Remkes vindt dat 'Den Haag' beter naar de burger moet luisteren ANP

Commissie-Remkes: beter luisteren naar lageropgeleiden

tijd van publicatie Aangepast

De staatscommissie die onderzoek heeft gedaan naar het parlementair stelsel, concludeert dat een groot deel van de bevolking zich niet meer vertegenwoordigd voelt in de Tweede Kamer, vooral lageropgeleiden. Het is "buitengewoon urgent" om daar iets aan te doen, bijvoorbeeld door de invoering van een bindend referendum.

De staatscommissie parlementair stelsel, onder leiding van de Noord-Hollandse commissaris van de koning Remkes, deed bijna twee jaar onderzoek en concludeert dat de parlementaire democratie wel wat updates kan gebruiken. "Want de grondwetsbepaling dat het parlement het hele Nederlandse volk moet vertegenwoordigen, gaat niet meer op."

De laatste grote modernisering van het politieke stelsel van de Tweede en de Eerste Kamer was in 1917, schrijft de commissie in haar eindrapport. En sindsdien is er veel veranderd. Zo zijn mensen rijker, hoger opgeleid en beter geïnformeerd. Maar de belangrijkste verandering is volgens de onderzoekers dat er een maatschappelijke tweedeling is ontstaan tussen hogeropgeleiden en lageropgeleiden.

Die twee groepen, met daar tussenin een grote middengroep, komen steeds meer tegenover elkaar te staan. En met name de lageropgeleiden hebben dus het gevoel dat ze niet meer worden gehoord, zegt commissievoorzitter Remkes. "Ze herkennen zich onvoldoende in de besluitvorming zoals die hier in Den Haag plaatsvindt. En dat is, zeker op termijn, zorgelijk."

Het gevoel dat ze aan de noodrem kunnen trekken, kan het gevoel van afstandelijkheid verkleinen

Voorzitter Johan Remkes van de staatscommissie parlementair stelsel

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Referendum moet terug: burger moet aan noodrem kunnen trekken

De belangrijkste oplossing die de commissie-Remkes voorstelt, is de invoering van een bindend correctief referendum. "Als er wetgeving is afgesproken en het blijkt dat de bevolking daar toch een slag anders over denkt, dan kan die binnen bepaalde voorwaarden aan de noodrem trekken. Het gevoel dat ze die mogelijkheid hebben, kan het gevoel van afstandelijkheid verkleinen", denkt Remkes.

De volksraadpleging die de commissie voorstaat leent zich volgens hem minder voor manipulatie dan het niet-bindende referendum dat net is afgeschaft. Want pas als een derde van de kiesgerechtigden tegen is, moet het voorstel van tafel. Die uitkomstdrempel was er bij het nu verdwenen referendum niet.

De voorzitter zegt dat hij in de laatste fase van het onderzoek nog eens extra geïnspireerd is geraakt door de gelehesjesprotesten in Frankrijk. "Er moet beter geluisterd worden", vindt hij.

Het kabinet zal binnen een paar maanden met een reactie komen. Minister Ollongren zei dat het kabinet de handschoen zal oppakken en ze hoopt ook op een "maatschappelijke discussie". Volgens haar bestaat er urgentie om iets aan de problemen te doen.

Ollongren wil dat de democratische rechtsstaat weerbaarder wordt. En ook volgens haar werkt het kiesstelsel niet voor iedereen even goed.

STER Reclame