden Bor en Smederevo zou de milieuverontreiniging flink zijn toegenomen sinds de entree van de Chinese bedrijven.

Dat China meer naar Servië exporteert dan alleen coronavaccins en industriële know-how, blijkt als Nieuwsuur vanaf de openbare weg bij Zrenjanin opnamen maakt van de bandenfabriek-in-wording. Al snel komen er Chinese bewakers op af, die het interview met omwonende Zhivkov proberen te hinderen. Eén van hen springt zelfs op het dak van een geparkeerde auto om de camera het zicht te ontnemen, met een gigantische deuk in het autodak als gevolg.

Zo proberen Chinese bewakers het filmen te hinderen:

Chinese bewakers hinderen Nieuwsuur-ploeg

Terug in Belgrado zegt Stefan Vladisavljev, politiek analist van het Belgrade Security Forum: "Dat soort acties laten zien dat China zich van bijna niemand wat aantrekt. Ze beschouwen de Servische regering als hun enige gesprekspartner. Spreken met non-gouvernementele organisaties of journalisten doen ze tot nu toe amper, dat vinden ze tijdsverspilling."

Toch heeft China wel degelijk ogen voor de zachtere kanten van de samenwerking. Vladisavljev wijst naar een kolossaal, modern gebouw dat achter hem is verrezen. "Dit heeft 70 miljoen euro gekost, het is net af: het Chinese Culturele Centrum. De opening is uitgesteld vanwege corona, maar volgens een sterk gerucht komt president Xi het later dit jaar alsnog zelf openen." Het gebouw huisvest straks congreszalen, restaurants, een hotel, kantoren en een museum over China. Vladisavljev: "Uiteindelijk hoopt China toch ook de Servische bevolking mee te nemen in zijn plannen. Dit is pure soft power. Het laat zien dat China hier is, en niet meer weggaat."

STER reclame