Gökmen T. ANP

Gökmen T. moet levenslang de gevangenis in voor het plegen van de aanslag in een Utrechtse tram, vorig jaar maart. Dat is overeenkomstig de eis van het Openbaar Ministerie.

De rechtbank acht alle aanklachten bewezen: vier moorden, drie moordpogingen en bedreiging van nog eens zeventien mensen met een terroristisch misdrijf. Vanwege het coronavirus mochten niet meer dan acht nabestaanden en slachtoffers in de zaal zijn. De 38-jarige T. was er zelf niet bij.

Kijk hier naar de uitspraak:

Rechter verwerpt verdediging Gökmen T.: 'levenslange gevangenisstraf'

Nabestaanden en slachtoffers hebben opgelucht gereageerd op het vonnis. Advocaat André Seebregts, die T. bijstond maar hem niet heeft gesproken, gaat overleggen met de Orde van Advocaten over wat hij nu gaat doen.

Verwoeste levens

Op 18 maart vorig jaar schoot de Utrechter vier mensen dood en verwondde hij meerdere mensen. Nog dezelfde dag werd T. opgepakt in zijn woonplaats. Na zijn aanhouding heeft hij de tramaanslag bekend, daarna wilde hij niet meer met de politie praten.

Rond de zaak hing volgens de rechtbank een enorme beladenheid. Veel nabestaanden en slachtoffers maakten gebruik van hun spreekrecht. "De een op luide, de ander op gedempte toon, maar altijd indringend, vertelden ze hoe hun leven is beïnvloed of verwoest", zei rechtbankvoorzitter Ruud Veldhuisen.

"De verdachte heeft op klaarlichte dag in een tram in Utrecht dood en verderf gezaaid", zei Veldhuisen. Hij wees erop dat T. ook buiten de tram nog heeft geschoten en schietend is gevlucht.

De rechtbank beschreef het enorme leed dat slachtoffers en hun nabestaanden is aangedaan. Ook in de rest van de samenleving was de impact groot. "Dat is precies wat hij moet hebben beoogd met zijn terroristisch misdrijf: een golf van angst en ontzetting veroorzaken door de stad en het land." De verdachte staat volgens Veldhuisen pal achter wat hij heeft aangericht.

Grote kans op herhaling

Aan psychologisch onderzoek heeft T. niet willen meewerken. Hij is zwakbegaafd, heeft een persoonlijkheidsstoornis en wordt daarom verminderd toerekeningsvatbaar geacht. De rechtbank denkt ook dat de kans op herhaling groot is en vindt om die reden een tijdelijke gevangenisstraf niet genoeg om de maatschappij tegen hem te beschermen.

T.'s advocaat André Seebregts had betoogd dat levenslang inhumaan is: hij pleitte voor een kortere gevangenisstraf met tbs. Maar volgens de rechtbank is een levenslange celstraf niet in strijd met internationale regels en zijn er ook dan mogelijkheden om hem te behandelen.

De rechtbank haalde ook aan dat Gökmen T. een advocaat moest worden toegewezen en dat hij iedere medewerking weigerde. Hij heeft een onverholen afkeer van alles wat maar te maken heeft met democratie, zei de rechtbank.

De verdachte heeft geprovoceerd door te honen en te beschimpen en zo heeft hij alleen nog maar leed toegevoegd.

Rechtbankvoorzitter Ruud Veldhuisen

De strafzaak tegen T. verliep tumultueus. Zijn gedrag in de rechtszaal was respectloos. Hij stak meerdere malen zijn middelvinger op naar de rechters, maakte kusgebaren naar de officieren van justitie en bespuugde zijn advocaat.

Ook lachte hij provocerend om de verhalen van nabestaanden van de slachtoffers. Op de laatste dag spuugde hij naar de rechters, waarbij hoorbaar was dat hij "oprotten" riep. Hij werd tot twee keer toe uit de zaal verwijderd en weigerde vier dagen lang antwoord te geven op vragen. T. zegt de rechtbank niet te erkennen.

Over zijn gedrag in de rechtszaal zei Veldhuisen: "De verdachte heeft geprovoceerd door te honen en te beschimpen en zo heeft hij alleen nog maar leed toegevoegd."

Handjevol mensen

Vanwege het coronavirus mocht maar een beperkt aantal mensen de uitspraak bijwonen. Eerder waren er vier zalen open met ruimte voor 200 belangstellenden. Vandaag mocht maar een handjevol mensen naar binnen. In de zittingszaal zaten een rechter, een officier van justitie en acht nabestaanden en slachtoffers. Hun advocaten zaten in een andere zaal, net als zes journalisten.

Gökmen T. was niet verplicht om zelf bij de uitspraak aanwezig te zijn. Volgens de rechtbank was het vanwege de coronacrisis onverantwoord om hem vanuit de gevangenis in Vught naar Utrecht te brengen. Daar zou een groot aantal mensen van de parketpolitie en de Dienst Justitiële Inrichtingen voor nodig zijn geweest.

STER reclame