Jaap van Dissel (links) en Jacco Wallinga NOS

Coronacijfers die rond hetzelfde nog relatief hoge niveau blijven hangen, een vaccinatiegraad die nog maar langzaam stijgt en regionaal en lokaal sterk verschilt, nog geen inzicht in het gevolg van recent doorgevoerde versoepelingen in het hoger onderwijs en honderdduizenden mensen die om uiteenlopende redenen onvoldoende beschermd zijn na een volledige vaccinatie.

Samen betekent dat veel onzekerheid over het verdere verloop van de corona-epidemie. Één ding is wel zeker: een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad is de beste manier om SARS-CoV-2 en covid-19 én al die onzekerheden tegemoet te treden.

Daarover sprak de NOS donderdag 9 september met Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectieziektenbestrijding (CIb) van het RIVM en Jacco Wallinga, hoofdmodelleur aldaar.

De coronacijfers schommelen al enkele weken rond hetzelfde niveau. Wat betekent dat voor de prognoses voor de komende tijd?

Jacco Wallinga: "De scholen zijn weer open, het MBO en de hogescholen en universiteiten draaien weer, de meeste mensen zijn weer aan het werk, kortom het aantal contacten neemt toe. Je zou dus verwachten dat hetzelfde geldt voor het aantal positieve testen, maar dat is redelijk constant. Dat zal niet zo blijven. Het gaat oplopen. De grote invloed van de vaccinaties op de getallen neemt af omdat er niet meer zo veel gevaccineerd wordt. Al komen er nog wel vaccinaties bij in de jongerengroep. En verder gaat het seizoenseffect straks het virus weer helpen. Ik verwacht een toename. Maar als iedereen zich goed aan de basisregels zou houden dan hoeft er niet zo veel te gebeuren."

De vaccinatiegraad stijgt nog maar langzaam. Van alle 12-plussers is nu 74 procent volledig gevaccineerd en 83 procent heeft een eerste prik gehad.

Wallinga: "Op landelijk niveau ziet het er wel goed uit. Maar in bepaalde gemeenten en binnen gemeenten in bepaalde wijken ligt de vaccinatiegraad duidelijk onder het gemiddelde. Hoeveel mensen om je heen gevaccineerd zijn bepaalt mede hoe goed je beschermd bent. Op dat vlak is er nog heel wat te halen. Die heterogeniteit in de vaccinatiegraad, die grote verschillen, dat kan nog best wat minder. En omgekeerd de vaccinatiegraad dus nog wat hoger. De mate waarin het virus zich verspreidt op scholen en in het hoger onderwijs wordt bepaald door de vaccinatiegraad daar. In Nederland speelt de levensovertuiging van de school daarbij een grote rol. Als er genoeg plekken zijn waar veel niet gevaccineerden samenkomen dan kan het virus zich makkelijk blijven verspreiden. Dat is zorgwekkend, want in die groepen vatbare mensen zitten ook kwetsbare personen, bijvoorbeeld mensen die zich niet kunnen laten vaccineren."

Het OMT adviseert om vanaf 20 september niet langer hele schoolklassen in thuisquarantaine te sturen als één leerling positief test. Komt dat niet te vroeg als je die verschillen in vaccinatiegraad meeweegt?

Wallinga: "Vanuit de bestrijding van het virus geredeneerd zijn draconische maatregelen het meest geschikt om het virus te beteugelen. Maar het moet uitvoerbaar zijn en er speelt meer dan uitsluitend virusbestrijding."

Bijvoorbeeld de psychische problemen van veel jongeren. Het CBS meldde recent een forse toename daarvan.

Jaap van Dissel: "Het OMT heeft altijd gekeken naar de secundaire effecten van allerlei maatregelen, zoals het belang van het naar school kunnen gaan en contact hebben met leeftijdgenoten. Dit onderstreept hoe terecht die aandacht is en daarom hebben we geprobeerd om in onze advisering voorrang te geven aan versoepelingen in het onderwijs."

Maar dat betekent dan wel een risico op meer verspreiding van het virus op scholen met een lage vaccinatiegraad.

Van Dissel: "Als scholen een hoge vaccinatiegraad hebben, dan is de kans dat klassen of in ieder geval de personen rond iemand die positief test naar huis gestuurd moeten worden kleiner. Voor de middelbare scholen en het hoger onderwijs onderstreept dit hoe belangrijk het is dat we proberen de vaccinatiegraad zo hoog mogelijk te krijgen. De basisscholen is natuurlijk een ander verhaal, want kinderen onder de 12 vaccineren we niet."

