Het Defensie Cyber Commando oefent met een fictieve aanval Ministerie van Defensie

IT'ers trainen vanwege aanstaande oorlog tussen Kamon en Tytan

time icon Aangepast

Het is onrustig in de Beatrixkazerne in Den Haag. Een onbekende vijand dreigt twee olie-installaties in Den Helder plat te leggen: een civiele en een militaire. Defensie schakelt de hulp in van het bedrijfsleven. Medewerkers van technologiebedrijven proberen samen met het leger de vijand onschadelijk te maken.

Dit fictieve scenario heeft Nederland vandaag op eigen initiatief toegevoegd aan de grote militaire IT-oefening die deze maand in NAVO-verband plaatsvindt. Daarin zullen de verzonnen landen Kamon en Tytan in een hevige oorlog verzeild raken, waarbij 'hacktivisten' militaire systemen binnendringen en gevoelige informatie stelen.

Voor een realistische training zijn er daadwerkelijk experts van technologiebedrijven naar de kazerne gekomen. Die samenwerking is uniek, zegt Hans Folmer, directeur van het Defensie Cybercommando (DCC). Andere NAVO-bondgenoten werken niet met civiele experts tijdens oefeningen.

Reservisten zijn wat ons betreft gewoon militairen.

Hans Folmer, directeur van het Defensie Cybercommando

Om de digitale dreigingen beter het hoofd te bieden, is Defensie daarom aan een opvallende samenwerking begonnen met de Nederlandse IT-sector. Het leger werft samen met brancheorganisatie FME reservisten die een civiele baan hebben bij een technologiebedrijf, maar hun expertise als militair kunnen inzetten als het leger ze nodig heeft.

De risico's van samenwerking met medewerkers van commerciële bedrijven zijn beperkt, zegt DCC-chef Folmer. "Reservisten zijn wat ons betreft gewoon militairen. Ze zijn ook gescreend. We moeten natuurlijk sommige dingen geheimhouden. Maar er is een verschil tussen geheimzinnig en een zinnig geheim. Ze mogen best wat weten."

De fictieve aanval op Tytan is voor de NAVO-oefening in kaart gebracht NAVO

Digitale oorlogvoering is een groeiende zorg voor bedrijven en overheden. Waargebeurde voorbeelden van grootschalige digitale aanvallen zijn er genoeg. Zoals de hack die in 2014 de boeken inging als de grootste hack ooit, waarbij ook e-mailadressen van defensiemedewerkers werden gekraakt. Of de grote computeraanval op overheidscomputers in Saudi-Arabië.

Bij zulke aanvallen zijn de belangen van bedrijven en overheden steeds vaker met elkaar verwikkeld. Neem de digitale mokerslag die Estland in 2007 moest incasseren, toen niet alleen de websites van de Estse regering, maar ook die van landelijke media en banken werden stilgelegd. Wat de aanleiding van de aanval was, is officieel niet duidelijk. Maar vele vingers wijzen naar de Russen, die ontstemd waren over de plannen om een Sovjet-monument in de Estse hoofdstad Tallinn te verwijderen. 

STER Reclame