Gebruikte naalden met het AstraZeneca-vaccin AFP

Het coronavaccin van AstraZeneca biedt inderdaad 100 procent bescherming tegen ernstige symptomen van de ziekte. Wel is het iets minder effectief in het voorkomen van besmettingen dan eerst gedacht, 76 procent in plaats van 79 procent. Dat blijkt uit herziene resultaten van een proef.

De Britse-Zweedse farmaceut maakte maandag de voorlopige uitslag van de proef op 32.000 mensen in de VS, Peru en Chili bekend, maar kreeg al snel kritiek van het Amerikaanse medicijnbureau NIH. Bij de test waren namelijk niet de meest recente data gebruikt, waardoor het eindresultaat ongunstiger kon uitvallen.

Bij de herberekening verwerkte AstraZeneca in totaal 190 besmettingen met covid, tegen 141 eerder. Geen van de proefpersonen die het vaccin kregen ontwikkelde een ernstige vorm van corona, tegen acht in de controlegroep die een placebo had gekregen.

"Dit eindresultaat is vergelijkbaar met onze tussentijdse analyse", stelt de vicepresident van het bedrijf. "Het bevestigt dat ons covid-19-vaccin uitermate effectief is voor volwassenen." Hij onderstreepte dat het vaccin bij 65-plussers zelfs nog iets beter scoorde, 85 procent.

Makkelijker in gebruik

De effectiviteit van 76 procent is hoger dan de 60 tot 70 procent die in januari na de eerste testen werd genoemd. Het is wel minder dan de scores van de Pfizer- en Moderna-vaccins (95 procent), maar daar staat tegenover dat het AstraZeneca-vaccin goedkoper is en minder zwaar gekoeld hoeft te worden.

Het gekibbel over de juiste data was de zoveelste tegenslag voor AstraZeneca. Twee weken geleden stopten Nederland en andere Europese landen met het middel omdat er enkele zeldzame maar ernstige bijwerkingen waren gemeld van trombose in combinatie met minder bloedplaatjes.

Inmiddels is duidelijk wat er kan worden gedaan aan die bijwerkingen en oordeelt medicijnwaakhond EMA dat het vaccin toch ingezet kan worden.

STER reclame