NOS NieuwsAangepast

Ongeloof na veroordeling Israëlische militair: dit is een grap

Correspondent Ankie Rechess merkt dat de meningen verdeeld zijn in Israël, waar een militair veroordeeld is tot 18 maanden cel voor het doodschieten van een Palestijn die al was gearresteerd. "Er zijn heel veel mensen die zeggen dat het passend is dat deze soldaat veroordeeld is en dat hij de gevangenis ingaat. Maar een nog groter deel vindt het grote onzin."

De Israëlische militair Elor Azaria schoot de Palestijn vorig jaar door zijn hoofd, toen die zwaargewond op straat lag in Hebron. Samen met een handlanger had het slachtoffer kort daarvoor met messen geprobeerd in te steken op Israëlische militairen. Een van hen werd meteen doodgeschoten, de ander dus pas toen hij al gearresteerd was en geen gevaar meer vormde.

Een mensenrechtenorganisatie filmde het incident:

Het moment waarop de Palestijn wordt doodgeschoten

"De zaak heeft tot felle, felle emoties geleid in Israël", zegt Rechess in het radioprogramma Nieuws en Co. "Al tien maanden lang eigenlijk." Vorige maand oordeelde de rechter al dat Azaria schuldig was aan doodslag, maar de strafmaat werd vandaag bekendgemaakt. Er was 3 tot 5 jaar cel tegen hem geëist, de maximale straf voor doodslag is 20 jaar in Israël.

Absoluut geen zware straf voor Israëlische begrippen, stelt Rechess. Maar de militaire rechter oordeelde dat de gecompliceerde situatie in Hebron, waar het vaak onrustig is, een verzachtende omstandigheid was. Dat Azaria de gewonde arrestant doodschoot, omdat hij bang was dat die een bomgordel droeg, geloofde de rechtbank niet echt.

Aarzeling

Volgens Rechess zijn het voornamelijk de rechtse kiezers en politici die vinden dat de Israëlische militair helemaal niet veroordeeld had moeten worden. "Zij zeggen: terroristen moeten gedood worden en deze veroordeling kan een aarzeling bij andere soldaten teweegbrengen. Dat soldaten die geconfronteerd worden met een terreuraanval eigenlijk niet meer durven te schieten, omdat ze bang zijn dat ze ook de gevangenis in gaan."

Ook premier Netanyahu vond dat de rechtbank Azaria gratie moest verlenen. Vanuit militaire hoek werd juist gezegd dat hij de regels had geschonden, omdat een militair alleen in levensbedreigende situaties zou mogen schieten. De zaak leidde tot een publiek debat over de mate waarin en wanneer Israëlische militairen geweld mogen gebruiken.

'Leger geen blaam'

Buiten de rechtbank in Tel Aviv stonden vandaag zo'n 150 aanhangers van Azaria, die vinden dat hij nooit gestraft had mogen worden:

Aanhanger Azaria: geen steun van de overheid

Deze man vindt dat het leger geen blaam treft, maar geeft de Israëlische premier Benjamin (Bibi) Netanyahu de schuld van wat er nu met de militair gebeurt:

Aanhanger Azaria: het is de schuld van de premier

De bepaling van de strafmaat werd op televisie uitgezonden. De vader van de doodgeschoten Palestijn keek er met zijn familie naar:

Vader doodgeschoten Palestijn: dit is toch geen straf

In Hebron kwamen na de strafbepaling Palestijnen bijeen om te protesteren. "Vandaag heeft een neprechtbank besloten om een lage straf te geven aan de militair die onze martelaar doodschoot", zegt een lid van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie PLO. "Dit is respectloos naar alle Palestijnen toe, de internationale wetten en de internationale mensenrechten."

Hij vreest dat de beslissing van de rechtbank ertoe leidt dat de drempel om op Palestijnen te schieten, een stuk lager wordt. En ook dat het Israëlische leger in de toekomst sneller het vuur opent op Palestijnen.

Beroep

Militair Azaria gaat nog in beroep, maar Rechess acht de kans dat hij alsnog gratie krijgt van president Rivlin "zeer onwaarschijnlijk".

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl