Op 24 april 2013 stortte de textielfabriek Rana Plaza in Bangladesh in EPA

Het Bangladesh-kledingakkoord dat volgende week afloopt is met een periode van twee jaar verlengd. In het nieuwe International Accord for Health and Safety in the Textile and Garment Industry staan afspraken tussen kledingmerken en vakbonden over het verbeteren van brand- en bouwveiligheid in kledingfabrieken. De belangrijkste vernieuwing is dat het akkoord naar andere landen dan Bangladesh wordt uitgebreid.

De deal kwam er in 2013, naar aanleiding van de ramp bij kledingfabriek Rana Plaza in de Bengaalse hoofdstad Dhaka. In april van dat jaar stortte een acht verdiepingen tellende fabriek in, waarbij 2500 mensen gewond raakten en meer dan 1100 mensen overleden. Het Bangladesh-akkoord moest voor een betere veiligheid voor de fabrieksarbeiders zorgen.

Het akkoord werd sindsdien twee keer verlengd en loopt op 31 augustus af, maar is nu dus opnieuw verlengd met nieuwe voorwaarden. Op 1 september wordt bekendgemaakt welke kledingmerken al hebben getekend. Ook na die datum kunnen merken zich nog aansluiten.

Joris Oldenziel, adjunct-directeur van de Accord Foundation, de onafhankelijke partij die de uitvoering van het akkoord doet: "De merken zijn juridisch verplicht om de fabrieken te laten inspecteren en te eisen dat fabrieken de verbeteringen doorvoeren als voorwaarde om te blijven produceren voor de merken. Als de fabriek daar financieel niet toe in staat is, moet het merk dat financieel mogelijk maken."

Als een fabriek onder controle staat en na drie waarschuwingen nog steeds niet aan de veiligheidseisen voldoet, is een merk verplicht om de relatie met de fabriek te verbreken. Doet een merk dat niet, dan kunnen ze door vakbonden voor de arbitragerechter gedaagd worden.

Belangrijke punten uit het akkoord zijn:

NOS

Onafhankelijke inspecteurs controleren de brandveiligheid, elektriciteit en bouwveiligheid en stellen verbeterplannen op. De in Nederland gevestigde Accord Foundation doet dat toezicht dus.

"Samen met de lokale organisatie RSC in Bangladesh helpen wij bij het uitvoeren van de inspecties, opvolgen van de verbeterplannen, trainingen van werknemers en behandeling van klachten", zegt Oldenziel. "Kort gezegd ondersteunen wij de ondertekenaars met de implementatie en monitoren wij of de betrokken partijen zich aan de gemaakte afspraken houden."

Wereldwijd hadden zo'n 200 kledingmerken hun handtekening gezet onder het vorige akkoord. Een lijst is hier te vinden. Welke nu zullen tekenen, is nog niet helemaal duidelijk omdat de merken tot 1 september hebben om dat te doen. Onder meer Zeeman, WE Fashion, Wibra en G-star Raw laten aan de NOS weten het akkoord te steunen. Prénatal zegt de overeenkomst te bestuderen. Datzelfde zeggen America Today en MS Mode, die ervan uitgaan de overeenkomst wederom te tekenen.

NOS

De Brands Association, de organisatie waarin de kledingmerken zich hebben verenigd, laat weten dat het akkoord "alle kleding- en textielbedrijven aanmoedigt om deze overeenkomst te ondertekenen en zich aan te sluiten bij ons gezamenlijke doel van een veilige en duurzame kledingindustrie en verwante industrieën."

De Schone Klerencampagne, een van de ngo's die betrokken waren bij het opstellen van het akkoord, is tevreden. Een woordvoerder: "Het is een goede zaak dat dit soort bindende overeenkomsten steeds gewoner worden. We zijn vooral blij dat er is overeengekomen dat we het akkoord naar andere landen kunnen uitbreiden. In Pakistan is bijvoorbeeld nog veel verbetering in de fabrieken nodig."

STER reclame