Nieuwsuur
ANP

Het loont voor een verdachte in een rechtszaak over georganiseerde misdaad om in hoger beroep te gaan. De straf bij het gerechtshof in hoger beroep is in zo'n zaak gemiddeld negen maanden lager dan de oorspronkelijke straf van de rechtbank.

Dat blijkt uit een onderzoek van de Erasmus School of Law naar rechtszaken op het gebied van de georganiseerde misdaad.

De reden dat het hof lagere straffen oplegt, is dat rechtszaken vaak te lang duren. En de rechter vindt dat het OM soms maar een deel van de misdrijven kan bewijzen.

Verstandig

Criminoloog Karin van Wingerde heeft in opdracht van het onderzoeksprogramma Politie en Wetenschap 444 strafdossiers bekeken. "Als je puur naar onze cijfers zou kijken, is het heel verstandig om in hoger beroep te gaan."

Als je puur naar onze cijfers zou kijken, is het heel verstandig om in hoger beroep te gaan.

Criminoloog Karin Van Wingerde

"De reden van de lagere straf is vaak dat de rechter het bewijs niet toereikend vindt", zegt Van Wingerde. "Dat kan ermee te maken hebben dat de officier van justitie veel feiten op de tenlastelegging plaatst in de hoop dat dat tot een veroordeling leidt. Feiten die niet allemaal even sterk zijn."

Hoofdofficier Westerbeke van het Landelijk Parket kan zich daarin deels vinden. "Er zijn echt wel zaken waarvan we achteraf zeiden: als we dat strafbare feit niet ten laste hadden gelegd, hadden we de zaak veel sneller tot een goed einde kunnen brengen", zegt hij. "Maar in de meeste strafbare zaken leidt een strafzaak wel tot een veroordeling of een gedeeltelijke veroordeling."

Langdurig proces

Ook kan de lange duur van een proces reden zijn voor een lagere straf. In bijvoorbeeld witwaszaken kost het soms jaren om verdachten voor de rechter te brengen.

De rechter kijkt daarbij ook naar het belang van de verdachte. "Er zijn ook mensen die in hoger beroep een hogere straf krijgen en terug moeten naar de gevangenis. En er zijn mensen die niet meer terug hoeven te komen omdat de rechter zegt dat het om vergelding gaat", zegt de Amsterdamse rechter Michiel de Ridder, voorzitter van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht.

"Iemand heeft dan bijvoorbeeld een deel van de straf in de gevangenis doorgebracht en er is dan een alternatief waardoor hij door kan gaan met zijn ontwikkeling buiten de gevangenis. Dat doen we dan liever."

Een werkstraf zou bijvoorbeeld volgens hem goed werken. "Het voorkomt recidive en het geeft toch het gevoel dat mensen voldoende straf hebben gekregen."

Met minder mensen moeten wij meer van dit soort criminaliteit aanpakken.

Fred Westerbeke

De bezuinigingen van de afgelopen tijd bij het OM en de rechterlijke macht zijn er een oorzaak van dat strafzaken langer duren dan voorheen. Met minder geld moeten het OM, de politie en de rechters de strijd aangaan met misdaadbendes die steeds professioneler worden.

"Met minder mensen moeten wij meer van dit soort criminaliteit aanpakken en dat heeft effect gehad", aldus Westerbeke.

"Heel verstandig om in hoger beroep te gaan."

STER reclame