Microscoopfoto van celmembranen en deeltjes van het coronavirus (rode pijl) EPA / Universiteit van Milaan
Coronavragen

Het coronavirus is amper vijf maanden oud, en dus is er vooral nog veel onbekend over het virus. Om de uitbraak effectiever te kunnen indammen, zoekt de wereld naar meer kennis over een aantal essentiële zaken.

Besmettelijkheid

De coronamaatregelen zijn geijkt op mensen met klachten, omdat die eventueel het virus zouden kunnen verspreiden. Maar al in januari, toen het coronavirus nog voornamelijk in epicentrum Wuhan rondwaarde, schreven onderzoekers dat een persoon mogelijk al besmettelijk was tijdens de incubatieperiode. Oftewel: in de tijd voordat iemand daadwerkelijk symptomen heeft.

Die verdenking is ruim drie maanden later nog altijd niet weggenomen. De Amerikaanse infectie-expert Robert Redfield zei eind vorige maand tegen radiozender NPR dat misschien zelfs 25 procent van de coronapatiënten asymptomatisch blijft. Tegelijk benadrukt de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) dat het risico om besmet te worden door iemand zonder symptomen "heel klein" is.

Hoe het precies zit, is volgens arts-microbioloog Jean-Luc Murk van het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis in Tilburg lastig te onderzoeken. "Je moet daar dan heel gedetailleerd patiënten over gaan bevragen. En zelfs dan krijg je vaak geen volledige zekerheid", zegt hij.

Hij bevestigt dat een deel van de patiënten besmettelijk is voordat er klachten zijn. "Als er bijvoorbeeld al veel virus in de neus of keel zit, gaat daar een continue luchtstroom langs. We weten alleen niet precies wanneer het virus daar zit. Daar moet onderzoek naar gedaan worden. En het hangt waarschijnlijk ook af van het gedrag van die persoon. Als iemand bijvoorbeeld heel hard praat, kunnen er ook druppels met virus vrijkomen."

Daarnaast wordt er volop onderzoek gedaan naar specifieke coronaklachten. Artsen van het Bernhoven Ziekenhuis in Uden publiceerden recent in het Nederlands Tijdschrijft voor Geneeskunde een analyse van de eerste 107 covid-19-patiënten die zich op de spoedeisende hulp van het ziekenhuis meldden: ruim een derde van hen had atypische klachten zoals diarree, buikpijn en pijn op de borst. Ook bij ouderen beginnen de infecties vaak atypisch.

Verspreiding

Dat er geen helder zicht is op hoe het virus zich verspreidt, blijkt uit de verschillende maatregelen die landen nemen om de uitbraak in te dammen. In Nederland is de 1,5-meterregel heilig. Met die afstand is de kans namelijk miniem dat een virusdruppel na een hoest of nies in het gezicht van een ander terechtkomt.

In landen als de VS wordt burgers inmiddels ook geadviseerd zelfgemaakte mondkapjes te dragen. Dat heeft te maken met het vermoeden op basis van een aantal onderzoeken, dat het virus zich ook via microscopisch kleine druppels - zogenoemde aerosolen - kan verspreiden. Dergelijke deeltjes kunnen grotere afstanden afleggen en blijven langer in de lucht hangen. Zo zou het virus via praten of ademen al verspreid kunnen worden, denken Amerikaanse virusexperts.

Het is volgens viroloog Mariet Feltkamp, verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum, nog geen reden om compleet anders naar de maatregelen rond het virus te kijken. Daarvoor is er nog te weinig onderzoek gedaan, zegt ze. Bijvoorbeeld naar hoe besmettelijk die aerosolen zijn. "En dat is ook lastig om in studieverband aan te tonen. Misschien kan het in proefdierverband; het zou me niet verbazen als dat momenteel al gebeurt", zegt Feltkamp.

Arts-microbioloog Jean-Luc Murk verwacht in ieder geval niet dat het virus net zo besmettelijk is als bijvoorbeeld de mazelen. "Daarvan weten we dat kleine druppels tot twee uur kunnen blijven hangen in een ruimte én mensen kunnen besmetten. Als dat bij dit virus ook zo was, hadden we dat nu wel geweten."

Viroloog Annemiek van der Eijk beantwoordde vorige maand verschillende vragen over sociale onthouding:

Kan ik nog buitenspelen, naar de kapper en andere vragen over sociale onthouding

Bij luchtweginfecties die vergelijkbaar zijn met het coronavirus is bekend dat een patiënt na het doorlopen van de infectie door het aanmaken van antistoffen in ieder geval voor een bepaalde tijd immuun is. Dat geldt ook voor covid-19, denken experts. Maar hoe lang die immuniteit blijft, is nog niet duidelijk.

