Maurits Hendriks Pro Shots

Het waren twee geweldige weken, Maurits Hendriks kan het met de beste wil van de wereld niet ontkennen. Maar denk niet dat de technisch directeur van sportkoepel NOC*NSF na het binnenhengelen van 36 olympische medailles ook maar één moment voldaan achterover heeft geleund. "Want als er iets is dat bij mij weerstand oproept, dan zijn dat wel mensen die tevreden zijn."

Een echt geheim achter die indrukwekkende oogst zit er volgens hem niet. "Er is geen toverformule voor succes. Dit is eerder een gevolg van lange adem hebben. Van blijven volhouden, ook op momenten dat het tegenzit. Van bijsturen. Van in bepaalde sporten op de juiste momenten de goede mensen vinden. Dat vooral."

Juiste mensen

"We wisten in 2010 al waar we heen wilden. Daarna was het een kwestie van partnerships vinden, de juiste mensen erbij betrekken. Bij sommige sporten lukte dat al heel snel. Bij andere heeft dat veel langer geduurd. En in een aantal gevallen heeft dat niet geleid tot het resultaat wat je daarvan had gehoopt."

Hendriks: '34 medailles was voor ons realistisch, zijn er 36 geworden'

De 60-jarige Hendriks is er niet de persoon naar zich te laten verblinden door succes. "Als je kijkt naar de potentie van het Nederlandse judo, dan ligt die nadrukkelijk boven die ene olympische medaille. Dat hebben die judoka's af en toe ook laten zien, bijvoorbeeld tijdens de WK van 2019 in Tokio. Toch komt het er al een aantal Olympische Spelen op rij niet uit. En dat is niet omdat de potentie er niet is."

Turnen, ook zo'n sport. "Daar is meer kwaliteit in huis dan de nul medailles die in Tokio werden veroverd. In de paardensport hebben we een heel knappe medaille behaald, met het brons voor Maikel van der Vleuten bij het springen. Maar ook daar zit, met de traditie die we hebben op het gebied van dressuur, een hoger potentieel in."

Bestuurlijke stabiliteit

Hij verliest de realiteit niet uit het oog. "Ook in de sporten die tegenvallen hebben we als Nederland geïnvesteerd. Daar moet je echt goed bij stilstaan. We moeten ons blijven afvragen: wat gaat er niet goed? Is dat bij te sturen? Of moet je misschien wel tot de conclusie komen dat dat niet kan?"

"Het is heel erg ingewikkeld om een topprestatie te leveren als er geen stabiliteit is, als het bestuurlijk onrustig is. Als je te maken hebt met te veel coachwissels en continuïteit in je programma daardoor ontbreekt. Zodra er veel onenigheid is, ontstaat een omgeving waarin je niet het beste uit jezelf kunt halen. In sporten als judo en turnen, om die twee nog maar even aan te halen, moet je stabiliteit hebben om medailles te kunnen veroveren. En die ontbrak."

Hendriks: 'Topsport is een route van de lange adem, ook bij teamsporten'

Hendriks signaleerde nog een trend. Nederland stelde in Tokio teleur op de teamsporten, ook al vloeide er jaarlijks in totaal een krappe dertig miljoen euro richting hockey, voetbal, handbal, waterpolo, basketbal, volleybal en honk- en softbal. Die laatste twee sporten ontbraken in Tokio, van de overige vijf slaagde alleen het vrouwenteam van de hockeyers erin een (gouden) medaille te veroveren.

Hij kan maar één verklaring voor bedenken. "De voorbereidingen op de Olympische Spelen worden steeds korter. Dat betekent dus dat de nationale competities steeds belangrijker worden. Daar wringt 'm de schoen. We hebben in veel teamsporten niet meer de sterkste nationale competities."

Clubcompetities

"Het kan werken om de beste Nederlandse teamsporters over de landsgrenzen onder te brengen, waar het peil hoger is. Toch moeten we tegelijkertijd de Nederlandse clubcompetities goed tegen het licht houden. Ik kom uit het mannenhockey. Daar moeten we serieus kijken of die opleiding nog wel de beste spelers voortbrengt. Want de realiteit is dat België niet alleen olympisch kampioen is, maar ook gewoon betere spelers heeft."

Het laat onverlet dat Hendriks met gepaste trots terugkijkt op de voorbije twee weken. "Er is in Tokio op een heel moeilijk moment in een heel bijzondere omgeving op een heel hoog niveau gepresteerd. Ik was af en toe flabbergasted om te zien hoeveel atleten presteerden op momenten dat we een enorme dosis tegenslag te verwerken kregen."

