FNV-voorzitter Busker op het Binnenhof bij aankomst voor de formatiegesprekken ANP

Minstens 3,5 procent erbij. Dat is de looneis die de FNV voor komend jaar op tafel legt. Voor de lagere inkomens wil de vakbond zelfs een verhoging van 5 procent.

Omgerekend komt dat neer op een salarisverhoging van ten minste 1000 euro per jaar. Hoe minder mensen verdienen, hoe hoger de eis, is het idee.

Volgens de FNV is de verhoging mogelijk omdat het beter gaat met de economie. Bovendien zijn de lonen de afgelopen tijd minder hard gestegen dan mogelijk was, en dus is het tijd voor een inhaalslag.

De vakbond heeft in ieder geval de steun in de rug van De Nederlandsche Bank en het Centraal Planbureau. Die voorspelden eerder deze zomer namelijk al dat de economie komend jaar zo'n 2,5 procent zal groeien.

De lonen blijven daar tot nu toe behoorlijk bij achter, en dus zit daar wel ruimte voor een stijging, zegt DNB expliciet. Ook demissionair minister Dijsselbloem roept op tot hogere lonen.

Verschillen per sector

Dit weekend beloofde vakbond CNV Vakmensen al op een fors hogere looneis in te zetten. De bond benadrukt dat de eisen per sector zullen verschillen, omdat het niet in alle bedrijfstakken even goed gaat.

"Bijvoorbeeld in de maakindustrie kunnen we best 3 procent of een enkele keer 4 procent loonsverhoging vragen", vindt CNV Vakmensen-voorzitter Piet Fortuin.

Wie merkt het?

Maar een klein deel van alle werkende Nederlanders is bij een vakbond aangesloten, en hun aantal neemt al jaren af. Vorig jaar waren het er nog 1,7 miljoen. In totaal zijn er zo'n 8,5 miljoen Nederlanders aan het werk.

Toch zullen ook werknemers die niet bij een bond zijn aangesloten iets merken van de loonafspraken die komende tijd gemaakt worden. Uit de onderhandelingen tussen de bonden, de werkgevers en politieke partijen volgen namelijk cao's die gelden voor iedereen met een contract in de sector.

Zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) vallen niet onder de cao's. Op dit moment zijn er zo'n 873.000 zzp'ers in Nederland.

STER reclame