Zo lijken mensen die alleen lichte klachten hebben minder antistoffen in het bloed aan te maken, zei Jaap van Dissel, hoofd infectieziektebestrijding bij het RIVM, eerder deze week. Maar of zij dan ook niet of minder lang immuun zijn? Niemand die het weet, zegt arts-microbioloog Murk.

"Daarnaast is het de vraag: hoe ontwikkelt het virus zich?", zegt hij. "De griep kun je ook elk jaar krijgen, omdat het virus dan net weer iets is veranderd. Terwijl je tegen bijvoorbeeld de mazelen de rest van je leven bent beschermd, omdat dat virus hetzelfde blijft." Het valt in ieder geval vooralsnog niet uit te sluiten dat iemand door een net iets veranderde versie van het virus voor de tweede keer een covid-19-infectie kan oplopen.

Vatbaarheid

Waarom slaat het virus bij de een harder toe dan bij de ander? Microbioloog Jean-Luc Murk is eerlijk: hij heeft geen idee. Net als dat hij geen onfeilbare verklaring heeft voor het gegeven dat kinderen minder vatbaar lijken. "Die krijgen relatief vaak virussen, en dus ook coronavirussen, omdat alles voor hen nieuw is", zegt Murk. "Misschien dat het afweersysteem van kinderen beter is getraind dergelijke virussen te bestrijden."

Viroloog Mariet Feltkamp legt uit dat de hoeveelheid virus waarmee iemand besmet wordt ook een rol kan spelen bij de hevigheid van de infectie. "De belangrijkste tegenkracht is het afweersysteem, maar dat heeft tijd nodig om op gang te komen. Bij een grote hoeveelheid van het virus staat dat systeem op achterstand", legt Feltkamp uit.

Microbioloog Murk beaamt dat. Hij omschrijft de infectie als een 'oorlog', maar dan in het lijf: "Als er tien man voor het fort staan, lukt het meestal wel die grotendeels buiten te houden. Als er een miljoen staan, wordt het een ander verhaal. Daarbij wil je bijvoorbeeld ook weten of mensen die zijn blootgesteld aan veel virus eerder ziek worden. Dat verwacht je wel, maar weten we nog niet."

Medicijnen en vaccin

Er is nog veel onbekend over het verloop van de infectie. Zo zoekt microbioloog Murk nog naarstig naar een antwoord waarom coronapatiënten gemiddeld eerst een week relatief milde klachten hebben. Om daarna weer beter te worden of juist achteruit te gaan. "Het suggereert dat het immuunsysteem misschien een rol speelt in het verloop", zegt hij. Zeker weten doet hij dat niet en vanwege het gebrek aan dat soort kennis is er ook nog geen bewezen geneesmiddel bekend.

Wel lopen er wereldwijd tientallen onderzoeken naar zo'n medicijn. Dat is een lastige zoektocht, zegt Murk. "Je moet bijvoorbeeld weten wanneer je met de behandeling moet starten. Van de griep weten we dat een medicijn geen zin meer heeft als het te laat wordt gebruikt. Misschien is dat bij dit virus ook wel zo, waardoor sommige medicijnen misschien al onnodig als nutteloos zijn bestempeld."

De zoektocht naar een vaccin is net zo complex. Viroloog Bart Haagmans van het Erasmus MC moet even nadenken als hem wordt gevraagd hoeveel van zijn collega's nu werken aan een van de ruim veertig kandidaat-vaccins die nu bij de WHO zijn gemeld. Duizenden? "Ik denk het wel", zegt hij. "De eerste onderzoeken gaan nu al fase één in, waarbij op mensen wordt getest. Dat is ongekend snel."

Maar pas na fase drie, als het vaccin uitvoerig op een grote groep proefpersonen is getest, kan geconcludeerd worden of het daadwerkelijk werkt. Haagmans verwacht dat die studies eind dit jaar of begin volgend jaar zijn afgerond.

Hij heeft goede hoop dat er uiteindelijk een vaccin wordt gevonden. Daarna zal het virus waarschijnlijk in het rijtje komen met de vier andere terugkerende coronavirussen, die in de meeste gevallen leiden tot neusverkoudheid. Verdwijnen zal het virus niet, verwacht hij. Haagmans: "Het is inmiddels zo wijdverspreid. Helemaal tot nul reduceren zal lastig worden."

Wat moet er nog gebeuren voor we een definitief coronavaccin kunnen verwachten? NOS op 3 zocht het uit:

STER reclame