NOS

Het Instituut Sportrechtspraak (ISR) doet momenteel onderzoek naar 25 turntrainers die beschuldigd worden van machtsmisbruik. Dat bevestigt het bestuur van het ISR in een gesprek met de NOS.

"Een schrikbarend hoog aantal", zegt voorzitter Dick van Steenbeek. "Zeker binnen één sport."

Afgelopen maanden hebben 75 personen zich bij het Instituut Sportrechtspraak gemeld met klachten tegen één of meerdere turntrainers. Volgens het ISR is inmiddels met alle melders in een eerste, verkennend onderzoek gesproken. De helft van de beklaagde turntrainers is in de afgelopen periode ondervraagd door de onderzoekers van het instituut.

Momenteel lopen bij het ISR, dat het tuchtrecht voor steeds meer bonden in Nederland regelt, onderzoeken naar zeventig trainers of sporters die verdacht worden van grensoverschrijdend gedrag. Zij zijn afkomstig uit meerdere sporten. Het turnen spant echter de kroon, zeker de laatste maanden.

"We hebben te maken met een vrij grote stijging van het aantal zaken. De hausse is ontstaan in 2019 en zet zich in 2020 voort", constateert Van Steenbeek.

Training in de turnhal ANP

De stijging komt voor een groot deel door de wantoestanden in de turnwereld, die afgelopen zomer aan het licht kwamen toen turntrainer Gerrit Beltman in het Noordhollands Dagblad bekende in het verleden jonge turnsters vernederd en mishandeld te hebben. "Na die onthulling voelde ik de bui al hangen", zegt Van Steenbeek, in het dagelijks leven senior rechter.

Sneeuwbaleffect

De uitspraken van Beltman, nog steeds in Duitsland actief als trainer, zorgden voor een sneeuwbaleffect. Een groot aantal (ex-)turnsters meldde zich met verhalen over de mensonterende behandeling tijdens hun carrière. Daar zouden trainers bij betrokken zijn geweest die nog steeds in de Nederlandse top werken, onder wie Vincent Wevers, de vader van olympisch kampioene Sanne.

We hebben te maken met een vrij grote stijging van het aantal tuchtzaken.

Dick van Steenbeek, voorzitter van het bestuur van Instituut Sportrechtspraak

Nooit eerder stond het Instituut Sportrechtspraak (ISR) onder zo'n grote druk als nu, bevestigen Dick van Steenbeek en mede-bestuurslid Peter Vogelzang. Het ISR wordt momenteel overspoeld met zaken rond intimidatie, met name in het turnen, terwijl het afgelopen jaar moest werken met een veel te krap budget en een beperkt personeelsbestand.

Dat gaat niet altijd goed. De laatste tijd zijn er dan ook meerdere klachten bij het ISR binnengekomen over de werkwijze van het Instituut zelf. Vanuit turnsters, maar ook door bezorgde ouders van turntalenten.

"De procedure heeft buitengewoon lang geduurd en is voor mij allesbehalve transparant geweest", begint een turnmoeder haar klachtenrelaas van drie A4'tjes. Gespreksverslagen zijn fout of incompleet, geeft ze aan. Daarnaast zou het 'verhoor' met haar dochter ronduit bot zijn verlopen.

Oud-turnster Petra Witjes deed ook haar beklag over het ISR ANP

"Het zijn hele reële klachten", menen de ISR-bestuurders. Zij vinden dan ook dat er "nog flink wat slagen" gemaakt moeten worden om de organisatie kwalitatief op orde te brengen. Met de turnsters is inmiddels een gesprek gepland, waarin het ISR excuses wil maken.

Structurele financiering

Volgens bestuurders Vogelzang en Van Steenbeek is het noodzaak dat het ISR snel professionaliseert om de hausse aan intimidatiezaken aan te kunnen.

Ook het ministerie van VWS is die mening toegedaan, laat het in een reactie weten. Niet voor niets maakt het ministerie structureel financiering vrij voor het ISR. Vanaf volgend jaar kan het instituut op 520.000 euro rekenen. Vanaf 2022 is zelfs 900.000 euro gereserveerd, indien nodig.

"Daarmee zijn we heel blij", aldus Van Steenbeek. "Dat betekent dat we meer capaciteit gaan krijgen om zaken sneller en kwalitatief goed af te ronden."

STER reclame