Capsules van het antivirale middel molnupiravir AFP/Merck

De strijd tegen corona heeft mogelijk een nieuw wapen, of een nieuwe hamer eigenlijk. Het antivirale middel molnupiravir is vernoemd naar krijgshamer Mjölnir van de Noorse dondergod Thor en kan als het op tijd wordt toegediend 50 procent van de ziekenhuisopnames en overlijdensgevallen in risicogroepen voorkomen, maakte farmaceut Merck vorige week bekend op basis van klinisch onderzoek.

De beurskoers van Merck steeg bliksemsnel. De Verenigde Staten hebben al een bestelling geplaatst en verschillende Aziatische landen hebben vergevorderde interesse in het middel. Er wordt gesproken van een gamechanger, maar is het dat ook? En waarom hebben we het middel nodig als we ook al vaccins hebben?

Viroloog Eric Snijder van het LUMC noemt de resultaten die Merck bekendmaakte bemoedigend en "een welkome aanvulling". Het antivirale middel waar tot nu toe enige werking tegen corona van is aangetoond, remdesivir, moet via een infuus worden toegediend. "Dat gebeurt bijna alleen in een ziekenhuis, en dus pas als iemand is opgenomen", aldus Snijder.

Molnupiravir is een pil en zou, als het door de geneesmiddelenautoriteiten wordt toegelaten, het eerste orale middel zijn tegen corona. "Dat maakt de toediening veel eenvoudiger", zegt ook de Belgische viroloog Marc Van Ranst. Toch wil hij het enthousiasme temperen: "Een kanttekening is dat het, zoals alle antivirale middelen, zo vroeg mogelijk ingenomen moet worden. Antivirale middelen zullen geen wondermiddelen zijn."

Foutjes in genetische code

Volgens Merck is er effect als er binnen vijf dagen na het ontstaan van de klachten met de behandeling wordt begonnen. Dan moet een patiënt er vijf dagen lang tweemaal per dag vier pillen van slikken. Molnupiravir zorgt voor foutjes in de genetische code van het virus, waardoor wordt voorkomen dat het virus kopietjes van zichzelf kan maken.

Als een patiënt eenmaal is opgenomen, heeft het middel geen duidelijk meetbaar effect, bleek uit onderzoek van Merck. Dan kunnen er in het ziekenhuis nog wel andere middelen worden ingezet, zoals remdesivir en in het lab ontwikkelde antistoffen, maar dat is in een latere fase van de infectie, waardoor de kans op een slechte uitkomst groter is.

"Antivirale middelen tegen griep lieten ook bemoedigende resultaten zien", zegt Van Ranst. "Mits ze op tijd werden toegediend. Dat is in de praktijk vaak toch niet makkelijk." Dat constateert ook Eric Snijder: "Voordat je een diagnose hebt gesteld, kan het toch een paar dagen verder zijn. Maar je wilt het middel ook niet geven voordat je weet of iemand corona heeft."

Resistentie

Net als bij bacteriën die bestreden worden met antibiotica bestaat bij antivirale middelen het risico op het optreden van resistentie. Een virus muteert dan zo dat het middel niet meer effectief is: "Je wilt op z'n minst dat er met een positieve zelftest, maar liever nog met een PCR-test, is aangetoond dat iemand geïnfecteerd is. Maar ook dan moet je het nog selectief inzetten om resistentieproblemen zo klein mogelijk te houden", zegt Snijder.

Om resistentie tegen te gaan is een combinatietherapie van antivirale middelen eigenlijk aanbevolen. "Zo werkt het bijvoorbeeld ook bij HIV-remmers", zegt Snijder. Die middelen moeten er dan wel zijn. Ook farmaceuten Pfizer, Roche en Atea Pharmaceuticals werken op dit moment aan antivirale middelen tegen corona die experts als kansrijk inschatten. Een combinatie van virusremmers versterkt in theorie ook de werking, doordat het virus op meer plekken wordt aangevallen.

Geen alternatief voor vaccin

Mocht molnupiravir afzonderlijk op de markt komen, zet het dan vooral in bij de risicogroepen, zeggen Snijder en Van Ranst: ouderen, mensen met onderliggend lijden en mensen bij wie de vaccins niet voldoende aanslaan. Ook voor mensen die zich bewust niet hebben laten vaccineren, biedt het een extra behandelingsmogelijkheid om ziekenhuisopnames te voorkomen, maar volgens Van Ranst levert dat wel een "moreel dilemma" op: een vaccin voorkomt immers vaak dat iemand geïnfecteerd raakt en is daarmee ook veel kosteneffectiever.

Het moet daarom niet als alternatief voor een vaccin worden gezien, vindt Van Ranst: "Het kostenaspect zal ook een probleem worden om het wereldwijd in te zetten, terwijl een vaccin maar een paar euro kost." Merck rekent in de VS 700 dollar per behandeling, dat zijn in totaal veertig pillen. De farmaceut zegt rekening te houden met hoe rijk een land is als er met andere landen een deal gesloten wordt.

'Handig voor overbruggingsperiode'

Ook Snijder vindt virusremmers geen alternatief voor een vaccin, maar toch hebben we ze straks wellicht op grotere schaal nodig: "Het kan zijn dat er een variant van het SARS-CoV-2 komt waar de vaccins niet meer tegen werken, of een heel nieuw coronavirus." Vaccins zijn redelijk snel aan te passen aan nieuwe varianten en coronavirussen, maar toch kan het wel een half jaar duren voordat die dan in te zetten zijn: "Dan is het fijn om dit soort middelen te hebben om die periode te overbruggen."

Het deel van het coronavirus dat vooral muteert, is het zogeheten spike-eiwit, waarmee het zich aan menselijke cellen hecht. De vaccins richten zich op dat spike-eiwit, maar de virusremmers richten zich op andere eiwitten. Snijder: "Die eiwitten muteren minder makkelijk. De antivirale middelen werken dus waarschijnlijk ook tegen toekomstige coronavarianten en tegen de hele familie van verschillende coronavirussen."

STER reclame