ANP

Er is in Nederland een besmetting met de omikronvariant van het coronavirus aangetroffen bij iemand die niet in zuidelijk Afrika is geweest. Dat zegt Chantal Reusken van het RIVM. Zij gaat ervan uit dat diegene het virus heeft opgelopen van iemand in Nederland. Door bron- en contactonderzoek wordt nu geprobeerd na te gaan waar de besmetting vandaan komt. De hoop is dat daar in de loop van de week meer duidelijkheid over komt.

Het RIVM maakte vandaag bekend dat twee mensen die op 19 en 23 november positief testten de omikronvariant bij zich droegen. De gevallen staan los van elkaar. Een besmet persoon is in zuidelijk Afrika geweest, de ander dus niet.

De twee omikrongevallen werden opgespoord door in testgegevens van laboratoria terug te kijken naar de data. Dat gaat nu op grotere schaal gebeuren. Daarmee hoopt het RIVM duidelijk te krijgen in hoeverre de variant al in Nederland circuleert. Er kan maximaal twee maanden terug worden gekeken, dat is de wettelijke bewaartermijn van de testgegevens.

Gerichter onderzoek

Behalve door 'terugkijken' naar al afgenomen testen hoopt het RIVM gegevens te krijgen uit de Nationale Kiemsurveillance. Daarbij wordt bij een steekproef van positieve testen gekeken naar de eigenschappen van het aangetroffen coronavirus, de zogeheten sequentieanalyse. Tot nu toe kwamen daar geen omikronbesmettingen uit. Morgen komen er nieuwe gegevens.

Verder is aan mensen die recent in zuidelijk Afrika zijn geweest gevraagd om zich te laten testen. Die drie trajecten bij elkaar moeten meer inzicht geven in de vraag in hoeverre de omikronvariant zich al binnen Nederland heeft verspreid. Verder hoopt het RIVM de virusvariant te kunnen isoleren zodat er nog gerichter onderzoek naar kan worden gedaan.

Minder bescherming

Volgens Reusken zou het over een week of twee zover kunnen zijn. Dan is het volgens haar ook belangrijk om meteen zoveel virusmateriaal te isoleren dat het door het RIVM kan worden gedeeld met soortgelijke instituten in het buitenland. Het onderzoek kan dan op meerdere plekken tegelijk worden gedaan.

Reusken benadrukt dat het nu nog te vroeg is om definitieve uitspraken te doen, maar ze houdt er rekening mee dat de huidige vaccins minder bescherming bieden tegen de omikronvariant. Dat betekent niet dat de huidige vaccins niet meer werken, maar wel minder goed. Fabrikanten moeten de samenstelling van hun vaccins dan aanpassen en het zal een paar maanden duren voor het zover is, zo verwacht ze.

11 EU-landen

Omikron is volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) een "zorgwekkende" variant. Die term krijgen gemuteerde versies van het virus die mogelijk besmettelijker of schadelijker zijn dan voorgaande varianten.

Inmiddels zijn er in de Europese Unie 44 omikronbesmettingen gemeld, in elf verschillende landen. Behalve Nederland zijn dat België, Duitsland, Denemarken, Zweden, Frankrijk, Spanje, Portugal, Italië Oostenrijk en Tsjechië. In het Verenigd Koninkrijk zijn tot dusver veertien besmettingen met de variant geregistreerd.

STER reclame