ANP

De bekendmaking door het OM dat mogelijk een of meer fractievoorzitters hebben gelekt uit de commissie Stiekem kan verstrekkende gevolgen hebben. Volgens Paul Bovend'Eert, hoogleraar staatsrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen, ligt de bal nu bij de Kamer en volgt een unieke procedure. 

Bij schending van de geheimhoudingsplicht, een ambtsmisdrijf, treden artikel 119 van de Grondwet en 272 van het Strafrecht in werking. Dat betekent dat het OM niet mag vervolgen, zegt Bovend'Eert. 

De zaak wordt nu overgedragen aan de Tweede Kamer. "Die kan de zaak laten rusten, maar dat zou een vreemde indruk maken", zegt politiek verslaggever Dominique van der Heyde. Het ligt meer voor de hand dat de Kamer besluit een commissie in te stellen die onderzoek gaat doen. De commissie rapporteert aan de Kamer, waarna die besluit of iemand wordt vervolgd. Daarover beslist een normale meerderheid in de Kamer.

Als iemand wordt vervolgd, moet hij of zij direct voor de Hoge Raad verschijnen. Er is niet eerst een zaak bij een rechtbank en gerechtshof.

Jaar celstraf

Bij de Hoge Raad buigen zich tien rechters over de zaak. Bij andere zaken zijn drie of vijf rechters aanwezig. De maximumstraf is een jaar celstraf of een boete van de vierde categorie, maximaal 20.250 euro. 

"Los daarvan betekent een veroordeling natuurlijk het einde van iemands politieke carrière", zegt Van der Heyde. 

Hoogleraar Bovend'Eert zegt dat er tegen de uitspraak in Nederland geen beroep mogelijk is. Iemand kan hooguit nog naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. 

Bovend'Eert wijst op het feit dat de Kamer beslist over de vervolging van een van haar eigen leden. Dat biedt bescherming: politici kunnen niet zomaar "te pas en te onpas" worden vervolgd. Maar het is ook een beetje een geval van "de slager keurt zijn eigen vlees".

STER reclame