Nieuwsuur

Speciale trainingen voor uitgeprocedeerde asielzoekers die zeggen terug te willen naar hun land van herkomst hebben nauwelijks effect. Uit onderzoek van Nieuwsuur blijkt dat bijna de helft tot twee derde van de deelnemers niet terugkeert. Van de mensen die wel een retourreis maken, is niet meetbaar of dat dankzij de trainingen is.

Uit het onderzoek blijkt bovendien dat er concurrentie is ontstaan tussen stichtingen die deze 'terugkeerprojecten' uitvoeren. Stichtingen proberen om afgewezen asielzoekers naar hun project te trekken, en pakken ze soms zelfs van elkaar af. Justitie is hiervan op de hoogte, maar zet de projecten toch door.

Effectiviteit en efficiency

In 2017 en 2018 ging er vanuit het ministerie zo'n 5 miljoen subsidie naar de terugkeerprojecten. Voor de komende twee jaar is een vergelijkbaar bedrag begroot.

Voorzitter van de onafhankelijke Adviesraad voor Migratie (ACVZ), Koos Richelle, is kritisch over het beleid. "Ik begrijp dat men alles probeert te doen wat tot de mogelijkheden behoort. Maar zoals bij elke overheidsuitgave moet je effectiviteit en efficiency kunnen meten. Als je daar geen cijfers over hebt, kan je dus niet concluderen of het helpt."

Justitie subsidieert twijfelachtige terugkeerprojecten asielzoekers

Coaching, ontspanning en empowerment

De trainingen zijn bedoeld om de terugkeer van afgewezen asielzoekers die zeggen terug te willen, extra te 'bevorderen'. Veel van hen kunnen al aanspraak maken op de bestaande vertrekpremie van zo'n 1800 euro, die grotendeels wordt uitgekeerd bij aankomst in het land van herkomst.

Daarnaast bieden verschillende stichtingen nu terugkeercursussen aan in Nederland zélf, die een paar maanden kunnen duren. Het gaat om trajecten van coaching, ontspanning en empowerment, en om vaktrainingen die opleiden tot kapper, lasser of beautyspecialist.

Stichtingen kunnen per begeleide asielzoeker 8000 euro subsidie van Justitie krijgen. Daarnaast zijn er ook subsidies van de Europese Unie en verschillende gemeenten. Stichtingen hebben vaak meerdere terugkeerprojecten lopen. Per project gaat het om flinke bedragen - van vaak honderdduizenden euro's - waarbinnen tientallen tot een paar honderd mensen worden begeleid. Van het subsidiegeld bekostigen stichtingen vooral personeel.

Werk zoeken in Nederland

Uit informatie van vier belangrijke terugkeerstichtingen blijkt dat bijna de helft tot twee derde van de afgewezen asielzoekers die meedoen, na afloop van de coaching en opleidingen toch niet terugkeert. Nieuwsuur was aanwezig bij een training in schilder- en schuurwerk aan het Albeda college in Rotterdam.

Alle deelnemers vertelden dat zij niet terug willen. Ze doen mee om een diploma te behalen, waarmee ze werk willen zoeken in Nederland zelf. Eén afgewezen asielzoeker wist überhaupt niet dat het om een terugkeertraining ging.

'Ik doe wel mee, maar ik kan niet terug'

Het is niet meetbaar of het deel dat uiteindelijk wél terugkeert, dat doet dankzij de gevolgde trainingen, of sowieso al van plan was om terug te keren. Jaarlijks keren er al enkele duizenden mensen vrijwillig terug naar het land van herkomst, via het programma van de Internationale Organisatie van Migratie (IOM). Het ministerie erkent het gebrek aan meetbare resultaten. Toch zet zij de projecten door.

De terugkeertrainingen worden gesubsidieerd door de Dienst Terugkeer & Vertrek, die volgens het regeerakkoord de 'terugkeerbereidheid' van uitgeprocedeerden zou moeten stimuleren, zodat meer afgewezen asielzoekers vrijwillig terugkeren. Maar nog altijd keren geen significant grotere aantallen vrijwillig terug naar hun land van herkomst, zegt Richelle van de ACVZ. "Dat kunnen wij althans uit de statistieken niet afleiden en we hebben geen betere cijfers."

Subsidie per 'terugkerende' vreemdeling?

Er is dit jaar wel sprake van een lichte, toevallige piek in de aantallen vrijwillige terugkeerders, maar dit is geen gevolg van bewust beleid. Het cijfer kan volgend jaar weer anders zijn. Toch stelde staatssecretaris Ankie Broekers-Knol bij haar aantreden dat "steeds meer resultaten geboekt worden met vrijwillige terugkeer". Bij navraag zegt het ministerie dat deze uitspraak inderdaad niet gebaseerd is op een significante toename, maar op de toevallige absolute stijging die er dit jaar is.

De stichtingen die de terugkeerprojecten uitvoeren zeggen dat het ministerie van Justitie hen niet afrekent op het aantal uitgeprocedeerde asielzoekers dat daadwerkelijk vertrekt. Zij zouden slechts een inspanningsverplichting hebben om een bepaald aantal mensen te begeleiden.

In de subsidieregeling van Justitie staat echter dat stichtingen 8000 euro per 'terugkerende' vreemdeling kunnen krijgen. Bij navraag laat het ministerie weten dat dit "inderdaad onduidelijk" is geformuleerd. Het moet gaan om 8000 euro per 'begeleide' vreemdeling. Het ministerie zegt dit in een volgende bijlage van de subsidieregeling te zullen verduidelijken.

STER reclame