Nieuwsuur

Door Joost Oranje, hoofdredacteur Nieuwsuur

Wat moet een journalist als hij stuit op staatsgeheime informatie? Natuurlijk, ook bij Nieuwsuur doen wij niets liever dan zaken die verborgen moeten blijven, onthullen. Maar als de overheid het stempel 'staatsgeheim' gebruikt, is er op z'n minst reden daar goed over na te denken.

Komen er door een publicatie bijvoorbeeld mensenlevens in gevaar? Wat doet dat met je afweging zaken al dan niet te publiceren? En ben je bereid zes jaar detentie te riskeren, de straf die staat op het onthullen van staatsgeheimen.

Hoofdbrekens voor een hoofdredacteur, die gelukkig niet dagelijks voorbijkomen. Toch is het bij ons actueel, omdat het begrip 'staatsgeheim' een belangrijke rol speelt in ons onderzoek naar de steun van het kabinet aan Syrische strijdgroepen, het zogenaamde NLA-programma.

Het gaat om dit onderzoek dat we samen met Trouw doen en waar we al een flink aantal reportages over hebben gemaakt. De kern: het kabinet gaf hulp aan Syrische groepen, beloofde de Tweede Kamer dat die groepen 'gematigd' zouden zijn, dat dat goed gemonitord zou worden en dat de hulp 'civiel' zou zijn.

Maar dat bleek iets anders te liggen. Ons onderzoek toonde aan dat de gesteunde groeperingen samenwerkten met extremistische en terroristische groepen. Ze maakten zich schuldig aan martelingen, verkrachting, standrechtelijke executies en het willekeurig bestoken van woonwijken met 'blinde' raketten.

Bezwaren

De goederen die werden geleverd konden moeilijk allemaal als 'civiel' worden bestempeld. Nederland wist hiervan, maar zette de steun door, ondanks waarschuwingen van Amnesty en de VN. Bovendien bleken juristen, onder wie de volkenrechtelijk adviseur van de regering, volkenrechtelijke bezwaren te hebben over het hulpprogramma.

De hele kwestie is nog steeds onderwerp van debat in zowel Kamer als rechtszaal. Over dat laatste aspect maakten we afgelopen donderdag nog deze reportage:

Vervolging Syriëgangers belemmerd door steunprogramma BuZa

De uitkomst van het onderzoek heeft inmiddels ook juridische gevolgen, bijvoorbeeld in zaken waarin het OM teruggekeerde Syriëgangers vervolgt. Justitie ziet sommige groepen als terreurorganisatie. Terwijl diezelfde groepen steun kregen of door Buitenlandse Zaken (BZ) als 'gematigd' werden bestempeld. Dat kan natuurlijk niet, betogen de advocaten van de verdachten.

Nog steeds weten we niet alle feiten. Dat komt omdat het debat met de handen op de rug moet worden gevoerd, want het kabinet heeft veel gegevens als 'staatsgeheim' bestempeld. Dat kan natuurlijk. Het is gevoelige materie. Maar in dit dossier ontstaat toch de indruk dat het stempel wordt gebruikt om informatie die men liever niet deelt, toch geheim te houden.

Per abuis

Daar zijn nogal wat aanwijzingen voor. Om te beginnen deze zomer, toen wij de research begonnen naar het NLA-programma. Plotsklaps werd ons verteld dat veel informatie 'staatsgeheim' was verklaard (daarvoor was het slechts 'vertrouwelijk', een heel andere kwalificatie).

Curieus werd het toen wij verder gingen speuren. Want sommige gegevens waren gewoon openbaar. Zo vonden we de 'staatsgeheime' namen van bedrijven die hielpen met de hulpverstrekking gewoon in de BZ-begroting. En leiders van de strijdgroepen bevestigden openlijk de steun. Tot overmaat van ramp zette het ministerie per abuis enkele tot staatsgeheim verklaarde informatie online, nadat wij stukken hadden opgevraagd met een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur. Gister kwam er in de rechtbank nog iets bij.

Minister Stef Blok houdt steeds vol dat hij niet in wil gaan op de vraag welke groepen 'al dan niet' gesteund zijn. Want het is staatsgeheim. Gister, in de rechtszaal, kwam die vraag opnieuw aan de orde. En toen bleek dat diezelfde minister Blok tegen Justitie heeft gezegd dat een van de strijdgroepen, waar twee verdachten aan verbonden zouden zijn, niet gesteund is.

Opmerkelijk. Waarom kan deze informatie wel in een openbare rechtszitting worden verstrekt en, vanwege het staatsgeheime karakter, niet in het openbare debat in de Kamer of aan de pers?

Blootleggen

Vanuit journalistiek perspectief zorgelijk. Het label 'staatsgeheim' schept zware verplichtingen voor de overheid. Het is een eenzijdige, niet te controleren stap. Niet een middel dat je inzet omdat het je als overheid goed uitkomt om informatie te onthouden aan journalisten.

Gelukkig hebben wij een paar keer kunnen blootleggen hoe het wèl zat. Maar er blijven vragen over. En wij blijven onderzoeken. Waarbij we ervan uitgaan dat we werken met een integere overheid. Dat we daar twijfels over moeten uiten, is best bedenkelijk.

Deze bijdrage van de hoofdredactie is ook onderdeel van onze wekelijkse nieuwsbrief 'Het Beste van Nieuwsuur'. Onze beste reportages, interviews, onthullingen en duiding. Elke zondagochtend, handig en overzichtelijk in je mail.

Abonneren kan hier.

STER reclame