Nieuwsuur Binnenland

Kraamstal én sterfhuis: ruim 5 miljoen biggen halen de slacht niet

Nieuwsuur

Het is een aantal waar je stil van wordt: jaarlijks sterven ruim vijf miljoen biggen in de Nederlandse varkensstallen. Ze worden doodgeboren of overlijden in de eerste maand, omdat ze te licht of te zwak zijn. Biggen bedoeld voor de slacht halen die slacht dus nooit.

In 2009 ontstond ophef over de biggensterfte toen bleek dat sommige biggetjes nog levend in de afvalbak belanden. De politiek eiste actie en toenmalig minister van Landbouw Gerda Verburg (CDA) zei in de Tweede Kamer: "De biggensterfte kan naar beneden en moet ook naar beneden."

De varkenssector richtte een stuurgroep op om de zaak te bestuderen en kwam met een plan van aanpak. Het percentage biggen dat doodgeboren werd of in de eerste maand stierf, was destijds 12,8 procent. Nu, tien jaar later, blijkt de biggensterfte juist verder te zijn gestegen in plaats van gedaald.

Volgens de meest recente cijfers (2017) ligt het percentage op 13,3 procent. In 2017 ging het om 5.389.606 biggetjes, in de 1500 kraamstallen in ons land. Nieuwsuur volgde op de boerderij van varkenshouder Theo Vernooij in het Gelderse Nijkerk het korte leven van enkele pasgeboren biggen.

Ruim 5 miljoen biggen halen de slacht nooit

Waarom lukte het niet de biggensterfte terug te dringen? Sommige onderzoekers wijzen naar de hoeveelheid biggen die een zeug krijgt. Die is door fokprogramma's flink gestegen. Een zeug heeft zestien tepels, maar een worp van twintig biggen is nu normaal. Voor een boer geldt dat elke levende big extra geld oplevert.

De varkenssector stelt dat een verband tussen de zogeheten 'toomgrootte' en biggensterfte niet is aangetoond. Voer, de zorg in de stal en het vakmanschap van de boer zijn belangrijker, zegt Linda Janssen van de Stuurgroep Bigvitaliteit. Hoe dan ook, het is dus niet gelukt het eigen doel van minder biggensterfte te halen.

Janssen benadrukt dat er door fokkerijen en varkensbedrijven wel heel hard aan is gewerkt. "Volgens mij hebben we de zorg rondom de geboorte enorm verbeterd en werpen onze zeugen vitalere biggen. Maar de cijfers laten inderdaad zien dat het ons niet gelukt is om het uitvalpercentage te laten dalen."

Meer betalen voor vlees

Drie jaar geleden, toen ook alarm werd geslagen over de hoge biggensterfte, dreigde het kabinet het aantal biggen per worp te beperken. De varkenssector beloofde opnieuw beterschap. Maar in het nieuwe plan van aanpak uit 2016 staat niet langer welk percentage de sector nastreeft.

"Misschien is de ruim 13 procent van nu wel het best haalbare", stelt Janssen. Volgens dierethicus Bart Gremmen van Wageningen University & Research is een daling tot zo'n 7 procent wel degelijk mogelijk, maar moet de consument dan bereid zijn meer voor zijn vlees te betalen.

"Het zou goed zijn als mensen beseffen dat wij zelf eigenlijk de aanstichter hiervan zijn. Boeren krijgen nu veel te weinig voor hun product, waardoor ze ook niet kunnen investeren terwijl ze dat wel zouden willen. Dat zou denk ik veel dode biggen schelen", zegt Gremmen.

Bekijk hieronder de volledige reportage:

Varkenssector beloofde beterschap, maar biggensterfte blijft een probleem

STER reclame