Jaap van Dissel en Jacco Wallinga NOS

De roep om de coronamaatregelen verder te versoepelen wordt steeds luider. Deze week waren het de sekswerkers en kermisexploitanten die wilden dat de coronamaatregelen eerder worden opgeheven.

Maar volgens het RIVM is de ruimte om verder te versoepelen ongeveer op. "Zodra het ijs gaat kraken moet je een stap terugdoen", zeggen hoofd infectieziektebestrijding Jaap van Dissel en Jacco Wallinga, verantwoordelijk voor de rekenmodellen.

De NOS sprak met hen over wat er gebeurt als er een vaccin is. En net als vorige week over het advies over reizen met het vliegtuig, dat er deze week op verzoek van het kabinet kwam.

In jullie advies voor het openbaar vervoer stond: beperk het aantal zitplaatsen, reis alleen als het noodzakelijk is. Je zou kunnen zeggen: we maken dat ook het uitgangspunt voor vliegen.

Van Dissel: "Dat is het ook. Maar vliegtuigen hebben specifieke extra's in de zin van ventilatie. Dat heeft het openbaar vervoer niet. Dat is een van de verschillen. Verder moet je kijken naar de duur van een vlucht, of je van te voren wel of niet kan triëren (uitzoeken of iemand ziek is, red.). Ik denk dat daar een hele consistente lijn in zit. Bij vliegtuigen heb je een naar beneden gerichte luchtstroom. Met een ventilatiesysteem dat elke drie minuten het vliegtuig ververst. Dat is heel anders dan in andere vormen van openbaar vervoer."

Over de triage: ik kan me voorstellen dat iemand met een snotneus de trein niet pakt. Maar als je een ticket voor honderden euro's naar Rome hebt geboekt, dan is de drempel om eerlijk te zijn een stuk hoger.

Van Dissel: "Dat kan ik me allemaal voorstellen. Maar het gaat erom: wat zijn de regels?"

Eerder zeiden jullie: we geven alleen medische adviezen en kijken niet naar economische factoren. Is dit inderdaad een puur medisch advies?

Van Dissel: "Ja. De literatuur die er is over besmettingen in vliegtuigen is heel helder. Er is één patiënt die van China naar Canada gevlogen is, hoestend, die niemand heeft besmet in het toestel. Zijn vrouw bleek later besmet, maar dat kan ook thuis bij de bagage zijn gebeurd."

"Je hebt een geweldige positieve publicatie bias bij al dit soort artikelen: Als er wat gebeurt en er is daarna iemand ziek, dan wordt dat gepubliceerd. Als er iemand hoestend in een toestel zit en wordt niemand ziek, dan zul je dat niet terugvinden."

Steeds meer sectoren laten van zich horen. Is er ruimte om aangekondigde versoepelingen naar voren te halen?

Wallinga: "Wat we tot nu hebben gezien en berekend, daarbij zeggen we nu: de ruimte is ongeveer op. De maatregelen zijn een voor een versoepeld, en de ruimte wordt gewoon steeds kleiner."

In september zijn we aan het einde gekomen van de routekaart van het kabinet. Welke ruimte is er daarna nog?

Van Dissel: "Een van de uitgangspunten is het optimaliseren van het bronnen- en contactonderzoek. Dat geeft ruimte. Dat betekent dat mensen het moeten melden als er klachten zijn en het tweede is de snelheid. Daar zien we mogelijkheden om te verbeteren. Nu de getallen zo laag zijn is dat minder kritisch. Maar dat zou in het najaar natuurlijk weer kritisch kunnen worden. Daar moet energie in gestoken worden."

Vanaf 1 juni zijn de GGD's begonnen met het testen van iedereen met klachten en is het contactonderzoek opgeschaald. Maar volgens Van Dissel en Wallinga kan het bronnen- en contactonderzoek sneller. Patiënten moeten zich direct melden als ze klachten hebben en snel de uitslag horen als ze positief zijn. Op die manier kunnen hun contacten op tijd worden benaderd en eventueel getest, voordat die al weer anderen hebben besmet.

Stel dat het bronnen- en contactonderzoek zeer effectief wordt. Wat kunnen we dan nog versoepelen?

Wallinga: "Dat weten we niet. We hebben nog nooit in Nederland op zo'n grote schaal bronnen- en contactonderzoek gedaan. Maar ook in sommige Aziatische landen, waar het zeer effectief was, zie je dat ze het virus met moeite in de hand houden. Dus zelfs als het bronnen- en contactonderzoek supergoed gaat, is meer nodig om dit virus in bedwang te houden. Het lijkt me heel onwaarschijnlijk dat we ook hier de basismaatregelen kunnen loslaten."

Het weer toestaan van grote evenementen. Is dat een versoepeling die reëel is?

Wallinga: "Ik kan me voorstellen dat je met behulp van een app bronnen- en contactonderzoek kan doen bij grote evenementen. Als die app er niet is, wordt het moeilijker. Zoiets heb je echt nodig om de verspreiding van deze ziekte bij evenementen te kunnen beteugelen. Daarom staat die versoepeling helemaal achteraan."

"Op een gegeven moment kom je in een situatie dat je zegt: verder versoepelen zou niet kunnen. Het R-getal is dan 1 of hoger, het bronnen- en contactonderzoek is zo optimaal als het kan zijn, en misschien is er een app, maar dan zit er niet meer rek in dan dat."

Dus er is een punt, dat we alles optimaal hebben geregeld en dat we zeggen: dit is het dan. Nu moeten we volhouden en wachten op een vaccin.

Wallinga: "Zo'n punt is er gewoon. Waar dat precies ligt moeten we stapje voor stapje proberen. Zodra het ijs gaat kraken moet je een stap terugdoen. Maar dat is de tactiek. Je kunt niet zeggen: uiteindelijk komen we in een situatie waarin alles weer kan. Daarvan weet je, dat kan niet. "

Gisteren maakt het kabinet bekend dat Nederland, samen met drie andere landen, gaat investeren in de productie van een vaccin. Volgens minister De Jonge is het project kansrijk. In het gunstigste geval is het vaccin er aan het einde van het jaar.

Stel dat het vaccin er is. Of een medicijn. Halen we dan opgelucht adem of zullen er dan ook nog zaken zijn die nooit meer hetzelfde zullen zijn?

Van Dissel: "Dat hangt van een heleboel dingen af. Hoe effectief is het vaccin? Beschermt het tegen ziekte? Maar als je het vergelijkt met andere vaccins: na het poliovaccin was de polio weg. Als het zo'n absoluut effect heeft dan heeft dat impact op alle maatregelen. Dat is logisch."

Er zijn scenario's denkbaar waar we volledig teruggaan naar hoe het was?

Van Dissel: "Ja, maar dat moet zich wel bewijzen. En luchtweginfecties zijn wel ingewikkeld. Vaccins zijn vooral heel effectief als ze in de bloedbaan een virus kunnen neutraliseren. Dat zie je bij een aantal zeer succesvolle vaccins. Pokken is daar één van. Dan zijn er zelfs mogelijkheden om de ziekte helemaal uit te roeien. Bij luchtweginfecties, die oppervlakkig de luchtwegen treffen, kan dat ingewikkelder liggen. Het kan voor één jaar wel effectief zijn, is dat het ook voor vijf jaar? Griep is zo'n voorbeeld, dat vaccin moet je elk jaar geven. We zullen moeten zien hoe effectief het gaat zijn."

STER reclame