In de Verenigde Staten is de discussie daarover begonnen.

Van Dissel: "De vaccins zijn eerst geregistreerd voor volwassenen en vervolgens, nadat daar nieuwe studies voor waren uitgevoerd voor de groep 12-18 jarigen. In de VS praten ze inderdaad over studies naar vaccinatie van kinderen jonger dan 12 jaar, om vast te stellen hoe in die groep de balans is tussen werkzaamheid en eventuele bijwerkingen. Maar de studies moeten nog gedaan worden en dat moet eerst gebeuren voor je daar iets zinnigs over kan zeggen."

Het verhogen van de vaccinatiegraad als oplossing voor alle door SARS-CoV-2 veroorzaakte problemen?

Van Dissel: "Het is belangrijk om te begrijpen dat we het weer openen van de maatschappij samen moeten doen. Om dat mogelijk te maken is er behoefte aan solidariteit. En ook hier weer, hoe hoger de vaccinatiegraad is, hoe makkelijker de maatschappij te openen is. We hebben daarnaast te maken met een groep kwetsbaren die minder goed reageren op vaccinaties, maar die wel gevaccineerd zijn. Ook die beschermen we het beste met een zo hoog mogelijke vaccinatiegraad, een cordon sanitaire om hen heen."

Sommigen uit die groep willen dat er maatregelen worden getroffen om hen te beschermen tegen blootstelling aan het virus.

Van Dissel: "We weten dat zo'n 5 procent van de volledige gevaccineerde mensen toch niet voldoende beschermd is tegen het virus. Maar er is geen simpele test om vooraf vast te stellen voor wie dat geldt. Dat blijkt in de praktijk en een deel van die mensen belandt met covid-19 in het ziekenhuis. Je hebt ook personen van wie je weet dat het vaccin hen niet gaat beschermen. Bijvoorbeeld transplantatiepatiënten die krachtige afweerremmers gebruiken om de kans op afstoting van hun nieuwe orgaan zo klein mogelijk te maken. Of mensen die vanwege ander onderliggend lijden een sterk verminderd werkend afweersysteem hebben zoals patiënten met bloedkanker die met rituximab behandeld worden. Ook hier komt de vraag om solidariteit nadrukkelijk in beeld, want hoe hoger de vaccinatiegraad is, hoe beter dat is voor deze groepen."

Het kabinet overweegt afschaffing van de anderhalvemetermaatregel eind september. Wat zou dat voor effect hebben?

Van Dissel: "We hoeven er niet geheimzinnig over te doen dat afschaffing van de 1,5 meter in zijn algemeenheid tot meer contacten en dus potentieel tot meer virusoverdracht zal leiden. Het hangt af van de precieze omstandigheden hoe dat gaat. Hoeveel mensen komen bij elkaar en in wat voor setting."

Wallinga: "Ook hierbij spelen de verschillen in vaccinatiegraad een grote rol. Op de plekken waar de meeste vatbare personen bij elkaar zitten zijn de risico's het hoogst. Maar op een plek waar de vaccinatiegraad laag is, hebben misschien wel veel mensen door een infectie natuurlijke immuniteit opgebouwd."

Veel werkgevers willen de vaccinatiestatus van hun personeel weten.

Van Dissel: "We hebben in een paar OMT-adviezen op het dilemma gewezen dat werkgevers in de zorg verantwoordelijk zijn voor veilige zorg aan kwetsbare patiënten, maar dat ze daarin belemmerd worden doordat ze onvoldoende informatie hebben. De politiek zal dat moeten oplossen."

Tenslotte, de Formule 1 in Zandvoort. Grote aantallen mensen en lang niet altijd op hun zitplaats. Maar festivals mogen niet.

Van Dissel: "Het is een beleidsbesluit welke evenementen zijn toegestaan en welke niet. De Formule 1 was in principe geplaceerd, al liepen er natuurlijk mensen door elkaar heen naar het toilet of de horeca. Ik begrijp de wrevel wel, maar die festivals wilden bijvoorbeeld niet placeren. Het is belangrijk voor ons om inzicht te krijgen in de eventuele gevolgen van het Formule 1-event voor de epidemie. Misschien zien we daar volgende week al iets van."

STER reclame