Nieuwsuur

Bepaalt een kleine mannenkliek het kankeronderzoek in Nederland?

Aangepast
ANP

Het nieuwe Oncode Institute, een virtueel samenwerkingsverband waarin een groep kankerwetenschappers de krachten bundelt, krijgt kritiek. Volgens de critici, waaronder NRC-columnist en microbioloog Rosanne Hertzberger, is het oude wijn in nieuwe zakken.

Het groepje mannelijke wetenschappers in Oncode zou vooral ouwe-jongens-krentenbrood zijn. "Er is sprake van nepotisme. Er is sprake van vriendjespolitiek. En dat is niet goed voor het onderzoek", zegt Hertzberger.

Het virtuele instituut dat de expertise van negen kankerinstituten samen moet brengen, werd deze week door koningin Máxima geopend. Nederlandse toponderzoekers moeten er intensief gaan samenwerken en de bedoeling is dat nieuwe behandelingen en medicijnen eerder beschikbaar zijn voor patiënten.

Het samenwerkingsverband krijgt de komende vijf jaar 120 miljoen euro subsidie.

Ze zijn goed met muizen en weefsels, maar niet met mensen.

Rosanne Hertzberger, columnist en microbioloog

"Ik zag de opening via een livestream van KWF Kankerbestrijding op Facebook", zegt Hertzberger. "Men sprak over samenwerking, over innovatie, over hoe trots we wel niet mogen zijn op Nederland en vooral over hoop. De koningin zag er spetterend uit. Er viel geen onvertogen woord. Het was een prachtig vormgegeven toneelstuk. Men sprak over een nieuw tijdperk in kankeronderzoek en toch kreeg ik sterk het gevoel dat er helemaal niets was veranderd."

Kankerpausen

Oncode is een initiatief van Hans Clevers, oud-voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en hoogleraar in Utrecht. Clevers reageert op de kritiek van Hertzberger: "Ze weet niet goed hoe het in elkaar steekt. Ze doet het voorkomen als een sfeer van ouwe-jongens-krentenbrood. Van vijf mannen die onderling het geld verdienen, kankerpausen. Maar niets is minder waar."

Clevers geeft toe dat niet alle universiteiten in Nederland bij het initiatief zijn betrokken. "Groningen en Maastricht vallen buiten de boot. Dat is niet anders. We moesten selectief te werk gaan om effectief te zijn. Maar het is pertinent niet zo dat vijf mannen er nu met een grote geldbuidel vandoor gaan. We verdelen het geld hier onder veertig medewerkers."

Nederlandse vrouwen willen niet beulen.

Hans Clevers, oncoloog

"Geen van de heren gaat ooit naar een patiënt", zegt Hertzberger. "Ze zijn goed met muizen en weefsels, maar niet met mensen. Dat gebeurt al dertig jaar zo. Het is al dertig jaar 'Hans Clevers and friends'. Wat is er nu veranderd bij Oncode Institute?"

Clevers geeft Hertzberger op het punt van de mannen voor een deel gelijk. "De gender balance is bij ons een probleem. Maar het ligt aan de vrouwen. We hebben veel jonge vrouwen met potentie, maar als puntje bij paaltje komt, haken ze af. Daar kunnen wij (de mannen) niets aan doen. Nederlandse vrouwen willen niet beulen", zegt Clevers.

"Kijk, dit is een zeer competitieve business. We concurreren met de Chinezen, met de Amerikanen. Landen waar onderzoekers minder vakantie hebben dan in Nederland en meer weekuren draaien. Als wij willen concurreren - en dat willen we - moeten we ons werkritme aanpassen."

"Wat maakt het nou uit, waar een medicijn wordt aangeboden? In Nederland of in China of in Amerika", zegt Hertzberger. "Het klinkt mooi om het in Nederland te houden, maar een kankerpatiënt heeft er niets aan. Die maakt het niet uit. Hij wil gewoon zo snel mogelijk een medicijn dat werkt."

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Bepaalt een kleine mannenkliek het kankeronderzoek in Nederland?

Naschrift Hans Clevers:

Als voorbereiding op het gesprek met Rosanne Hertzberger, sprak ik met Nieuwsuur-verslaggever Menno de Galan over de vele kritiekpunten op Oncode in Hertzberger's column van die dag. Een van die onderwerpen betrof de gender balance. Los van het feit of ik me zo heb uitgedrukt in het gesprek, mist nu de maatschappelijke context. En die is:

Ik zie in mijn vak steeds weer dat vrouwen en mannen volledig gelijk opgaan als student, promovendus en postdoc, maar dat in de stap daarna een enorme disbalans ontstaat, precies op het moment dat er gekozen moet worden over een gezonde verdeling tussen werk en een jong gezin. Een belangrijke oorzaak van die disbalans is in mijn waarneming gelegen in een typisch Nederlands sociaal-cultureel fenomeen.

De medische wetenschap is volledig internationaal; de belangrijkste bewegingen vinden plaats in landen als de VS, Japan en in toenemende mate in China. In de VS hebben onze collega's 1-2 weken per jaar vakantie en niemand werkt parttime. Nederlanders compenseren het fors lagere aantal gewerkte uren/jaar door een uniek vermogen tot efficient samenwerken, maar iedere wetenschapper weet dat in deze internationale arena succes uiteindelijk het resultaat is van hard werken. De sociale druk op vrouwen -en veel minder op mannen- tussen de 30 en 40 om tijd voor het gezin vrij te maken op weekdagen is groot. Het begint al bij de creches die afraden dat kinderen 5 dagen bij hen vertoeven en bij HR medewerkers die vragen hoeveel dagen de aanstaande moeder bij terugkomst wil gaan werken. Dit is niet hoe kinderopvang elders in Europa is georganiseerd, laat staan in de VS.

We maken ons terecht zorgen over gender balance in de wetenschap. Als we dat willen veranderen, dan moeten we de oorzaken daarvan begrijpen. Uit het verleden kennen we -ook in de wetenschap- een dominante mannencultuur. In mijn waarneming maakt deze cultuur de laatste 10-20 jaar snel plaats voor een veel opener systeem, hoewel vrouwen nog steeds schrijnende voorbeelden van uitsluiting kunnen geven. Maar mijns inziens ligt de belangrijkste oorzaak op dit moment in onze samenleving: de disbalans tussen acceptatie van de ambities van een getalenteerd vrouw versus die van een getalenteerde man. Natuurlijk maakt uiteindelijk ieder individu zijn of haar eigen keuze over een gezonde levensbalans. Maar het speelveld waarin die keuze gemaakt moet worden is voor vrouwelijke en mannelijke wetenschappers in Nederland niet gelijk.

Hans Clevers

STER Reclame