De Zweedse vlag halfstok bij de IKEA-vestiging in Utrecht NOS / John van der Tol

De dood van IKEA-oprichter Ingvar Kamprad gaat ook bij de Nederlandse vestigingen niet onopgemerkt voorbij. Er zijn bijeenkomsten geweest voor het personeel, er is een online-condoleanceregister geopend en de vlaggen hangen halfstok, vertelt woordvoerder David Selier.

Kamprad was een soort vader voor het bedrijf. Selier werkt nog niet lang voor het woonwarenhuis, maar had toch de kans om de oude oprichter een keer te ontmoeten. "Hij was enorm charismatisch, betrokken en heel scherp. Het was heel inspirerend en sommige werknemers die er een tijd werken waren echt emotioneel dat ze hem mochten ontmoeten."

Ingvar Kamprad begon zijn bedrijf in 1943, maar pas in 1973 werd de eerste vestiging buiten Zweden geopend, in Zwitserland. Vijf jaar daarna kwam in Sliedrecht de eerste Nederlandse winkel, toen al compleet met ballenbak.

De IKEA-catalogus uit 1978 IKEA

In veertig jaar is er veel veranderd aan het assortiment, maar sommige producten van toen zijn er nog steeds. "De IVAR stellingkast en de BILLY boekenkasten bijvoorbeeld, die gaan al tijden mee. Het uitgangspunt van Kamprad was om voor zo veel mogelijk mensen voor een zo laag mogelijke prijs een goed product te leveren."

Om de prijzen laag te houden liet IKEA in de afgelopen veertig jaar veel meubels in landen als India produceren, en daardoor kwam het bedrijf ook wel eens in opspraak. In de jaren tachtig al probeerde IKEA de kosten te drukken door de productie naar een fabriek in Oost-Duitsland te verplaatsen waar ook politieke gevangenen te werk gesteld werden. En eind jaren negentig meldde vakcentrale FNV dat bij het vervaardigen van huishoudtextiel in India sprake was van kinderarbeid.

"Dat is gebeurd", zegt Selier. "Er is een gedragscode waar onderaannemers zich aan moeten houden. Als blijkt dat dat toch niet gebeurt hebben bedrijven vaak de neiging om alle banden met zo'n onderaannemer te verbreken. Wat IKEA doet: we willen de banden dan juist versterken: met extra controles maar ook met extra scholing en investeringen in de regio."

Zelfs in een bordeel waar we voor die rubriek kwamen waren de bedlampjes en de matrassen van IKEA.

Arjen Ribbens, journalist NRC over de rubriek Binnenkijken

Los van de kritiek die de multinational soms krijgt, zijn er ook nog de notoire IKEA-haters die het absoluut niet zien zitten om de pijltjes door het woondoolhof te volgen, op speurtocht te gaan naar een genummerde doos in het magazijn en thuis dezelfde boekenkast in elkaar te schroeven als de buurman. Maar enorm veel zijn dat er niet als we afgaan op de NRC-rubriek Binnenkijken, waarvoor fotograaf Thijs Wolzak jarenlang bijzondere interieurs fotografeerde.

Journalist Arjen Ribbens deed de interviews, en stelde standaard de vraag of de bewoners iets van IKEA hadden. "Bijna allemaal hadden ze wel iets, al was het maar een flessenopener of een koekenpan. Zelfs in een bordeel waar we voor die rubriek kwamen, waren de bedlampjes en de matrassen van IKEA. Er was er maar één die echt helemaal niets had. Die had zijn hele huis vol staan met antiek."

Hoofdredacteur Carlein Kieboom van VT Wonen was vorige week nog bij het Zweedse woonwarenhuis. "En ik heb keurig het pad gevolgd. Je ziet dat er mensen uit alle geledingen komen. Iedereen kan er ook wat vinden, of je nou op zoek bent naar iets vintage-achtigs of iets moderns. En je gaat altijd met meer naar huis dan je van plan was."

Maar het kan ook weer niet de bedoeling zijn om thuis de hele catalogus na te bouwen, zegt Kieboom. "Juist het mixen is heel erg leuk. Als je zo'n ingerichte woonhoek ziet in de winkel, dat is overkill, al die IKEA-spullen bij elkaar. Maar als je het mixt met andere spullen word je vaak positief verrast. Al schijnt het niet goed voor je relatie te zijn om zo'n kast samen in elkaar te zetten."

In 1996 kwam cabaretier Youp van 't Hek met een sketch over zijn worsteling bij het in elkaar zetten van een IKEA-stapelbed.

De keuze voor een bepaald soort meubilair hoeft ook niets te zeggen over iemands karakter of levensstijl, voegt design-historicus Marjan Groot van de Vrije Universiteit Amsterdam toe. "Iemand kan talloze andere hobby's hebben en daarom juist kiezen voor een praktische inrichting."

Sommige door de Zweedse woongigant groot gemaakte ontwerpen zijn inmiddels bijna klassiek. De eenvoudige stijl grijpt terug op ontwerpen die veel eerder in Zweden zijn ontstaan. "Eind negentiende eeuw was er het Zweedse woonmodel. Dat was toen al heel populair, ook buiten Zweden. Veel hout en het deed denken aan het landleven, maar niet aan een oude stijl. IKEA heeft daarop voortgebouwd."

Al sinds decennia is er aan succesvolle formule van IKEA niet veel veranderd. De jaarlijkse catalogus, de ballenbak, de Scandinavische productnamen, de Zweedse gehaktballetjes, de platte kartonnen dozen en de hotdogs bij de uitgang: ze zijn er altijd. Tegelijkertijd blijft het bedrijf innoveren. "We hebben een project met NASA bijvoorbeeld. Astronauten hebben ook te maken met kleine ruimtes, dus hoe ga je daar efficiënt mee om? En we werken samen met andere bedrijven als Sonos om geluidstechnologie in de producten te verwerken."

Maar de vernieuwing blijft beperkt tot het assortiment. Het basisconcept van het Zweedse concern is rotsvast en de Zweedse kleuren zijn heilig. Selier: "Blauw-geel blijft blauw-geel. Daar valt niet aan te tornen."

STER reclame