NOSop3

Foodfestivals rijzen nu echt de pan uit: waarom eigenlijk?

Aangepast
ANP

Foodfestivals, ze lijken inmiddels elk weekend wel plaats te vinden. Vorig jaar werden er in Nederland 260 edities van 153 foodfestivals georganiseerd, blijkt uit cijfers van de Festivalatlas.

Zeventig foodfestivals vonden voor het eerst plaats, waarmee eetfestijnen harder groeien dan muziek- of filmfestivals. Waarom wordt door organisatoren juist zo ingezet op culinaire festivals?

Laagdrempelig

Festivals reageren op consumentenbehoeften, legt lector crossmedia aan de Hogeschool van Amsterdam Harry van Vliet uit. Vanuit de bezoeker vindt hij het dus wel te verklaren dat er zo veel foodfestivals zijn.

"De toegang tot de meeste foodfestivals is gratis, dat maakt het laagdrempelig", legt Harry uit. "En ze worden georganiseerd op plekken ín de stad: in het stadspark of op het marktplein. Je hoeft er dus niet ver voor te reizen."

Waar vonden de meeste (nieuwe) foodfestivals plaats?

Laagdrempelig voor consumenten dus, maar hoe lucratief is het voor organisatoren? We vragen het Willem Oud (26), die dit jaar voor de vierde keer een foodfestival in Hoorn organiseerde.

"Ik zag het in de Randstad en dacht: waarom hebben wij dat niet in Hoorn? Met weinig ervaring is hij het zelf gaan opzetten. "Dat is goed uitgepakt, maar het is zeker geen melkkoe."

Volgens Willem is het organiseren van een festival een groot risico, juist doordat het festival gratis is. "Je kunt net zo goed naar het casino gaan. Vooral de promotie is een flinke kostenpost. En de datum ligt al maanden vast. Heb je slecht weer, dan heb je pech."

Willem Oud Willem Oud

Vorig jaar had Willem storm en kostte het festival hem geld. "Dit jaar had ik één dag mooi weer. Dan hou je net een beetje over. Heb je drie dagen mooi weer, dan is het pas een goed verdienmodel."

Ook merkt Willem dat door de toenemende concurrentie het speciale er wel vanaf is. "In het eerste jaar kwamen mensen uit Friesland of verder ook even kijken. Nu kun je overal naar een foodfestival."

Marjan de Reus en haar man Frederic Holaind bij hun Crepes-Mobiel Eigen foto

Meer festivals, betekent ook meer werk voor foodtrucks. Zelfs in het buitenland is er vraag naar Nederlandse kookwagens. Dat was wel anders toen Marjan de Reus tien jaar geleden met haar man als een van de eersten een foodtruck begon.

"In het begin was het moeilijk", vertelt Marjan. "Maar na een tijdje ging het beter lopen." Inmiddels kan Marjan goed leven van de foodtruck. Maar daarvoor staan zij en haar man ook op markten, muziekfestivals en op bedrijf- en privéfeesten.

Vorig jaar volgden we pannenkoekenbakker Ariënne

Maar, het blijft altijd onzeker, zegt Marjan. "Je moet er er erg veel uren in willen steken. Afgelopen week hebben we minimaal honderd uur gewerkt aan en op Rollende Keukens. En we zijn nu alweer aan het voorbereiden voor het volgende festival."

Dat er zoveel nieuwe festivals bijkomen ziet Marjan als iets positiefs. "Dat betekent werk voor iedereen." Wel merkt ze dat foodtrucks onderling veel kopiëren. "Maar pas als je met passie echt lekker eten maakt kun je slagen. Met een plofkip kom je er niet."