ANP

De 14-jarige verdachte in de zaak van het omgebrachte meisje Romy uit Hoevelaken heeft bekend dat hij haar seksueel misbruikt heeft en vermoord. De rechter bepaalde dat zijn voorarrest met 14 dagen wordt verlengd. Omdat hij nog jong is zal op hem het jeugdstrafrecht van toepassing zijn. Maar wat is dat eigenlijk en waarin verschilt het van het strafrecht voor volwassenen?

Jeugdstrafrecht is bedoeld voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar en kenmerkt zich door een pedagogische aanpak, is te lezen op de website van rechtspraak.nl. Het uitgangspunt is dat het bij jonge verdachten vaak nog mogelijk is om hun gedrag bij te sturen, omdat hun hersenen nog volop in ontwikkeling zijn. Strafrecht voor volwassenen is meer gericht op het straffen van gedrag en vergelding.

Uit neurobiologisch onderzoek is gebleken dat er een groot verschil is in de ontwikkeling van hersenen van jongeren. Zo kan een 20-jarige het geestelijk niveau hebben van een puber en een 17-jarige kan juist al een heel volwassen besef hebben van zijn gedrag. Sommige hersenfuncties zijn soms pas ver na de 18de verjaardag volledig ontwikkeld. Bij iedereen voltrekt zich dit proces in een ander tempo.

We geloven nog in een tweede kans.

Peter van der Laan

"Hoe gruwelijk de daad ook is, wij denken dat we jongeren niet in alle opzichten voor de volle 100 procent dat gedrag kunnen verwijten", zegt Peter van der Laan, onderzoeker jeugdcriminaliteit aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. "We kijken dan ook altijd of er methoden zijn voor behandeling of heropvoeding. Dat is niet vrijblijvend, het heeft absoluut een gedwongen karakter. Maar we geloven nog in een tweede kans."

Maximaal jaar gevangenisstraf

Verdachten onder de 16 worden altijd via het jeugdstrafrecht berecht en kunnen maximaal een jaar gevangenisstraf opgelegd krijgen. Binnen het jeugdstrafrecht wordt ook altijd de naaste omgeving van de verdachte betrokken, zoals ouders, andere gezinsleden en vrienden.

Verdachten van 16 en 17 kunnen maximaal 2 jaar cel krijgen als ze veroordeeld worden binnen het jeugdstrafrecht. Maar bij verdachten van 16 of 17 jaar kan een rechter ook besluiten om het volwassenenstrafrecht toe te passen. Bijvoorbeeld omdat hij vindt dat een jeugdstraf niet past bij hun geestelijke ontwikkeling of als een misdrijf te ernstig wordt bevonden voor het opleggen van een jeugdstraf.

Andersom kan hij verdachten tussen de 18 en 23 jaar ook via het jeugdstrafrecht berechten. Rechters proberen zoveel mogelijk aan te sluiten bij het ontwikkelingsniveau van verdachten als ze in de leeftijdsgroep van 16 tot 23 jaar zitten.

Jongeren die onder het jeugdstrafrecht vallen worden tijdens het voorarrest in een justitiële jeugdinrichting geplaatst, in plaats van in een gevangenis. In zo'n jeugdinrichting krijgen ze een intensieve behandeling. Ze leren dan bijvoorbeeld omgaan met woede, lastige morele keuzes en hoe ze zich sociaal vaardig kunnen gedragen.

Ook gaan ze tijdens het voorarrest naar school of ze volgen een stage. Soms gebeurt dat, onder strikte voorwaarden, buiten de jeugdinrichting. Dan is de jongere alleen in de jeugdinrichting buiten de school- of stage-uren.

Zo'n voorarrest duurt in eerste instantie 14 dagen en kan verlengd worden tot maximaal 90 dagen. Daarna volgt de zitting waarbij het vonnis wordt bepaald. Dat vindt bij minderjarigen doorgaans achter gesloten deuren plaats. Sinds 1 januari 2011 is het verplicht dat de ouders bij de uitspraak aanwezig zijn.

'Het was zo'n fijne leerling'

Er zijn verschillende mogelijkheden om jongeren een straf op te leggen. Voor lichte strafbare feiten kan een Halt-straf worden opgelegd waarbij in drie gesprekken het gedrag wordt besproken en leeropdrachten worden gemaakt. Daarna biedt de jongere excuses aan en vergoedt eventuele schade. De Halt-straf duurt maximaal 20 uur.

Ook kan de rechter jongeren een boete opleggen of een taakstraf geven. Een taakstraf kan bestaan uit een werkstraf van maximaal 240 uur of een leerstraf van maximaal 480 uur of een combinatie van die twee.

Als de rechter bovengenoemde straffen te licht vindt, maar detentie weer te zwaar, dan kan hij een zogenoemde gedragsbeïnvloedende maatregel opleggen die bestaat uit een of meer trainingen of behandelingen.

Bij zware strafbare feiten legt de rechter jeugddetentie op in een justitiële jeugdinrichting. Daarbij gelden dezelfde regels als bij het voorarrest. Dus de jongeren gaan naar school en krijgen behandelingen gericht op het beïnvloeden van hun gedrag. Ook hier kan de rechter kiezen voor nachtdetentie, dan zijn de jongeren alleen buiten schooltijd in de inrichting.

Recidive bij minderjarigen betrokken bij moord en doodslag is buitengewoon gering.

Peter van der Laan

Als er sprake is van een ontwikkelingsstoornis of psychische klachten en de kans op herhaling groot is kan de rechter een PIJ-maatregel opleggen (Plaatsing in een Inrichting voor Jeugdigen), in de volksmond ook wel jeugd-tbs genoemd.

De jongeren zitten dan minimaal 3 jaar in een justitiële jeugdinrichting, dus een jaar langer dan bij normale jeugddetentie. Een rechter beoordeelt na die periode of de straf verlengd moet worden. Dat kan nog tweemaal met 2 jaar tot een maximum van 7 jaar. Daarna kan de maatregel eventueel omgezet worden in tbs.

Recidive

Volgens Van der Laan werkt het jeugdstrafrecht goed. "Recidive bij minderjarigen betrokken bij moord en doodslag is buitengewoon gering. Ik kan me eigenlijk maar een zaak herinneren binnen de 180 zaken die we sinds begin jaren 90 hebben onderzocht waarbij iemand in dezelfde gruwelijke herhaling is vervallen."

STER reclame