Het Turkse leger bij de Syrisch-Turkse grens EPA

De Verenigde Naties schatten dat sinds de inval van Turkije in de Syrische regio Afrin zo'n 5000 mensen op de vlucht zijn geslagen. De organisatie haalt in een rapport lokale bronnen aan, omdat er geen registratiesysteem is en hulpdiensten Afrin maar beperkt in kunnen.

Volgens de VN gaat het vooral om mensen uit de grensgebieden van de door Koerdische strijders bezette regio. Ze verlaten hun huis, maar komen de enclave niet uit. Ook maakt de organisatie zich zorgen over de meest kwetsbare mensen die niet in staat zijn om hun spullen te pakken en te vluchten.

Hulpgoederen

De Verenigde Naties zeggen klaar te staan met hulpgoederen voor 50.000 mensen. De VN schat dat er in de regio nu zo'n 323.000 mensen zijn, van wie de helft al eerder was gevlucht uit andere delen van het land vanwege de burgeroorlog.

Turkse grondtroepen vielen afgelopen weekend de noordelijke Syrische Afrin-regio binnen, die in handen is van de Koerdische militie YPG. Ankara wil een bufferzone creëren van zo'n 30 kilometer aan de Syrische kant van de grens.

Al vier dagen zijn hevige gevechten aan de gang. Volgens het Turkse leger zijn inmiddels 260 militanten gedood bij de actie. Een woordvoerder van president Erdogan heeft gezegd dat de operatie pas afgelopen is als een deel van de 3,5 miljoen Syrische vluchtelingen die nu in Turkije wonen, weer veilig terug naar huis kunnen.

STER reclame