Cato (21) werd maandenlang gestalkt toen ze 19 was
NOS Nieuws

Vijf jaar na moord op Hümeyra: stalking nog steeds niet onder controle

  • Michelle Peters

  • Michelle Peters

Stalking blijft een groot probleem. Bijna vijf jaar na de moord op het Rotterdamse meisje Hümeyra (16) is er nog steeds slecht zicht op hoeveel slachtoffers er zijn. Ook het aanpakken van stalkers lukt betrokken organisaties niet.

Op 18 december 2018 werd Hümeyra in de fietsenstalling van haar middelbare school vermoord door haar ex, Bekir E. Maandenlang had hij haar gestalkt en bedreigd. Hümeyra deed meermaals aangifte, maar daar werd niets mee gedaan. De inspectie kwam na de moord met een keihard oordeel: politie, justitie en Veilig Thuis hebben gefaald.

Sindsdien proberen de instanties stalking onder controle te krijgen, maar dat lukt nog niet. NOS Stories sprak met een aantal slachtoffers, onder wie Cato (21). "Ik leerde een jongen kennen via een datingapp. Het begon leuk, maar nadat we afgesproken hadden werd hij steeds hebberiger. Hij bleef me berichtjes sturen en bellen. Ook kwam hij langs op mijn werk. Toen ik hem overal had geblokkeerd ging hij mijn vriendinnen en familie benaderen."

Onduidelijk hoeveel

Een van de problemen bij de aanpak van stalking is de onduidelijkheid over hoeveel slachtoffers er zijn. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek gaat het om zo'n 210.000 slachtoffers per jaar. Zo'n 40.000 van hen doen aangifte. In de politiesystemen is echter maar sprake van 3600 aangiftes van stalking. Dat komt doordat een eerste melding van stalking vaak wordt vastgelegd als bedreiging of (huiselijk) geweld.

Ook bij andere partijen zoals Veilig Thuis en Stichting Fier zijn geen cijfers van stalking geregistreerd. Stichting Fier zegt daar naar aanleiding van dit verhaal mee te beginnen.

Aanpak blijft moeilijk

Ook het aanpakken van stalkers lijkt niet goed te lukken. Volgens de Nederlandse Politiebond (NPB) wordt er sinds de dood van Hümeyra vaker melding gedaan, en wordt een intakegesprek serieus aangepakt, maar daarna blijft het stil. Ook is het voor de politie lastig om de stalkers tegen te houden. "Er is gebrek aan personeel, mensen doen vaak laat melding en de politie komt pas na een aantal forse incidenten", vertelt vakbondsvoorzitter Jan Struijs.

Ook Veilig Thuis geeft aan moeilijk greep te krijgen op stalking. "Sinds Hümeyra hebben we aan tafel gezeten met politie, Openbaar Ministerie en Slachtofferhulp", vertelt Judith Kuypers, voorzitter van Landelijk Netwerk Veilig Thuis. "Er is bij alle partijen meer aandacht voor het probleem, maar in de ene regio gaat het voorspoediger dan in de andere."

Volgens Kuypers zijn stalkingszaken nu sneller in beeld en wordt er beter gecommuniceerd tussen de betrokken partijen. "Maar helaas komt stalking in sommige regio's nog te vaak voor. Bijvoorbeeld omdat de politie te weinig prioriteit of geld heeft om het aan te pakken, omdat Veilig Thuis het niet redt, of omdat de gemeente het niet belangrijk genoeg vindt."

'Ook taak voor maatschappij'

De politie heeft na de dood van Hümeyra een speciaal systeem ontwikkeld: SASH. Agenten moeten een formulier invullen waaruit blijkt hoe gevaarlijk een stalker is. Maar volgens de NPB en Slachtofferhulp wordt dat formulier lang niet altijd goed ingevuld.

De politie zei: "Totdat er echt iets gebeurt, kunnen we niet zo heel veel doen."

Cato (21)

Volgens de politie wordt het wel goed ingevuld, en zit het probleem aan de voorkant. "De politie wordt er vaak op aangekeken als er iets misgaat, maar dat is niet helemaal terecht", vertelt Alfred Folkeringa, coördinator Zorg en Veiligheid bij de politie. "Als een slachtoffer bij de politie komt, zijn er al tientallen incidenten geweest. Bij al die andere incidenten zijn ook signalen geweest die opgepikt moeten worden. En dat moet door de samenleving gebeuren: door burgers, buren en op school. En dat moet vervolgens ook gemeld worden."

Toch doet een op de drie slachtoffers geen aangifte omdat ze denken dat het geen zin heeft. Die ervaring heeft ook Cato. "Ik heb twee keer een melding gedaan via de telefoon. Toen heb ik ze ook verteld dat ik nog WhatsApp-berichten heb. Toen zeiden ze: 'Ja totdat er eigenlijk echt iets gebeurt, kunnen we niet zo heel veel doen.' Dus toen heb ik geen aangifte meer gedaan."

Heb je te maken met een stalker? "Begin met het verzamelen van bewijs", zegt Roy Heerkens van Slachtofferhulp. "Screenshots van whatsappjes. Registreer in een logboek hoe vaak je gebeld wordt. Ga daarmee naar de politie." En ook de politie zegt: "Doe altijd melding of aangifte."

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl