Nieuwsuur
AFP

De adempauze in de Syrische stad Aleppo is voorbij. Er wordt weer hard gevochten, sinds het einde van het kortstondige staakt-het-vuren. Russische en Syrische gevechtsvliegtuigen bestookten de stad vandaag meerdere keren met bombardementen.

Rusland had de wapenstilstand mede namens het Syrische regime uitgeroepen. In de gevechtspauze moest noodhulp de stad bereiken en zouden inwoners en rebellen de gelegenheid krijgen om de stad te verlaten. Maar die missie lijkt niet geslaagd.

Leven en dood

Hulporganisaties maken zich zorgen over de burgers in Aleppo. "We horen verhalen van mensen die gras eten, soms zelfs hun huisdieren moeten opeten. Gewoon omdat ze helemaal niks meer hebben", zegt Merlijn Stoffels, woordvoerder van het Rode Kruis.

Medische hulp heeft volgens hem op dit moment de grootste prioriteit. "Er zijn ongelooflijk veel bommen gevallen op het oostelijke deel van de stad, met heel veel gewonden tot gevolg. Die moeten snel worden geholpen."

Maar aan medische hulp is in Aleppo een compleet gebrek. "Er zijn geen artsen, de ziekenhuizen zijn stuk, er zijn geen medicijnen. Het is echt een kwestie van leven en dood", zegt Stoffels. 

Zorgen over burgers in Aleppo, 'medische hulp hard nodig'

"Het is sinds maart al onmogelijk voor ons om hulpgoederen te brengen naar dat deel van de stad", zegt Stoffels. "Terwijl het de plicht is van de strijdende partijen om deze mensen hulp te bieden. Ik roep ze met klem op om dit mogelijk te maken."

Aleppo was ooit de dichtstbevolkte stad van Syrië en het economische hart van het land. In de burgeroorlog van de afgelopen 5 jaar is de stad voor een groot deel verwoest, en zijn honderdduizenden mensen op de vlucht geslagen.

Er zitten naar schatting nog 250.000 burgers vast in het belegerde deel van Aleppo. Ook worden in en rond de Syrische stad twee miljoen inwoners bedreigd door een ernstig watertekort en er is nauwelijks elektriciteit.

STER reclame