Annemiek Rens in het depot van het Drents Museum Nieuwsuur
Nieuwsuur

Het is nog altijd slecht gesteld met het aandeel vrouwelijke kunstenaars in de collecties van Nederlandse musea. Maar zelden komt dat boven de twintig procent uit.

Het onderwerp staat hoog op de agenda in de kunstwereld. Met collectieonderzoek en het gericht kopen en exposeren van kunst van vrouwen, proberen musea de vrouwelijke kunstenaar meer plek aan de wand te geven.

'Vrouwelijke kunstenaars kregen minder kansen'

In het depot van het Drents Museum trekt hoofdconservator Annemiek Rens een willekeurig rek met schilderijen tevoorschijn. "Volgens mij zijn dit allemaal mannen." In één oogopslag wordt duidelijk hoe ongelijk de man-vrouwverdeling is.

Rens deed onderzoek naar de eigen collectie rond 1900. Ongeveer een vijfde deel van de kunst bleek door vrouwen gemaakt, nog een relatief hoge score. "Vrouwelijke kunstenaars kregen minder kansen", legt Rens uit. "Pas eind negentiende eeuw mochten ze naar de kunstacademie."

Een uitzondering en een mooie vondst uit Rens' onderzoek is Thérèse Schwartze (1851-1918). "Zij schilderde de koninklijke familie, kreeg prijzen en exposeerde in binnen- en buitenland."

Nul vrouwen in standaardwerk

De ongelijke man vrouw-verdeling in de kunst speelt nog steeds, merkte Nicole Ex. Als hoofdredacteur van het kunsttijdschrift See all this maakte ze onlangs het vuistdikke nummer 'Pretty brilliant, 379 women in the art'. Bekende namen als Georgia O'Keeffe en Marlene Dumas worden daarin afgewisseld met minder bekende namen.

"Dit overzicht was nodig", zegt Ex. "Ik ontdekte dat er in 'History of Art', het standaardwerk voor kunsthistorici, geen enkele vrouw staat. Dat betekent dus dat we steeds naar kunst hebben gekeken met één oog dicht. Kunsthistorici zijn opgevoed met de halve waarheid."

Tegenwoordig is het merendeel van de studenten op de kunstacademies vrouw, maar vrouwen worden daarna nog altijd veel minder vaak door een galerie vertegenwoordigd. Ex: "En in musea blijkt gemiddeld dertien procent van de kunstwerken op zaal door een vrouw te zijn gemaakt. Men zegt te kiezen voor kwaliteit, maar in de praktijk kiest men eerst voor mannen."

Ook voor de opkomende kunstenaar Raquel van Haver (1989) is dit de harde realiteit. Ze exposeert in binnen- en buitenland, verzamelaars kopen haar werk en ze had in 2019 een solo-expositie in het Stedelijk Museum Amsterdam. Toch merkt ze dat ze veel meer haar best moet doen dan haar mannelijke collega's.

"Ik loop aan tegen het feit dat ik vrouw ben en kunstenaar van kleur, terwijl ik natuurlijk gewoon kunstenaar ben. Ik moet harder schreeuwen en er zijn vooroordelen. Zo wordt me vaak gevraagd of ik het werk wel echt zelf heb gemaakt en of het niet heel zwaar werk is voor een vrouw."

Ook wordt er onbekommerd geïnformeerd of Van Haver misschien een gezin wil starten. Zo niet, dan blijkt de investering in haar onbetwiste talent plots toch minder aantrekkelijk. "Dat is pijnlijk."

Vrouwen werden vaak uit de geschiedenis geschreven.

Jenny Reynaerts, conservator Rijksmuseum

Ondertussen werken musea wel hard aan meer inclusiviteit. Sinds Internationale Vrouwendag op 8 maart hangen Judith Leyster, Gesina ter Borch, en Rachel Ruysch in de Eregalerij van het Rijksmuseum. "Hun werk doet bepaald niet onder voor hun 17de-eeuwse collega's Vermeer en Rembrandt", zegt conservator Jenny Reynaerts.

Leyster gold in haar tijd als geduchte concurrent van Frans Hals en was de enige vrouwelijke meesterschilder van de 17de eeuw. Reynaerts: "Vrouwen trouwden nu eenmaal, kregen kinderen en bestierden het huishouden. Ze werkten vaak vanuit huis en deze 'amateurs', zoals ze later werden genoemd, zijn niet meegenomen in het hele verhaal over kunst in de 17de eeuw."

Paternalistisch

Nog een reden voor de ondervertegenwoordiging van vrouwen is dat de kunstgeschiedenis pas in de 19de eeuw ontstond en door mannen werd uitgeoefend. Deze kunstcritici keken vooral naar mannelijke schilders met een atelier en opdrachtgevers. Reynaerts: "De tijd was behoorlijk paternalistisch. Je ziet dat vrouwen vaak uit de geschiedenis werden geschreven."

Musea proberen vrouwelijke kunstenaars nu wél deel uit te laten maken van de geschiedenis. "Alle musea zijn ermee bezig, het lijkt wel een revolutie", zegt Annemiek Rens. Haar Drents Museum presenteert een jaar lang tentoonstellingen van vrouwelijke makers, onder wie de wereldberoemde Frida Kahlo.

Verder komen onder meer Singer Laren, Museum Dr8888 en Museum De Wieger met een thema-overzicht van vrouwelijke kunstenaars. En meerdere musea zeggen dat ze nu een meer op vrouwen gericht aankoopbeleid hebben.

"We maken een inhaalslag", zegt Reynaerts, van het Rijksmuseum. "Je zult de ongelijkheid in collecties nooit helemaal rechttrekken, dat zou historisch niet juist zijn. Maar we willen vrouwelijke rolmodellen geven voor de jonge meisjes die in ons museum komen."

Ook Nicole Ex van See all this heeft een missie. Komende jaren maakt zij nog twee vrouwenedities, die samen met het eerste nummer een vrouwelijke tegenhanger van 'History of Art' vormen. "Dan hebben we wat eerst maar half was, weer heel gemaakt."

De genoemde exposities zijn (deels) te zien zodra de musea weer open mogen.

STER reclame