Maurits Hendriks ANP

Lege stadions, strenge protocollen, coronagevallen, het kon zijn ploeg tijdens de 'Stille Spelen' niet deren, constateert Hendriks. "De jarenlange investeringen die we bijvoorbeeld in de begeleidingsstaf gedaan hebben kwam er op zulke momenten uit."

"De coronagevallen zijn niet van invloed geweest op het presteren van de Nederlandse ploeg. Sommige atleten hebben dat best moeilijk gevonden, maar ze zijn er heel goed mee omgegaan. Het heeft ermee te maken dat TeamNL echt een team is gebleken. Er was sprake van geborgenheid. Dat is ook wat als coach uit een teamsport in me zit: dat je elkaar opvangt op momenten dat de situatie daar om vraagt."

Lid voor het leven

"Er is sprake van een topsportklimaat waarin het veilig toeven is, waar goed gedrag wordt beloond. Lid van TeamNL ben je voor het leven. Als je er eenmaal in zit, kom je er nooit meer uit. Dat betekent dat we er ook voor je zijn als het slecht met je gaat."

Hendriks is zich er terdege van bewust dat hij zijn nog te benoemen opvolger een enorme erfenis nalaat. "Ik hoop vooral dat ik een heel sterke organisatie achterlaat."

Harrie Lavreysen vulde op de slotdag van Spelen zijn medaillecollectie nog ANP

"Ik weet nog wat de mensen tegen me zeiden toen ik aan deze klus bij NOC*NSF begon. Allemaal leuk en aardig om de ambitie uit te spreken om structureel tot de tien beste landen te behoren, maar daar is het topsportklimaat in Nederland niet naar. Nou, kijk maar eens hoe de rest van de wereld anno 2021 naar ons kijkt. Ik vind het écht fantastisch dat dat gelukt is."

Op de schouders

Hij vindt het moeilijk exact te benoemen wanneer het fundament voor het succes van Tokio is gelegd. "Het moment waarop André Bolhuis in 2010 als voorzitter van NOC*NSF zei dat de Nederlandse topsport niet langer door amateurs kon worden bestierd, is fundamenteel geweest."

"En dat Hans Jorritsma werd aangesteld als chef de mission voor Atlanta 1996, mijn allereerste voorganger. Die werd weer opgevolgd door Joop Alberda. Hij gaf daar verdieping aan. Charles van Commenee zorgde, als opvolger van Alberda, als eerste voor focus. Hij maakte nadrukkelijk keuzes. Het voelt alsof ik op de schouders sta van die drie mannen."

Hendriks twijfelt er niet aan dat het medaillerecord van Tokio in de toekomst gebroken kan worden. "Oh ja, zeker wel. De prestatiepotentie van de Nederlandse topsport reikt veel verder dan we in Tokio hebben gezien. Heel véél verder, zelfs."

Oog voor verhalen

"Waar ook veel meer in zit, is wat de prestaties doen met de Nederlandse samenleving. Het gaat om veel meer dan de behaalde medailles. Mensen hebben oog voor de verhalen achter de atleten. En, heel opvallend, er is ook veel meer belangstelling dan voorheen voor sporters die niet op het erepodium hebben gestaan, maar wel een waanzinnige prestaties hebben geleverd."

Kijk eens waar Nederland stond toen hij in december 2008 aantrad als technisch directeur van de sportkoepel, zegt hij. "Ik heb toen een rondje gemaakt in de Tweede Kamer om me netjes voor te stellen. Die politici keken me destijds echt aan met een gezicht van 'meneer, wat komt u hier doen? Wij zijn van de breedtesport. U moet met uw verhaal echt ergens anders heen'. Nu is de situatie volledig omgedraaid."

Lachend: "Zo'n klein landje als nummer zeven in de medaillespiegel, dat is wat, hoor. De rest van de wereld vraagt zich echt af hoe dat in 's hemelsnaam mogelijk is. Dat is, mondiaal gezien, pure reclame voor Nederland."

Dat dit in politiek Den Haag inmiddels wordt onderkend, vervult hem met trots. "Ik sprak twee maanden geleden nog met premier Mark Rutte. Die zei bij die gelegenheid: het plan van mijn kabinet om twintig miljoen per jaar beschikbaar te stellen voor de Nederlandse topsport is de misschien wel beste investering die we ooit hebben gedaan. Ik heb daar maar één ding op geantwoord: ik hoop dat we dat ook in het nieuwe regeerakkoord terugzien."

STER reclame