NOSop3

Mick heeft een leven gered, maar van wie?

Aangepast
NOS
Geschreven door
Michael de Smit
verslaggever

Begin september kreeg hij het telefoontje. Hij vormde een match met een patiënt die zijn stamcellen nodig had voor een behandeling tegen een auto-immuunziekte.

De 19-jarige Mick Landman stond toen net een jaar ingeschreven in de stamcellendatabank. Na wat onderzoeken kon hij 18 december in het ziekenhuis zijn stamcellen doneren. Een vrij eenvoudig proces van een paar uur.

Het is voor mij zo'n kleine moeite​, terwijl ik er iemand gigantisch mee help. Anders was hij nu misschien wel dood.

Mick Landman - stamceldonor

Vanaf vandaag krijgen 190.000 jongeren die dit jaar 18 worden een brief van het ministerie van VWS met de vraag of ze zich, net als Mick, willen aanmelden voor de stamcellendatabank.

Bekijk in de video hieronder het verhaal van Mick.

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Stamcellen doneren is niet eng

"Ik weet niet wie mijn stamcellen gekregen heeft. Alleen dat het om een 57-jarige man met een auto-immuunziekte gaat", zegt Mick. Hij vindt het wel jammer dat hij niet weet wie hij heeft geholpen; "Ik mag hem wel in het Engels een brief schrijven, maar die wordt geanonimiseerd."

Het is niet toegestaan om de gegevens van patiënt en donor bekend te maken. Wel krijgt Mick over een tijdje te horen of de behandeling is aangeslagen.

Er is een aanhoudende behoefte aan donoren om patiënten met leukemie of een andere bloedziekte te helpen. In ongeveer de helft van de gevallen kunnen zij na behandeling met stamcellen van een geschikte donor genezen.

In Nederland beheert de stichting Matchis de databank. Zij zijn maar wat blij met iedere nieuwe aanmelding. Helemaal als het om een jonger iemand gaat. "We zien dat hun stamcellen beter aanslaan, dan die van oudere donoren", legt Arnold van der Meer uit. Hij is immunoloog aan het Radboudumc in Nijmegen en gebruikt de databank regelmatig om zieke patiënten aan potentiële donoren te koppelen.

Arnold van der Meer haalt stamcellen uit het stikstof voor onderzoek NOS

Het is geen gemakkelijke zoektocht. De kans op een match is vrij klein vanwege allerlei verschillende eigenschappen in het bloed. Afkomst speelt daarbij een rol. "In de databank staan relatief veel Amerikanen en West-Europeanen ingeschreven, maar zelfs voor hen kunnen we soms geen geschikte donor vinden", aldus Arnold van der Meer.

Wereldwijd staan er nu 32 miljoen mensen in de databank. 190.000 komen er uit Nederland. Dat zijn er nog te weinig. Er worden in ons land per jaar maar zo'n 120 mensen opgeroepen om daadwerkelijk stamcellen te doneren. De meeste kans op een passende match heb je met familie, en dan vooral met broers of zussen, maar dan nog is de kans op een passende match maar 30 procent.

Te weinig donoren

Mick Landman hoopt dat de brief aan de 18-jarigen iets oplevert. "Als meer mensen zich inschrijven, is de kans op een match natuurlijk ook veel groter." Nadat hij het telefoontje had gekregen dat iemand zijn stamcellen nodig had, moest Mick zich vier dagen injecteren om meer stamcellen aan te maken. Op de dag van de donatie lag hij vier uur aan een apparaat dat zijn cellen uit zijn bloed filterde.

"Dat was alles", zegt de pabo-student. Toen hij zijn verhaal aan vrienden vertelde, hebben drie van hen zich ook ingeschreven. "Dat was mijn winst", zegt Mick lachend.