Tegeltableau in Kampen met een weergave van de tabaksoogst in Nederlands-Indië
In samenwerking met
Oost
NOS Nieuws

Provincie Overijssel maakt excuses voor slavernijverleden

De provincie Overijssel heeft excuses gemaakt voor haar rol in het slavernijverleden. "Het vervult ons met schaamte en pijn wat er destijds, mede door betrokkenheid van de provincie Overijssel, in de tijd van kolonialisme en slavernij aan mensen is aangedaan", zei de commissaris van de koning in Overijssel, Andries Heidema.

Heidema bood de excuses vanmiddag aan tijdens een symposium over het provinciale slavernijverleden in Zwolle. Heidema nam daar een boek in ontvangst dat gaat over het slavernijverleden in de provincie, schrijft RTV Oost. De commissaris zei toen geraakt te zijn door de inhoud van het boek en de gesprekken die hij met betrokkenen heeft gevoerd over de slavernij.

Katoen van plantages voor de Twentse textielnijverheid

In het boek zijn de resultaten van een onderzoek naar het provinciale slavernijverleden bijeengebracht. Dat onderzoek is uitgevoerd door de Overijsselacademie, een kenniscentrum voor regionale geschiedenis en streektaal. Onderzoekers hebben met onder meer archiefonderzoek het onderwerp in kaart gebracht.

Zo staat in het boek dat katoen voor de Twentse textielnijverheid kwam van plantages met tot slaaf gemaakten in het zuiden van de Verenigde Staten. De tabak voor de sigarenindustrie in Kampen kwam van plantages in Suriname, schrijven de onderzoekers. Zij stellen dat de Overijsselse samenleving van de zeventiende tot en met de negentiende eeuw verbonden was met de koloniale slavernij in de Oost en de West.

Dit varieerde van Overijsselse plantagehouders en bewindslieden van de West-Indische Compagnie of Verenigde Oost-Indische Compagnie tot Overijsselaars die zich uitspraken tegen de slavenhandel en de slavernij, schrijven de onderzoekers. Ook bestuurders, winkels en fabrikanten met koloniale waren zijn in de Overijsselse archieven terug te vinden. Hetzelfde geldt voor zeelui en handelaren die te maken hadden met de koloniale praktijk.

Historisch belang

Commissaris van de koning Heidema sprak van "een grondig en onweerlegbaar onderzoek". Hij noemde het slavernijsysteem "een gruwelijk systeem dat destijds in Nederland en daarbuiten alleen kon bestaan door het ontmenselijken van mensen". Heidema: "Een systeem waar u en ik, bestuur en inwoners, persoonlijk geen onderdeel van uitmaakten. Een systeem waarvan we willen en moeten zeggen: dit nooit meer."

Hij vervolgt: "Het vervult ons met schaamte en pijn wat er destijds, mede door betrokkenheid van de provincie Overijssel, in de tijd van kolonialisme en slavernij aan mensen is aangedaan", aldus Heidema. "En daarvoor bied ik hier en nu excuses aan. Postuum aan de tot slaaf gemaakten destijds en ook aan hun nazaten tot de dag van vandaag."

Volgens de Overijsselse commissaris is het erkennen van het slavernijverleden van de provincie vanuit historisch oogpunt van belang en is het ook "van cruciaal belang voor het vormgeven van onze toekomst". Heidema: "Het dwingt ons om na te denken over de erfenis van ongelijkheid die nog steeds doorwerkt in onze samenleving. Ook vandaag."

Excuses

Eerder maakten de provincies Noord- en Zuid-Holland al excuses voor de betrokkenheid bij de slavernij. De provincie Zeeland zal aanstaande zaterdag tijdens Keti Koti excuses aanbieden. Dan wordt herdacht en gevierd dat 150 jaar geleden een einde kwam aan de slavernij onder Nederlands bewind.

Ook verschillende steden en banken hebben al openlijk excuses gemaakt. Vorig jaar december bood premier Rutte namens de Staat al zijn excuses aan voor het Nederlandse slavernijverleden. De verwachting is dat koning Willem-Alexander dat zaterdag ook gaat doen.

Advertentie via Ster.nl