ANP
NOS Nieuws

De coalitie praat over koopkracht, aan welke knoppen kan het kabinet draaien?

Een energierekening die ten opzichte van vorig jaar drie keer over de kop gaat en boodschappen in de supermarkt waar je zo'n 20 procent meer voor kwijt bent; de inflatie is sinds 1975 niet zo hoog geweest. Nederlanders met lage inkomens, maar ook met middeninkomens, krijgen steeds meer moeite rond te komen.

En dus wordt er gekeken naar de overheid: wat kan het kabinet doen om de gevolgen van het aanstaande 'koopkrachtbloedbad', zoals bronnen in Den Haag het noemen, dragelijker te maken? Dat is de belangrijkste vraag die de coalitie op dit moment moet beantwoorden. Veel tijd hebben ze daar niet voor: op 26 augustus moet de begroting voor volgend jaar klaar zijn. Vandaag zaten de coalitiepartijen samen voor een eerste informeel overleg, volgende week komt het Centraal Planbureau met belangrijke cijfers over de koopkracht.

In tijden van economische voorspoed kunnen coalitiepartijen in de aanloop naar Prinsjesdag wat kleine ingrepen doen om de koopkrachtplaatjes zo gunstig mogelijk over te laten komen. Een beetje belastingverlaging hier, een extra subsidieregeling daar. Nu zijn er fundamentele keuzes nodig om de koopkracht voor miljoenen Nederlanders bij te stellen. Zulke keuzes worden normaal alleen gemaakt als er onderhandelingen worden gevoerd over een nieuwe coalitie.

Een van de vraagstukken die worden besproken, is wat het kabinet kan doen om de energierekening te verlagen. Die is verantwoordelijk voor een groot deel van de huidige inflatie. Als je vorig jaar een nieuw gemiddeld energiecontract afsloot (1200 m3 gas en 2400 KWh), dan was je daar 120 euro per maand voor kwijt. Inmiddels is dat drie keer zoveel.

De energierekening

Dat is veel hoger dan in andere landen. Voor een groot deel komt dat omdat nergens in Europa het aandeel overheidsheffingen in de energierekening hoger is. Voor elke euro die je betaalt aan gas, gaat bijvoorbeeld 37 cent naar de schatkist.

Het kabinet nam dit jaar al maatregelen om de lasten van de energierekening minder zwaar te maken. Zo werd een eenmalige belastingkorting ingesteld, waardoor een gemiddeld huishouden 540 euro tegemoetkoming kan krijgen. Voor minima is een extra energietoeslag van 1300 euro beschikbaar gemaakt.

Energierekening in Europa voor gemiddeld huishouden (1200 m3 gas en 2400 KWh stroom)

Gemiddeld energieverbruik Gas Elektriciteit Jaarbedrag Maandbedrag
Nederland 3295 1005 4300 358
België 1595 965 2560 213
Frankrijk 1321 605 1926 160
Verenigd Koninkrijk 2153 1513 3666 305

Onderwerp van gesprek is of die maatregelen verlengd worden of misschien zelfs wel worden uitgebreid. Vakbond FNV pleitte ervoor een maximumprijs in te stellen voor energie, zoals in Frankrijk is gebeurd. Marktpartijen zijn daar geen voorstander van, omdat de rekening dan bij hen komt te liggen.

Een andere mogelijkheid is het verlagen van de btw op energie. Voordeel is dat dat relatief weinig kost. Omdat een heffing altijd een percentage is van de prijs, zijn de belastinginkomsten ook hoger als de prijs stijgt. Bij een procentueel lagere belasting hoeven de absolute inkomsten voor de schatkist dus niet al te zeer omlaag te gaan.

Inkomenspolitiek

Ook gewone boodschappen zijn flink duurder geworden. Er zijn verschillende knoppen waar het kabinet aan kan draaien, waaronder algemene voor de hele bevolking en maatregelen die specifiek gericht zijn op lage inkomens.

Een veelgenoemde optie is het verhogen van het minimumloon. Althans, het sneller verhogen van het minimumloon. In het regeerakkoord is afgesproken dat het minimumloon in 2025 met 7,5 procent moet zijn gestegen, tot 13,18 euro per uur. In juni besloot het kabinet vanwege de inflatie dat het volgend jaar al met 2,5 procent omhooggaat naar 11,94 euro. Mogelijk besluit het kabinet de verhoging nog verder te versnellen. Oppositiepartijen pleiten al langer voor een minimumloon van 14 euro.

Andere opties zijn een generieke verlaging van de btw en een algemene belastingverlaging. Omdat door de gestegen prijzen de btw-inkomsten ook hoger liggen, kan een btw-verlaging worden doorgevoerd zonder dat het de schatkist te veel kost. Nadeel is wel dat ook huishoudens met hoge inkomens, die zo'n verlaging niet per se nodig hebben, profiteren. De btw-verlaging op groente en fruit, een voornemen van het kabinet, zouden ze ook eerder kunnen doorvoeren. Vraag is of de Belastingdienst dat aankan.

Datzelfde geldt voor een algemene inkomstenbelastingverlaging, die bovendien duur is. Een verlaging van de belasting met bijvoorbeeld 1 procent kost de schatkist 4 miljard euro. Voor lage inkomens zet dat procent bovendien niet veel zoden aan de dijk, het zijn juist hoge inkomens die profiteren.

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl