Restaurants 'oefenen' met anderhalve meter afstand Vera Britt

Het kabinet kondigde vanavond voor het eerst vergaande versoepelingen van de coronamaatregelen aan. Is het verstandig om de coronamaatregelen nu te versoepelen? Waarom is testen zo belangrijk? En wat is het idee achter het kabinetsbeleid? Vier experts reageren op de aangekondigde versoepelingen.

"Het huidige beleid was niet vol te houden", reageert Coretta van Leer, arts-microbioloog en viroloog bij het UMCG. Ze vindt versoepelen daarom een goed idee. "Het kostenplaatje is gigantisch en ook vanuit menselijk oogpunt was dit niet houdbaar. Met de nieuwe maatregelen versoepelen we voorzichtig en blijven we het virus - zo menselijk mogelijk - indammen."

Patricia Bruijning, epidemioloog bij het UMC Utrecht, is het daarmee eens. "De zorg kan het aan. En er is wat speelruimte mocht het aantal besmettingen toch toenemen. Bovendien verwacht ik niet dat het aantal besmettingen verder zou dalen als we langer wachtten, mede doordat mensen dan zelf meer maatregelen loslaten."

Het mooie weer komt volgens Bruijning goed uit. "We weten dat het virus zich vooral verspreidt via langdurig, intensief contact in binnenruimtes. We gaan nu meer naar buiten, ventileren meer en zitten minder op elkaars lip. Daardoor kan het virus zich minder makkelijk verspreiden."

Niet vanuit Brabant in de trein naar Groningen

Over de grotere versoepelingen na 1 juni is Marc Bonten, arts-microbioloog en lid van het OMT, terughoudender. "Ik vind dat er al heel veel versoepeld wordt door het gedrag van mensen." Hij vindt het daarom heel verstandig dat aangekondigde versoepelingen weer kunnen worden ingetrokken als de afname in ziekenhuisopnames de komende weken niet doorzet.

Hans Heesterbeek, hoogleraar theoretische epidemiologie aan de Universiteit Utrecht, wijst vooral op het risico van te veel nieuwe contactmomenten tussen mensen. "Op een terras zitten is wat anders dan bij je lokale kapper." Hij vindt het belangrijk dat mensen weinig blijven reizen en zo min mogelijk nieuwe mensen ontmoeten. "Je moet niet met een groep van 15 man uit Brabant op bezoek gaan in Groningen met de trein", aldus Heesterbeek.

Van Leer heeft nog vragen over het openen van kapsalons. "Ik denk dat mondkapjes een betere bescherming bieden dan mensen vragen of ze ziek zijn. Stel dat ik nu zonder klachten naar de kapper ga, maar morgen ziek wordt. Dan was ik waarschijnlijk al wel besmettelijk."

'GGD's nog niet ingericht op meer testen'

Iedereen met klachten kan vanaf 1 juni getest worden, heeft het kabinet laten weten. Volgens Heesterbeek en van Leer is dat cruciaal. "We moeten lokale hotspots, zoals bijvoorbeeld de uitbraak bij de arbeidsmigranten in Velp, snel identificeren", zegt van Leer. "Vervolgens moet de GGD contactonderzoek doen en mensen isoleren. Alleen op die manier kunnen we ook op lokaal niveau zorgen dat de epidemie uitdooft."

Volgens Heesterbeek is testen een soort wisselgeld voor de maatregelen. "Hoe beter we testen, hoe meer we kunnen versoepelen. Maar bij testen hoort ook traceren." Daarvoor hebben we een "goed geoliede testmachine" nodig. Dat die er nog niet is baart hem zorgen. "Het is onduidelijk of onderliggende zaken goed geregeld zijn." OMT-lid Marc Bonten deelt die zorg. "Onze GGD's zijn daar nog niet op ingericht."

Meer testen moet ook helpen bij het snel achterhalen of het aantal besmettingen stijgt, menen Heesterbeek en Bruijning. Op dit moment zijn de ziekenhuisopnames daarvoor de beste indicator, maar die gegevens lopen twee weken achter op de besmettingen.

Criteria voor terugdraaien maatregelen

Volgens Heesterbeek moet wel duidelijk worden wat de criteria zijn voor het terugdraaien van versoepelingen. "Wanneer vinden we dat het mis gaat? Wanneer grijpen we weer in?"

Heesterbeek wijst erop dat als er nog maar weinig ziekenhuisopnames zijn, het R-getal (de besmettingsfactor die nu wordt uitgerekend met ziekenhuisopnames) ook minder betrouwbaar wordt als indicator. "We moeten op zoek naar een nieuwe graadmeter, net als in Duitsland." Daar is afgesproken dat een regio weer in lockdown gaat als er wekelijks meer dan 50 besmettingen per 100.000 inwoners plaatsvinden.

Exitstrategie

Voor het eerst sprak minister Hugo de Jonge over "het uittrappen van vuurtjes", toen het over nieuwe haarden met besmettingen ging. Het wekte de indruk dat het kabinet het virus wil uitdoven. Toch denkt Bonten dat het Nederlandse beleid daar niet op is gericht. "Als we willen dat het uitdooft dan moeten we de handrem verder aantrekken, niet loslaten."

Dit virus is ook niet meer uit te roeien, daarover zijn de experts eensgezind. De exitstrategie die verschillende landen hanteren en waarin het virus wordt ingedamd door veel te testen, acht Bonten niet haalbaar. "Met een model kun je dat prachtig uitrekenen, maar dat is niet hoe het in praktijk zal gaan. Ik vraag me ook af of het in die andere landen gaat lukken."

Het kabinetsbeleid moet voorkomen dat de zorg overbelast raakt, vermoedt Bonten. Bruijning snapt dat: ze vindt het realistischer om ervoor te zorgen dat mensen die corona krijgen goede zorg kunnen ontvangen en dat ook de overige zorg op peil blijft. "Ondertussen doen we ons stinkende best om vaccins en behandelingen te vinden."

Heesterbeek verwacht dat, totdat er een vaccin is, sommige maatregelen van kracht moeten blijven, ook al gaat de GGD nog zo goed en uitgebreid testen. "Testen gaat nooit alle besmettingen opsporen."

STER reclame